aflevering 255 * 5 december 2004 * verschijnt om de twee weken op zondag
meander is gratis, maar vrijwillige financiële
bijdragen zijn nodig *
kopij is welkom
reageren, abonneren, opzeggen, adres wijzigen, zie: meandermagazine.net/service
Gedichten
Verschroeide aarde
zij is verschroeide aarde
wie haar bezat heeft haar verzengd
en liet slechts sintels na
zij is een schim, een schimmel in de nacht
een postkoetspaard slecht afgetuigd
een magere merrie zonder zadel
die zich bijna benaderen laat
zij hinnikt niet, zij heeft het graag
als men haar flanken streelt
zij wenkt, zij zwenkt, ontwijkt
de sporen die hij achterliet
het lukt haar niet
hij heeft haar bit in zijn bezit
tot op het einde van de rit
Marnix Speybroeck
auteurspagina Marnix Speybroeck
reageer op dit gedicht
Bovenstaand gedicht van Marnix Speybroeck
is
Meanders Gedicht van de maand december 2004.
Zie Uitgelicht
Schaken
Overmand door een
onuitsprekelijk verdriet,
omdat de keelkanker zijn
stembanden had gestolen,
kon mijn vader treurig
kijken, zijn droeve mimiek
vastzetten, de grimas van
een slecht verliezer tonen
De overwinningsglimlach
die hij op zijn gezicht
kon boetseren wanneer hij
met dammen van me won,
is me bijgebleven
Ik wil liever schaken, zei ik
Spreken kon hij niet meer,
mij tegenspreken al helemaal
niet, maar zonder iets te
zeggen gaf hij mij, zonder
dat mijn moeder het wist,
een doosje met staunton
schaakstukken, een heuse
schaakklok en een aai over
mijn bol
Het dambord draaide hij om
Hem de spelregels uitleggen
mocht ik niet meer
Herbert Mouwen
auteurspagina Herbert Mouwen
reageer op dit gedicht
De droom van een rivier
Daar ligt de Hunze
breed en bruin en
rappend stromend met
blonde schuimmoppen op
haar geurige golfjes
haastig op weg naar
zee
Hoe ze vrolijk klotst en kletst
tegen de kanten
voert lange geheimplanten
met zich mee
nu meandert ze nog verlegen
maar haar lange watervingers
willen het land weer op
met haar natte lichaam onze
huizen omarmen
Annet Lemaire
auteurspagina Annet Lemaire
reageer op dit gedicht
Afscheid
We stonden doodstil buiten – te klein voor
grote woorden tegen ruggen aan te kijken
tot het schuifelen begon
en we hem eindelijk zagen,
vriendje, verslagen
Zichtbaar moeilijk om dragen was het
Hij hoorde bij ons
We gleden langs een kist vol vader
Handen streelden. Veel diende uitgewist
hoe men hem vond bijvoorbeeld:
tong uit de mond, hangend voorover
De pastoor zalfde, gooide er veel wierook
omheen
Had daar geen woorden over.
Jan van meenen
auteurspagina Jan van meenen
reageer op dit gedicht
Taal
(Voor Willem Vermeylen)*
Wij moesten zo nodig de trein halen
ons naar een zeker doel begeven
een thuis achterlaten
meerdere malen de minderende afstand meten
en telkens weer leren wat nederigheid is.
Wij moesten het bord vullen, letters te eten
geven, de woorden een zekere zin
en altijd weer willen herhalen.
Wij moesten zo nodig de winters doorploegen
de zomers welkom heten
hersens pijnigen en van lieverlee
lege koppen vullen, soppen in taal, allemaal
en vele malen - in herhaling vallend -
geduldig zijn.
Wij moesten wanhopig de fouten lezen
verbeten slikken, verbeteren...
ons toch nog gelukkig wanen.
Dat, en nog zoveel meer.
* de laatste der krijtvaarders
Eric Vandenwyngaerden
auteurspagina Eric Vandenwyngaerden
reageer op dit gedicht
advertentie
verbeter je schrijftalent via e-mail bij
WRITERS
@T
HOME
thuis in literatuurworkshops
klik
hier
voor meer informatie
|
Uitgelicht
Marnix Speybroeck
Zijn gedicht 'Verschroeide aarde' is Meander's gedicht van de maand december 2004
Over het ontstaan van 'Verschroeide aarde'
deelt Marnix Speybroeck bereidwillig mee: 'Het laatste paar jaren was
ik ongewild de stille getuige van de ontreddering die zich van mensen
meester kan maken als zij vrij onverwacht hun partner verliezen. Het
beeld van de verschroeide aarde in het openingsvers drong zich automatisch
op. De drie volgende regels vloeiden er bijna organisch uit voort.
Toen wist ik even niet meer hoe het verder moest en de tekst werd opgeborgen.
