Een gesprek met Irene Langenfeld

Geïnspireerd door
de website "Around the world in 80 meals" (
www.80meals.blogspot.com)
wil Irene Langenfeld dit jaar bij een aantal dichters thuis de maaltijd
gaan gebruiken. 'Eten met Poëten', zoals haar actie heet, is vorige
week van start gegaan en moet uitmonden in een reeks verslagen op haar
weblog én in een slotfeest aan het eind van 2006, waarvoor alle
poëten die meegewerkt hebben uitgenodigd zullen worden.
"De bedoeling
is dat ik met de dichter datgene eet wat hij gewend is te eten", zo
zegt Irene. "Dus haalt hij iedere avond patat bij de snackbar of laat
hij altijd pizza's bezorgen, dan doe ik vrolijk mee. Ik verwacht echt
geen vijf-gangenmenu, al heb ik daar natuurlijk geen bezwaar tegen...
De hele opzet van deze actie is dat ik meer te weten kom over de dichter
in het algemeen en zijn/haar eetgewoontes in het bijzonder."
Intussen
is ze al gewaarschuwd voor onsmakelijke types in dichtersland en is
haar een sterke maag toegewenst: "Maar ik heb intussen ook gemerkt
dat er wel degelijk culinair onderlegde dichters zijn. En bang om door
mijn actie te dik of juist te mager te worden ben ik niet. Ik weeg
al jaren vijftig kilo schoon aan de haak en mochten de maaltijden erg
karig zijn, dan zal ik mezelf thuis bijvoederen."
Hoopt ze bij dichters
meer rijmende combinaties als ei, prei en balkenbrei, of kaas met varkenshaas
voorgeschoteld te krijgen? "Ha ha, ik verwacht juist allitererend eten
zoals biefstuk, bintjes en bloemkool, of vooraf soep, dan stamppot
en sorbet na! Overigens hoop ik op variëteit, want ik zal op mijn
weblog van elke met een dichter genoten maaltijd verslag doen. Wanneer
ik bij alle dichters vegetarisch te eten krijg of ieder diner uit aardappelen,
groente en vlees bestaat, wordt het op den duur nogal saai. Er zijn
legio mogelijkheden, zoals een picknick in de zomer of een veganistische
maaltijd, én ik heb al een toezegging van een dichter om bij
een daklozencentrum te gaan eten."
Op dit moment is Irene met vijf
dichters in gesprek voor een concrete eetafspraak. Maar helaas heeft
ze ook al een paar afzeggingen binnen, waaronder een van de stads(deel)dichter
van Amsterdam. "Hij vond het een leuk initiatief, maar hij heeft de
komende maanden geen tijd. Jammer, ik denk dat je als stads(deel)dichter
toch een voorbeeldfunctie vervult en bovendien schijnt hij erg lekker
te kunnen koken. Wie weet lukt het later nog..."
Heeft ze ook nog
voorkeuren voor bepaalde dichters? "Ik zou graag bij Bart Chabot willen
gaan eten, met Pierre Wind als kok. Volgens mij wordt dat een zeer
enerverende avond. Ook heb ik de tip gekregen dat Barry Fitton goed
kan koken. Hij ziet er in ieder geval weldoorvoed uit. Een goede kok
hoort een beetje dik te zijn. Een heel magere kok vind ik verdacht."
Zelf
kookt Irene vooral véél. "Ik heb twee zoons, een vriend
met een zoon en vaak komen er nog allerlei vrienden en vriendinnen
van mijn kinderen aanwaaien. Meestal zitten we met minstens vijf personen
aan tafel, die ook nog eens bijzonder hongerig zijn. Maar als er ooit
een dichter bij míj komt eten, zou ik hem of haar het liefst
op een pittige rendang trakteren..."
Hoewel Langenfeld pas sinds
de lente van 2005 schrijft, heeft ze in kleine kring al behoorlijk
veel opzien gebaard. "Vorig jaar ben ik geïnspireerd geraakt door
een aantal dichters die ik op Ruigoord zag optreden. Toen ben ik begonnen
met het schrijven van mijn boekje 'Vunzige Verzen en andere Liefdesgedichten'.
Ik heb wat werk aan Hans Plomp laten lezen en hij regelde een week
later al een optreden voor mij op een erotic poetry night. Toen moest
ik, ondanks mijn podiumvrees, met de billen bloot (figuurlijk gesproken).
Ik was erg nerveus maar omdat ik mij niet door mijn angsten wil laten
leiden, heb ik het toch gedaan. Gelukkig reageerde het publiek enthousiast.
Voordragen van gedichten is een vak apart, waarover ik nog veel moet
leren. Ik denk ook dat het een kwestie is van kilometers maken: hoe
vaker je het doet, hoe beter het gaat."
Zelf is Irene vooral gecharmeerd
van Lucebert, Karel ten Haaf ("buitengewoon komisch, met veel zelfspot"),
de dichters van Epibreren ("goede teksten en uitstekende perfomance")
en de Engelstalige dichter Eddie Woods. "Zijn gedichtenbundel 'Tsunami
of love' raakte mij erg. Hij heeft zijn liefdesverdriet zeer indringend,
bijna exhibitionistisch beschreven."
Gevraagd naar een tekst waarmee
ze zichzelf aan haar lezers zou willen presenteren, noemt Irene het
motto dat ze aan haar boekje meegaf:
INSOMNIA (Vrij naar J.C. Bloem)
"Denkend
aan de daad kan ik niet slapen
en niet slapend denk ik aan de daad"
Hoe
Langenfeld's actie ook zal verlopen, de dichters die haar van hun kookkunsten
of patatje willen laten meegenieten hoeven in ieder geval niet te vrezen
dat er een schuchtere, zwijgzame dame op bezoek zal komen. Dat ze niet
op haar mondje gevallen is, bleek onder meer bij de presentatie van
de erotische verhalenbundel 'De Lakjurk' van Guilly Koster. Irene:
"Guilly had mij vunzige verzen horen declameren en mij later gevraagd
of ik tijdens zijn boekpresentatie een paar van die verzen wilde voordragen.
Dat leek hem wel toepasselijk en stiekem wilde hij de boel ook een
beetje shockeren. Ik heb toen o.a. mijn gedicht 'Geil' voorgedragen.
Dat shockeren is wel gelukt, veel mannen én vrouwen moesten
blozen..."