|
||||
| Publiceer je gedicht in Meander en bereik duizenden lezers | ||||
|
Annemieke Woudt: kinderboeken en liedteksten
|
||||
|
directe link voor dit item: meandermagazine.net/l/?txt=513 |
door Jan Boonstra op 22-04-2005 | |||
|
Jan Boonstra interviewt Annemieke Woudt.
|
Citaat van Annemieke Woudt:
'Het fenomeen van literatuur op internet vind ik echt een van de
voordelen van dit medium: interessante dingen worden voor grote groepen
mensen toegankelijk. Dat brengt een hoop pulp met zich mee, maar als
je de pareltjes zoekt kun je ze ook vinden en dat is voor heel wat
mensen die snel iets willen opzoeken of de deur niet makkelijk uit
kunnen een geweldige verrijking.'
Leeslijn is een leesmethode voor het basisonderwijs. Het geheim van Karlijn en Karlijn als kapitein zijn de titels van twee door Annemieke Woudt geschreven en door Alice Hoogstad geïllustreerde kinderboeken, die nu door uitgeverij ThiemeMeulenhoff zijn heruitgegeven. In 1991 zijn beide boekjes voor het eerst verschenen. De uitgeverij, Meulenhoff Educatief, was toen nog niet gefuseerd met Thieme en zat, als onderdeel van een groter geheel, in hetzelfde Amsterdamse grachtenpand als de literaire uitgeverij J.M. Meulenhoff. In 2001 vonden afscheiding, fusie en verhuizing plaats. 'De methode Leeslijn loopt nog steeds en is onlangs “in een geheel nieuw jasje gestoken” zo deelde de uitgeverij mij mede,' vertelt Annemieke Woudt. 'De vormgeving van omslag en titelpagina en de daarop vermelde gegevens zijn veranderd en aangepast aan de situatie van het moment.' Ze heeft meer kinderboeken op haar naam staan. In het kader van Sail '85 schreef zij in opdracht van de sponsor Postbank (toen nog Postgiro/Rijkspostspaarbank) Alles in de wind. Dit boekje, met illustraties van Fiel van der Veen, schreef ze samen met een vriendin, Mia Verbeelen. Deze is nu verhalenverteller van door haarzelf geschreven verhalen. 'Samen met haar aan dat boek werken was een van de leukste dingen die ik ooit heb gedaan. Het werd in een waanzinnig grote oplage verspreid,' vertelt Annemieke. Hun kinderen zaten op de peuterspeelzaal en samen maakten zij het krantje daarvoor. Uit de daarin door Annemieke geschreven verhalen ontstond Ooievaars op sokken, dat in 1986 verscheen bij Harlekijn, de uitgeverij die Herman van Veen destijds had. Hans van Wouwe illustreerde dat boekje. Als kind fantaseerde Annemieke Woudt zich al 'verhaaltjes bedenkend' in slaap. Zodra ze een pen leerde hanteren, werden de verhalen opgeschreven. Later werkte ze in een kindertehuis en studeerde enkele jaren pedagogie. Op verzoek van een aantal samenwerkende Zaanse basisscholen bedacht ze verhalen die geschikt waren voor het zogenaamde kringgesprek. Dat was toen een betrekkelijk nieuw fenomeen. 'Toen ik nog heel klein was, wilde ik al schrijfster worden. Én kinderarts. Maar in vijf gymnasium bèta viel niet meer te ontkennen dat mijn knobbel voor talen groter was dan die voor natuur-, wis- en scheikunde. Een en ander combinerend lag het nogal voor de hand om voor kinderen te gaan schrijven. Ik vind het nog steeds enig,' aldus de schrijfster. Ze vindt het heel belangrijk dat er aan kinderen wordt voorgelezen. Uit onderzoek is gebleken dat de ontwikkeling van kinderen, op het gebied van taal- en begripsvorming, daardoor wordt gestimuleerd. Kinderen aan wie veel wordt voorgelezen, leren makkelijker lezen. 'Dat heb ik niet bedacht,' voegt ze daaraan toe. 'Het wordt in Psychologie Magazine van maart dit jaar verteld door pedagoge/psychologe Adriane Bus, onlangs benoemd tot hoogleraar. Voorlezen, denk ik verder, prikkelt de fantasie. Kinderen vormen eigen beelden bij een verhaal. Voor degene die voorleest is het ook een grote vreugde. Ik vond het erg jammer toen er een einde kwam aan “het verhaaltje voor het slapen gaan” dat ik mijn eigen zoon voorlas. De intimiteit is op dat moment groot. Ik herinner me dat mijn vader ons elke avond voorlas. We waren dan heel dicht bij elkaar.' Het ene kind verslindt met rode oortjes allerlei spannende verhalen. Zo'n kind was ze zelf. Het andere neemt eerder een boek over dinosauriërs of het heelal. Zo'n kind was haar zoon. Volgens sommige liefhebbers van literatuur 'las hij niet'. Zijn taalbeheersing ontwikkelde zich uitstekend. 