De verschroeide aarde bracht me dagen later tenslotte bij de tweede
beeldenreeks. Verschroeide aarde is voor mijn innerlijk oog Rusland
en steppe en kozakken en paarden. Ik schreef: "zij is een schim/
een postkoetspaard slecht afgetuigd" hopend dat
afgetuigd hier
in meer dan één betekenis mocht gelezen worden; een zadel
hoorde hier in elk geval bij en bijgevolg ook het
bijna benaderen.
De
schimmel in de nacht (vaag onduidelijk, een witte vlek) werd later
toegevoegd, voor een deel wellicht opgeroepen door de klankassociatie
met schim. Het
bijna benaderen door nieuwe, vreemde ruiters probeerde
ik dan uit te werken in de derde strofe: het dualistische gevoel van
de vrouw die terug leven wil, beminnen wil, maar (nog) niet ontrouw
wil zijn aan de dode geliefde.'
Hoewel de metaforen 'verschroeide
aarde' en 'paard' geïsoleerd lijken te worden uitgewerkt, komen
zij samen in het gevoel 'bezit' te zijn, wat natuurlijk niet te los
te zien is van een bepaalde 'bezetenheid': lees de laatste twee regels
eens hardop, er gaat een geweldige kracht van uit. Knap is hoe Speybroeck
het vermijdt al te rechtstreeks over een weduwe te spreken, en hoe
hij evenmin de dood al te expliciet ter sprake brengt.
Marnix Speybroeck
(Gent, 1947) studeerde Germaanse talen te Gent en was tot voor kort
leraar – of zoals Speybroeck met het nodige cynisme formuleert: 'Ik
werkte voor de Belgian Intelligence Service...'. Begin jaren zeventig
had hij in Vlaanderen een eigen cabaretgroep, waarmee hij ooit in het
voorprogramma van het afscheidstournee - toen al! - van Boudewijn de
Groot stond.
Hij woont op het platteland in Lovendegem (
Love is in
the air) bij Gent, op een paar honderd meter van het Liefke, in de
tweede helft van de 13de eeuw als binnenscheepvaartkanaal gegraven
tussen Gent en Damme. 'Ik had ooit een tamme ekster en hielp menig
lentelam op de wereld. Alleen daarom reeds heb ik voeling met poëzie,
denk ik ... '
Speybroecks gedichten staan behalve in
Meander o.a.
ook in
De Gentenaar,
Vlaanderen,
En er is,
Yang Cahiers en
NetWerk
de beste gedichten van het internet.
Onlangs trad hij aan de zijde
van Anna Enquist als 'aankomend' talent op tijdens het Poëziefestival
van Nijmegen.
Zie ook:
isaacvanloven.cjb.net
(advertentie)
Handboek voor schrijvers het complete schrijftraject in vijf stappen gouden-gids-gedeelte: uitgebreide adreslijsten |
|
bestellen en informatie: www.schrijven.org |
|
Interview
Simon Vinkenoog
beantwoordt vragen van lezers
De lezers van Meander mochten Simon Vinkenoog vragen voorleggen. Hieronder een selectie uit de vragen en antwoorden.
De complete tekst staat
hier
op de site van Meander.
Dichter des Vaderlands
U werd verkozen tot Dichter des Vaderlands voor de tussenperiode 2004-2005. Wat houdt
volgens u de functie van "Dichter des Vaderlands" in ?
En stelt u zich kandidaat voor de komende verkiezingen tot dichter des Vaderlands
2005-2009? (Jeannine Janssens)
Inderdaad stel ik mij graag opnieuw kandidaat; in tegenstelling tot de door mij hoog
geachte Gerrit Komrij heb ik er geen enkele last van ondervonden - wij zijn als dichter
en persoonlijkheid dan ook bijna elkaars tegenpolen, wat een goede verstandhouding niet
in de weg staat. Zo ben ik het zeer eens met zijn keuze van de vier gedichten van mijn
hand in de Dikke Komrij.
Poëzie
- Is het mogelijk een goed gedicht te schrijven zonder iets af te weten van het werk
van andere dichters?
- Is een natuurtalent in de dichtkunst mogelijk zoals er in de muziek
wonderkindertjes rijzen of zoals wiskundeknobbels (geheel toevallig...) in de
kleuterklas ontdekt worden?
- Wordt een gedicht beter, dieper, breder, weet ik veel wat !..., naarmate je meer
en meer grote, klassieke, weet ik veel wat !... gedichten leest?
(Rob Dionysius de Vos)
Ik denk dat het dichten als tijdvullende professie al komt aanwaaien voordat je naar
school gaat. Als je dan taalgevoelig, musisch aangelegd en intelligent bent, in de een
of andere uitzonderingspositie verkeert, kortom als alle factoren meewerken en je
daarenboven nog zeer nieuwsgierig bent, wil je op een gegeven ogenblik weten hoe en
wat andere dichters schreven, ga je je interesseren voor vriendenkringen en
groeperingen, de schoolboekjes kun je uitpluizen, bibliotheken kun je bezoeken en
je kunt, hoe dan ook, je eigen woorden gaan vinden. In het begin wellicht onder de
invloed van een groot dichter, waaraan je je dan weer dient te ontworstelen. De eigen
stem, het eigen hoogste lied, niets mooier dan dat.
Ja, er zijn wonderkinderen, ik ken prachtige gedichten van tien-, elf-, twaalfjarigen, uit
Frankrijk herinner ik me Minou Drouet, en Françoise Sagan was zeventien toen zij Bonjour
Tristesse schreef. Ook de eerste gedichten van Louis Lehmann kwamen uit een
schoolschrift.
Wat is volgens u "slechte poëzie"?
(Guido Flobert)
Als de rijmdwang opzichtig is, als het niets meer dan een verhaal of anekdote is,
zonder dat het iets toevoegt aan het eerder-gekende. Tussen goede en slechte gedichten
bestaan vele minder goede en minder slechte; soms is een enkele regel in een gedicht
goed. Helaas worden slechte gedichten aan de lopende band geboren; elk woord dat geuit
wordt heeft waarschijnlijk recht van bestaan, vrij of niet, slecht of goed. Wat echt
en authentiek is, dringt zichzelf niet op, het schrijven dient niet, of moet niet
dienen, om naam en faam te verdienen, en zeker niet de geldelijke revenuen. Aan een
slecht gedicht merk je dat de dichter niets te zeggen of te bezingen heeft, dat hij
niet weet wat en hoe hij het zegt, of beseft dat je clichés en gemeenplaatsen beter
kunt vermijden. En de oorspronkelijkheid alleen om de oorspronkelijkheid is evenmin
de bedoeling. En een goede woordspeling maken is ook niet eenvoudig. Mooi vind ik
Deelders Ziedaarmaals.
Engagement
Vroeger waren dichters meer controversieel en stonden op de barricades met hun gedichten
als pamfletten, en hadden ze op politiek vlak invloed, zoals b.v. Lorca, die erom
vermoord werd ...
Het lijkt wel of die tijd definitief achter ons ligt; ik heb soms de indruk dat vele
dichters vooral nog voor zichzelf schrijven en vooral aan 'navelstaren' doen, het
sociaal engagement lijkt volledig zoek. Vindt u dat dichters terug op de barricades
moeten staan en hun boodschap uitschreeuwen over 'een maatschappij' die meer dan ooit
nood heeft aan 'engagement'?
(Liliane Melis)
Wie als opgroeiende jongen vijf jaar lang onder de steeds zwaarder wordende
onderdrukking van een nazi-regime heeft geleefd in een Amsterdamse volkswijk en
zijn beste vriendje door de politie opgehaald zag worden, is de rest van zijn leven
tegen elke vrijheidsberoving. Nie wieder Krieg! Bevrijding. Wel, lieve mensen, je
bevrijding moet je zeker als dichter zelf weten te bewerkstelligen, bevrijden van
voorordelen, stereotype gedachten, conditioneringen, programmeringen e.,d., teneinde
uit te vinden wie je bent en beseft wat je daarmee kunt doen. Het 'ken jezelf' uit
elke oudheid, Oost en West, betekent nog altijd dat je via zelfkennis kennis van
anderen en de wereld bereikt, inclusief de transpersoonlijke betrekkingen. Lees
mijn werk; betrokkenheid met de wereld overal.
De Vijftigers behoorden destijds tot degenen die de noodzakelijke frisse lucht en leven
brachten in de toen nog zo verstikte, grijzige Nederlandse samenleving. Dat was toen. Is
er op dit moment niet eerder behoefte aan kunst die harmonie, rust brengt in ons
land? (Katja Simpelveld)
Ik ben ook voor het harmoniemodel, maar het Conflictmodel regeert overal ter wereld;
reden genoeg om voor honderd procent de Verenigde Naties te steunen, het enig bestaande
wereldverband. En wat de kunst betreft, die is kind van zijn tijd, zijn tijd vooruit,
van alle tijden, die doet wat zijn hart hem ingeeft. (Zij doet wat haar hart haar
ingeeft.) Dat is altijd de juiste weg, die leidt naar de peace beyond understanding,
aanvaarding, realiseren dat yin en yang in een eeuwig spel verwikkeld zijn, een dans,
waaraan je creatief kunt deelnemen.
U heeft zich bezig gehouden met vele geestelijke stromingen. Is er in de Islam iets of
zelfs veel dat op u een positieve indruk heeft gemaakt?