'Het was een kind dat heel veel wilde weten en fantasieën gauw saai vond, voorspelbaar. Roald Dahl en Annie M.G. Schmidt doorstonden de saaiheidsproef wél. Laat een kind lezen alsjeblieft léuk vinden. Wij gaan toch ook niet zomaar lezen om het lezen, we willen iets lezen dat ons raakt of boeit,' bepleit Annemieke. Op een gegeven moment is zij toch een andere richting op gegaan. Stoppen met schrijven voor kinderen was voor haar geen keuze. Toen ze in 1993 het vijfde boekje voor Meulenhoff schreef, werd ze heel erg ziek. Daar ondervindt ze tot op heden de gevolgen van. Door concentratieproblemen is het daarna niet meer gelukt langere stukken te schrijven. Anderhalf jaar geleden zat ze een maand alleen in een caravan op een zo goed als uitgestorven camping om weer iets te proberen. Dat leverde dertig pagina's op én het inzicht dat ze zich moet blijven bepalen tot het kortere genre. Ze raakte verdwaald in het donkere bos van haar eigen verhaal. Op verzoek van een muzikant was ze in 1990 begonnen met het schrijven van liedteksten. Dat bleek nog wél te gaan. Ze schreef jarenlang teksten voor Michiel Pos. Hij was de zanger/gitarist/saxofonist van Rob Hoeke. Met Michiel diende ze ook een aantal keren een liedje in voor het Nationaal Songfestival en haalde tot twee keer toe de finale. Ze vindt het een manier om aandacht te krijgen voor je werk. 'De muziekbizz is een moeilijke. Dat is er de laatste jaren niet beter op geworden. Vorig jaar heb ik ook nog ingezonden, met het liedje Zoet of zout, op muziek van mijn vriend Hans Wesseling. Dat is volgens anderen een poëtische tekst. De muziek vind ik heel mooi, het is een soort lyrisch vers geworden. Daarmee kom je niet in het Songfestival. We hadden ook geen uitvoerend artiest voor het liedje en dat was een voorwaarde.' Een paar andere muzikanten die ze erg goed vindt, hebben ook teksten van haar. Helaas blijven die nog op de plank liggen, omdat de platenmaatschappijen geen cd's meer maken van wat zij daar indienen. Zelfs een liedje dat door Astrid Seriese zou worden gezongen, haalde het daardoor niet. ZOET OF ZOUT Ik pluk de woorden uit jouw mond als zeldzame frambozen. Ze zijn zorgvuldig uitgekozen en gerijpt op goede grond. Wat binnen leeft, spreek je niet uit. Je laat je zelden iets ontglippen. Ik proef de zinnen van jouw lippen als teer fruit. Ik pluk de woorden uit jouw mond. Nee, je bent beslist geen prater, maar verrassend helder water met een wondermooie grond. Uit de diepte komt iets mee waar ik even van mag nippen. Ik proef de zinnen van jouw lippen als vruchten van de zee. Zoet of zout, ik proef je zinnen, zeldzaam fruit dat rijpt vanbinnen. Zoet of zout en zeldzaam teer. Het smaakt naar meer. Ik pluk de woorden uit jouw mond als nooit geproefde vruchten en daar moet ik dan van zuchten want ik wist niet dat dit bestond. Als jouw schelpen opengaan kan geen inhoud daaraan tippen. Ik proef de zinnen van jouw lippen. Ik wil ieder woord verstaan. Zoet of zout, ik proef je zinnen, zeldzaam fruit dat rijpt vanbinnen. Zoet of zout en zeldzaam teer. Het smaakt naar meer. © Annemieke Woudt, Zaandam 2003 inzending Nationaal Songfestival 2005 op muziek van Hans Wesseling, geregistreerd bij Buma/Stemra Sinds kort werkt ze samen met de band Soelaas. De componist/gitarist, Markus Ilmari, zet tekst van haar op muziek en omgekeerd maakt zij tekst op melodieën van hem. Met de zangeres en de andere bandleden werkt hij de nummers vervolgens uit. Bij het schrijven van de liedteksten spelen rijm, ritme en klankkleur een belangrijke rol. 