(Adje Bahl)
De Arabische cultuur is op een gegeven moment door een bloeiperiode gegaan, kunsten,
kalligrafie, architectuur, vertalingen uit het Grieks, filosofie, wetenschappen -
grote mystici en dichters Djalaloedin Rumi, Kabir, Hafiz, ketters ook, die ter dood
veroordeeld werden omdat ze uitriepen "Ik Ben Allah". De Amerikaanse schrijver
Peter Lamborn Wilson schreef daarover het interessante boek Scandals. Essays in
Islamic Heresy (Uitgeverij Autonomedia, 1996).
Binnen het soefisme kunnen zowel Allah als Hindoe-goden aanbeden en bezongen worden
(muziek: de Bauls en het soefisme zoals dat begin vorige eeuw door Hazrat Inayat Khan
naar Nederland werd gebracht (tempel in Katwijk) verkondigde een boodschap van
broederschap, harmonie en liefde - waar elk weldenkend mens zich achter kan
stellen.
Waar het vaak op neerkomt, is dat deze hoge cultuur - mede onder invloed van het westen
en de toename van corrupte regimes, niet meer als zodanig bestaat en dat de heimwee die
daarnaar bestaat mensen tot extreme daden en gedachten brengt. Uiteraard ben ik tegen
elke orthodoxie, die verstikkend werkt. Verstandige woorden in de media dezer dagen
van de drie Erasmusprijsvraagwinnaars, allen moslim, die met hart en ziel bezig zijn
Verlichting in de Islam aan te brengen.
Toen, nu & dan
Wat vindt u, terugblikkend, de belangrijkste verdienste van de Vijftigers?
(Jo Cuyx)
Het losgooien van de burgerlijkheid, het afscheid van het provincialisme, het bevrijden
van de vorm, het binnen het gedicht mogelijk maken van juxtaposities, tegenstellingen,
zowel op het sociale, psychologische en metafysische of kosmische gebied - alles is
binnen het bereik van de poëzie gekomen. De Vijftigers waren ieder anders en
verschillend, wat weer blijkt uit hun diverse oeuvres, maar in den beginne waren er
gezamenlijke acties, in woord en geschrifte, tegen het establishment van de
literatuur. In de tijd van provo schreef Hugo Claus: "Elke dichter is een provo". En
als je ziet in welke volkomen gespleten, schizofrene en hypocriete samenleving wij
verzeild zijn geraakt, dan blijft het protest van blijvende aard, maar ook
(uitspraak van zanger Phil Ochs): "In these ugly times the only real protest is
beauty".
Bovendien dient de dichter er voor zorg te dragen, dat de verbeelding aan de macht
komt, en niet het geld, dat van middel - tot communicatie - doel maakte: rente,
woeker. En mag hij blijven vechten tegen allerlei vervuilingen in mens en natuur,
agressie, onverschilligheid, onkunde en domheid. Zo is 't genoeg, Simon!
Welke hedendaagse dichters spreken u het meeste aan?
(Rob de Vos)
Pieter Boskma, Menno Wigman, Ruben van Gogh, de Epibreerders uit Groningen, de
Woorddansers uit Rotterdam; van eerdere generaties Hans Verhagen, Hans Vlek,
Jules Deelder, Bart Chabot, Johnny van Doorn, Hugo Claus, Remco Campert,
Hans Andreus, Lucebert - en nog verder terug Paul van Ostaijen, Herman Gorter,
Marsman, Achterberg en Slauerhoff. Maar ook Suster Bertken, en belangrijker nog de
buitenlanders, de dadaïsten, surrealisten (Artaud, Michaux, Char, Desnos, Eluard)
en de beat generation: Allen Ginsberg, Gregory Corso, Ira Cohen, en terug Ezra Pound,
T.S. Eliot, Dylan Thomas, Walt Whitman en William Blake. En NOOIT Arthur Rimbaud
vergeten.
Hoe gaat het met uw gezondheid?
(Rob de Vos)
Volop in beweging ben ik, ik eet goed, drink melk en whisky en rook( Gauloises en
marihuana), ik lig tegen een heerlijke vrouw aan, geniet van het leven en ontmoetingen
met mensen, ben goed bevriend met mijn kinderen, voel me even energiek als altijd en
heb het gevoel nog een leven voor me te hebben liggen. Ik ben nergens bang voor,
zeker niet voor de dood, maar als het zover is, dan zullen we dat nog wel zien. Elk
woord is het allereerste en allerlaatste, en we leven als een bliksemschicht tussen
voorgeboorte en post mortem. Mysterieus, nietwaar? Leve het mysterie, dat we het
leven met ons meedragen, Hel en Hemel, goed en kwaad. Dank voor de belangstelling,
drink iets op mijn gezondheid. Proost.
De complete tekst staat
hier
op de site van Meander.
Zie ook www.simonvinkenoog.nl
Recensies
Een aanklacht in taal
Andreas Burnier - Na de
laatste keer
door Milla van der Have
Dat lijkt mij mooi,
zegt
zij:
die nieuwe eeuw,
een nieuw millennium.
De mensen zullen vrolijk
worden
bij de gedachte
en lichter kunnen leven.
De man zullen zelfs
wat
minder willen moorden.
De vrouwen gaan dan meer
hun eigen gang.
1906-1939-1945-2000
In
de literatuurgeschiedenis staat Andreas Burnier (1931-2002) voornamelijk
als prozaschrijfster vermeld. In 1981 werd een verzameling gedichten
van haar hand,
Na de laatste keer uitgegeven. Deze bundel is nu heruitgegeven,
aangevuld met ongepubliceerde gedichten. Wat opvalt is de kracht van
Burniers dichterschap als zij zich geëngageerd toont - wat zij
eigenlijk altijd doet - en de wat aparte positie die haar gedichten
innemen wat stijl betreft.
Als prozaschrijfster valt Burnier kortweg
'na 1940' en op het eerste gezicht valt ook haar poëtisch werk
te plaatsen in de periode tussen 1940 en 1950. Met name haar vroege
gedichten kenmerken zich door een vrij traditionele vorm en het experiment
van de Vijftigers lijkt aan Burnier grotendeels voorbijgegaan. Grotendeels,
maar niet helemaal, want vleugen experiment drijven af en toe voorbij,
al is dat logischerwijs meer in de latere gedichten het geval. Grappig
genoeg doen die vleugjes experiment meer aan voorganger Paul van Ostaijen
denken dan aan de Vijftigers. Regels als 'een wikwak wolk / een brimbram
boom' (p.14) ademen de geest van Van Ostaijen, evenals, in de verte,
door het gebruik van een kinderrijmpje, het gedicht 'Schipperskind':
Alles
in de wind
Alles in de wind
Jij bent maar een schipperskind
Alles
in de wind
Kom tot mij
Jij bent van beestenbloed.
Jouw haar is verf
Jouw
oog is verf
Jouw mond is geheel van verf.
Ik dring in
Dring ik in
In
jouw nat koninkrijk.
Jouw nagels verf
Jouw vellen verf
Zijn voor
mij levensvocht.
Pop van verf
Stem van verf
Mens van verf zonder
rang,
Kus ik lang, wieg ik kind,
Schipperskind
Als in wind.
(p.
62)
Veel belangrijker dan de vorm echter is bij Burnier de inhoud.
Altijd en overal is haar poëzie ingekaderd in het verleden. Liefdesgedichten
kunnen niet zonder een verwijzing naar ofwel de Klassieken ofwel Gertrude
Stein, en altijd liggen de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog
op de loer. Het is de dichter die de herinnering levend houdt, juist
ook de herinnering aan de ontsporingen van de geschiedenis en het is
ook de dichter die verder teruggrijpt in een poging de 'tijd te heiligen':
Zie
om! Beoefen de herinnering.
Vind, achterwaarts gaand,
het overwoekerd
pad terug.
Herinner je Gilgamersj
Arjuna
Achilles
Odysseus
Parsifal
Faust
Vänaimöinen
en hun wereld en waar zij voor stonden.
Bega het pad opnieuw,
sla
tijdig af,
zoek een ander pad door de tijd,
dat leidt van de negentiende
eeuw
naar eeuw negentien-a
en vandaar naar zevenentwintighonderd.
[...]
Wij
graven de twintigste eeuw af
zetten er jonge sparren op
een hek er
omheen
en zeggen: dit is Treblinka
Sobibor
Westerbork
een
vergiftigde atol
uit de Oceaan van de hoon.
Hier kun je niet komen,
mijd
deze plek
op grond van artikel zeshonderdzesenzestig.
('Bijna tweeduizend',
p.32)
Het verleden, de oorlog en de slachtoffers, dreigt, volgens
de dichter, vergeten te worden: 'Ritmisch klappend zal wie jong van
geest is/ juichend achter je aanhossen/ de gestorvenen zijn weer vergeten/
de vergetenen zijn al dood.' (p.29). 'Een dichter vergeet niet,' dichtte
de Poolse dichter Milosz, een andere getuige van de schanddaden van
de mensheid tijdens en na WO II en net als Milosz, zij het op een andere
manier, dicht Burnier een krachtige aanklacht in taal:
Niemand heeft
hen verraden.
Niemand heeft hen opgepakt.
Niemand heeft hen op transport
gesteld.
Niemand heeft hen in Westerbork bewaakt.
Niemand heeft hen
in de trein gesloten.
Toch stapten zij uit in Auschwitz:
de kleinsten,
de oudsten, de mannen, de vrouwen
DOESBURG
1910 – BIRKENAU 1944
ZELHEM
930 – AUSCHWITZ 1944
LOCHEM941
– AUSCHWITZ 1944
Met name in de afdeling 'oorlogsgedichten' is
Burnier op haar sterkst, hoewel in plaats van 'oorlogs-'
geëngageerde
een betere benaming zou zijn, omdat ook het heden (de tijd dat de gedichten
geschreven werden) niet onbenoemd wordt gelaten. Zij weet in haar taal
de herinnering te bewaren, een verder verleden op te roepen, aan te
klagen en verbanden te leggen. Ditzelfde mechaniek werkt door in andere
gedichten en weet daardoor ook de liefdesgedichten van een tweede laag
te voorzien, maar is op zijn sterkst als om hetgeen geschied is, de
woede en de troosteloosheid meespelen.