'Ik moet zelfs uitkijken dat het ritme niet te dwingend is voor een muzikant die er nog geen muziek op heeft gecomponeerd. Daar probeer ik, net als met rijm, wat losser mee om te gaan.' Ze trekt de lijn door naar het schrijven van gedichten. Dat heeft ze vroeger veel gedaan, zonder enige pretentie, in de tijd voordat ze broodschrijver werd. Het was vooral prettig om te doen. Zelfexpressie zonder publiek. Later is ze nog wel op een cursus gedichten schrijven gegaan, maar dat was meer voor de lol en om onder de mensen te zijn. Ze was toen net terug in de Zaanstreek en kende er behalve haar familie niemand meer. Nog elk jaar worden er in haar familie Sinterklaasgedichten voor elkaar geschreven. Er worden dan ware hoogstandjes verricht. Zo kan het gebeuren dat er een poging tot een sonnet wordt voorgelezen met Sinterklaas. 'Het schrijven van gedichten met een vaste versvorm ligt voor mij het dichtst bij het schrijven van liedjes.' Met liedteksten gaat ze in ieder geval door. Daar heeft ze haar handen vol aan. De band Soelaas is druk bezig met het samenstellen van nieuw repertoire. In haar liedjes zitten eigen ervaringen verwerkt. Ze is van mening dat dat ook haast niet anders kan. 'Je kunt niet schrijven over iets waar je geen voeling mee hebt.' Om erover te schrijven heeft ze wel afstand nodig. Ze schreef menig liefdesliedje zonder verliefd te zijn. 'Dan schreef ik over een denkbeeldige relatie.' Annemieke Woudt groeide tussen de boeken op. Schrijven was net zo gewoon als tekenen. Haar vader was uitgever. Ze mocht al heel jong boeken lenen uit de boekwinkel (drukkerij/uitgeverij) naast de deur en sloop 's avonds in pyjama de schemerige, verlaten boekwinkel in. Ze koos altijd jongensboeken. Meisjesboeken vond ze saai. Er kwamen ook veel schrijvers over de vloer. Cees Buddingh kwam bij hen thuis. Rob van Gennep, de uitgever, herinnert ze zich goed. Ze was al wat ouder toen hij bij haar thuis kwam en ze vond hem buitengewoon charmant. Jan Willem Holsbergen gaf haar zelfs een door hem gesigneerd boek. Haar vader herdrukte De zwarte ruiter van Vestdijk, vroeg W.F. Hermans een boek te schrijven: Erosie en Jan Wolkers liet zijn eerste boek door hem uitgeven: Serpentina's Petticoat. De uitgeverij, J. Heijnis Tz. in Zaandijk (genoemd naar de oprichter) was klein. Jan Wolkers was nog niet bekend. Het boek werd niet best verkocht. Toen Meulenhoff het later uitgaf, werd het een ander verhaal. De boekwinkel werd opgeheven. De uitgeverij verdween daarna. Alleen de drukkerij bleef. Onder zijn eigen naam, Klaas Woudt, gaf haar vader nog een aantal jaren dichtbundels uit. Hij ging vooral veel schrijven toen hij redacteur werd bij Inmerc, een dochteronderneming van Mercurius. De drukkerij ging vanaf 1972 door zonder hem en draait tot op vandaag. Nu werkt haar zoon er. Annemieke kreeg haar eerste schrijfopdrachten van Inmerc. Ze woonde twee jaar in Engeland. Haar vader las haar brieven en zei: 'Je kunt zó voor ons beginnen!' Wie Wat Waar was het eerste boekje. Ze maakte dat samen met haar vader, broer en zus. Het Woudt Collectief noemden ze zichzelf. Haar broer was beginnend journalist. Haar zus deed de vormgeving. Zij is nu vertaler. 'Inderdaad,' geeft ze toe. 'Er is geen ontkomen aan!' Haar vader schrijft nu op zijn 82ste nog steeds. Haar moeder is altijd zijn eerste lezer, redactrice, corrector geweest. Annemieke concludeert: 'Schrijven doe ik, denk ik, vooral omdat ik los lijk te komen van tijd en plaats, als het gaat. Het voelt als een andere staat van bewustzijn, een trance zo je wilt. Je komt heel dicht bij je kern, misschien vang je glimpen op van je ziel. Het geeft dezelfde gelukzaligheid als meditatie. Het ís misschien meditatie, de meest eigen vorm daarvan? Samenvattend kun je zeggen dat ik schrijf omdat ik me er prettig, mezelf bij voel, lichter, opgetild. Het is dan extra prettig als de tekst ook gewaardeerd en gebruikt wordt, maar dat komt erná. Het schrijven geeft op dat moment de vervulling van het schrijven.' Op dit moment is Annemieke Woudt in overleg met de basisschool in haar woonwijk, om te kijken wat ze daar kan doen op het gebied van taalvorming. Als dat loopt, hoopt ze weer voor kinderen te gaan schrijven. Websites: www.leeslijn.nl www.soelaas.nu Annemieke Woudt heeft vanuit de gedachte iets te willen doen met dromen en liedteksten in oktober 2004 een eigen domeinnaam laten registreren: www.dromerij.net (website in voorbereiding). |
|||
|
|
||||