De liefdesgedichten zijn,
hoewel minder prangend, nog steeds zeker de moeite waard. Burnier bezingt
openlijk de lesbische liefde en in niet onbedekte termen. Het kan niet
anders of ook deze liefde gaat hand in hand met verlies, onvervuld
verlangen en uiteraard de dood. Oog in oog met, toch weer, de geschiedenis,
lijkt er om de herinneringen te bedwingen niets anders over te blijven
dan rauwe lichamelijke begeerte:
Hoe kun je lachen, rot-Amerikaan,
waar
mensen stierven die niet zullen wederkeren
voordat de eeuwen zijn
gekeerd?
Shakespeare and Company, indeed,
but real women and real
people went,
the many came,
so much too many.
Paris, Monday.
Herald
Tribune.
Milwaukee in the centre of the world.
Oh merde, merde, merde,
merde,
merde, merde.
Come here and fuck me, bitch.
Let's have
your tits and bits and tibits,
O shit, you supervacuous square.
Oh
fuck me, fuck me, me, me.
Oh, ah.
Oh Paris! Monday!
Paris, Monday
(p66 – 67)
Na de laatste keer biedt op zijn minst een mooi inzicht
in de minder bekende poëtische kant van Burnier, maar imponeert
tegelijkertijd door zijn tussenpositie wat stijl betreft en de kracht
van Burniers aanklacht. Hoewel het de holocaust is waartegen de dichter
zich teweer stelt, lijkt haar klacht niets aan actualiteit verloren
te hebben. De mensheid is inmiddels een nieuw millennium binnengetreden,
zonder dat 'de mannen wat minder willen moorden'. Tijd om die afslag
naar 'eeuw negentien-a' alsnog te zoeken.
Andreas Burnier - Na
de laatste keer
Uitg. Augustus, Amsterdam 2004
120 blz.; € 17,95
ISBN
90 457 0122 7
KORT
door Joop Leibbrand
Hoewel uitgeverij
Hengsteboer zelf zegt 'op het achtererf van uitgeversland' te staan,
bewijst haar uitgave van de door Steven van der Graauw zeer fraai vormgegeven
nieuwe bundel van
Van der Graft dat het bijzondere juist op onbekende
plaatsen gevonden kan worden. Bijna een halve eeuw na zijn debuut demonstreert
de dichter wiens oorspronkelijke nom de plume
Guillaume van der Graft
toch altijd nog vertrouwder klinkt, met
Oevertaal, gevolgd door het
essay Onder de wolk dat een 84-jarige nog altijd in staat is springlevende
poëzie te schrijven.
De in omvang bescheiden bundel bestaat
uit twee afdelingen. In de eerste,
Oevertaal, geeft Van der Graft zich
in precies tien gedichten rekenschap van wat hij allemaal nog te doen
heeft: terugkijken, vooruitkijken, er nu zijn, om 'orde// [te] scheppen
in wat geworden is'. Misschien is 'rekenschap geven' een te zware aanduiding
voor deze rustige, heldere, geserreerde poëzie, waarin de gerichtheid
op 'Dat andere landschap' en het besef dat 'groen is de helling/ achter
mij' de dichter er niet van weerhoudt te genieten van een mooi vrouwenbeen.
Maar in een gedicht over zijn moeder schrijft hij: 'ik/ moet het doen
met beneden, ik zoek/ op de bodem van een gat// wat jij vond wanneer
je bad.' en dat is ernstig genoeg. De regels sluiten naadloos aan op
de drie gedichten die in
Onder de wolk tezamen het 'essay' vormen waarin
Van der Graft zijn relatie met God beziet, die 'naamloze grote allesomvatter'.
Het zijn schitterende gedichten, enigszins vergelijkbaar met de mooiste
die Kopland ooit schreef over 'G'.
Een bundel om te hebben dus,
maar dan niet met de gedachte beslist Van der Grafts 'laatste' te willen
bezitten. Daarop is het hopelijk nog lang wachten.
De uitgaven van
Hengsteboer, maximaal één per jaar en nimmer herdrukt,
verschijnen in een oplage van 249 met de hand genummerde exemplaren.
De eerste uitgave was de bundel
Embargo van Hilbrand Rozema. Abonnees
ontvangen steeds hetzelfde nummer uit de serie, zodat hun reeks een
eenheid vormt. Uitgeverij Hengsteboer, Cartesiusweg 79, 3534 BB Utrecht,
Xhengsteboer@planet.nlX (de letters X uit dit adres verwijderen!)
Zie voor meer informatie over Van der Graft
de bespreking van
De wind van voren in
Meander 166.
Van der
Graft - Oevertaal, gevolgd door het essay Onder de wolk
Uitg. Hengsteboer,
Utrecht 2004
24 blz.; € 15,95 (voor abonnees € 12,95)
ISBN
90 8055123 6
***
Vanaf 2001 schreven
Remco Campert (1929) en
Cees Nooteboom (1933) elkaar in dichtvorm een aantal brieven,
die heen en weer gingen tussen Amsterdam, Iviers in de Franse Ardennen
en San Luis in Spanje. De in totaal tien
Gedichten als brieven, zoals
de ondertitel van
Over en weer luidt, verschenen eerder in een bibliofiele
editie bij Atalanta Pers, Baarn.
In de Nederlandse poëziekritiek
mag Campert meestal op meer welwillendheid rekenen dan Nooteboom. Waar
de eerste vaak geprezen wordt om zijn fraaie, want onnadrukkelijk-onzekere
balanceerkunst op de smalle grens tussen ernst en lichtheid, wordt
de laatste vanwege zijn vertoon van eruditie – hoe terloops ook gebracht
- nogal eens te veel aplomb en gewichtigheid verweten. Van dit vermeende
verschil tussen beiden is in de hier bijeengebrachte teksten niet zo
heel veel te merken. Nooteboom schrijft wat uitvoeriger, is ook wat
explicieter in zijn verwijzingen en wil misschien iets te graag laten
weten welke bijzondere lectuur hij onderhanden heeft, maar Campert
toont in zijn aandeel van de correspondentie tussen de vrienden van
oudsher een gelijke ernst. Opvallend is hoe weinig hun toon verschilt,
hoe de verzen op eenzelfde adem geschreven lijken te zijn; het elkaars
opdracht moeten zijn heeft niets artificieels of gedwongens opgeleverd.
Over
vroeger gaat het, hoe kan het ook anders. Over geluk, verdriet en ontroering,
het verstrijken van de tijd, doodsberichten, het vertrek van alles,
over 'herinnering, sprekend geheugen,/ waarin wij beiden/ bestaan'
zoals Nooteboom de bundel besluit. Niet somber. Eerder lucide. Mooi.
Cees
Nooteboom en Remco Campert - Over en weer
Uitg. Atlas, Amsterdam 2004
28
blz.; € 9,90
ISBN 90 4500539 5
***
De gedichtencyclus
Bronnen der slapeloosheid van de gelauwerde Vlaamse dichter,
schrijver en essayist
Maurice Gilliams (1900-1982) - bij het grote
publiek vooral bekend door zijn roman
Elias of het gevecht met de nachtegalen
uit 1936 - wordt algemeen gezien als een van de hoogtepunten uit diens
werk. Waarschijnlijk omdat de in de periode 1954-1958 ontstane cyclus
slechts negen gedichten telt, werd deze nooit eerder zelfstandig uitgegeven
en moest de tekst gezocht worden in uitgaven van het Verzameld Werk
(
Vita Brevis) of van de Verzamelde Gedichten (Meulenhoff, 2000). Nu
is er dan voor het eerst een aparte bundel, die van een uitgebreid
nawoord is voorzien door Geert Buelens. Beter is het te spreken van
een korte studie, waarin Buelens een knappe opening biedt op het mysterieuze
universum van Gilliams, die ooit schreef: 'Ik houd van poëzie
waarvan de dichter de sleutel in het graf meedraagt.'
Buelens geeft
een diepgaande analyse van het eerste gedicht
Zij droeg de lamp achter
de waterlissen (met de bekende strofe 'Ik lig bij haar. Zij rust bij
mij. En geen/ van beiden zijn wij in de wereld samen,/ want niets is
hier want élders samen/ waar geen verlangen de een van de ander
scheidt.') en geeft van de andere gedichten en de zorgvuldig samengestelde
reeks als geheel de essentie weer. Hij verheldert het concrete, anekdotische
niveau met de biografische achtergrond en Gilliams' soms hoofdbrekens
bezorgende redenaties, is heel inventief in het oplossen van de talloze
ambiguïteiten en paradoxen en gaat ook nog heel uitvoerig in op
verstechniek en beeldspraak.
Gedwongen kinderloosheid, een als problematisch
ervaren schrijverschap en een diep doorleefd besef van het menselijk
tekort blijken in het geval van Gilliams de belangrijkste bronnen van
zijn slapeloosheid te zijn, waarbij de gewenste kinderen en de gewenste
gedichten gezien moeten worden als 'incarnaties van het zelfde onstilbare
verlangen zichzelf gerealiseerd te zien in iets tastbaars waarmee de
sterfelijkheid kan worden overwonnen.'
Wie wil dat laatste niet.
Bijzonder
werk, voorbeeldig toegelicht.
Maurice Gilliams – Bronnen der slapeloosheid
Uitg.
Meulenhoff, Amsterdam 2003
42 blz.; € 13,50
ISBN 90 290 7323
3
René Smeets –
Met jou open ik oude nachten
bloemlezing
met de mooiste wijngedichten
Yves Joris vindt:
Met meer dan 160
gedichten, ruim dertig foto's, een luxueus formaat van 21(b) x 26 cm
(h) heeft dit bij uitgeverij P verschenen boek alles om een prachtgeschenk
te worden voor de liefhebber van poëzie en wijn.
Lees
hier
zijn
bespreking.
Hans Tentije - Deze Oogopslag
In de nieuwste
bundel van Hans Tentije reizen wij in 35 gedichten en een gedicht vooraf
(17 gedichten stonden eerder in het gelijknamige nieuwjaarsgeschenk
van de uitgever) door half Europa. We bezoeken musea, lopen door straten
en over markten, staan stil bij bruggen, kerken en oude badhuizen.
Het is hem niet te doen om toeristische trekpleisters, maar vooral
om de meer verborgen schoonheid en om wat tot nader onderzoek uitnodigt,
tot nadenken stemt en de verbeelding in gang zet.
Atze van Wieren
spreekt van een rijke bundel met prachtige gedichten, waarop maar iets
is aan te merken...
Lees
hier
zijn bespreking.
Podium
Pim te Bokkel
Ook Pim te Bokkel heeft een website,
www.pimtebokkel.tk
Daar valt o.a. te lezen:
De kunst van het schrijven, moet producten opleveren die meer zijn dan alleen maar mooi of leuk. Het moet iets zijn dat de huidige hedonistische esthetica overstijgt. Een schrijver moet inspireren, het blikveld van de mensheid verbreden, op zoek gaan naar waarheid. Ervaring vertalen naar taal, wat 'communicatie' wil zeggen. Goede schrijvers weten dingen te zeggen die mensen wel ervaren, maar nog niet verstandelijk begrijpen. Taal is een definitief blok beton, waaromheen de wereld, waar de taal naar verwijst, voortdurend verandert. Het is de taak van de schrijver flexibel gebruik te maken van zijn bouwmateriaal, de taal. Te zoeken naar een eeuwig blijvend iets dat alle mensen bindt. Het creëren van inzichtelijke teksten die buiten dit alles geen ander doel hebben dan taal te zijn.
Daar valt wel wat over te vragen eigenlijk. De tekst maar eens doornemen met Te Bokkel.
De kunst van het schrijven, moet ...
Van wie of wat moet dat? Is schrijven een heilig moeten?
Te Bokkel:
We leven in de eenentwintigste eeuw en er is inmiddels zoveel geschreven dat het nooit
meer allemaal in één mensenleven gelezen kan worden. Als ik gelezen wil
worden, moet mijn ding, om wat voor reden dan ook, de moeite waard zijn. Als er een
eureka-lampje in mijn hoofd gaat branden vind ik een tekst de moeite waard.
WEG
De wind smijt handen zand in zee. Ik vlieger
vlieg
er moet meer zijn dan dit; watermoleculen spannen samen
met de lucht. Het schuim waait snel de duinen in want leeft
niet lang en bovendien hier ligt iets achter. Niet dat het ooit
zo ver zou komen maar wel dat er meer was. Ergens in een
ver weg land lag Schiphol. Een lantaarnpalenboomgaard, een
opblaasbanaan in het water en ik
UIT HET KOOKBOEK VAN EEN GOOCHELAAR
Na jaren de letters bestudeerd te hebben werd de conclusie
getrokken dat het vragen zonder antwoord waren, alles voor
het mysterieuze effect. Aldus de definitie van het trucje.
Ik voelde mij genoodzaakt dit te schrijven:
er is meer
er is een meer ware benadering van het magische
meer
een meer en geen zwemmer die de bodem en meer taal nog
kan dan gorgel
Het antwoord is meer dan een woord
Analoog hieraan:
het antwoord op de vragen moet meer zijn dan een definitie
uit het kookboek van een goochelaar. Om dit te illustreren
zal ik een moeilijk woord gebruiken; cerebellum
Cerebellum, klinkt mooi zoals jurkje en Turkije en jij met je
hoofd onder water
... producten opleveren die meer zijn dan alleen maar mooi of leuk. Het moet
iets zijn dat de huidige hedonistische esthetica overstijgt.
Noem eens een voorbeeld van die huidige esthetica.
Te Bokkel: Een makkelijk voorbeeld is een soapserie, niet het concept, maar de
zoveelste uitgekauwde versie van een successtory, om zo nog 33% marktaandeel mee te
pikken. Esthetica in die zin dat iets alleen maar mooi of smakelijk moet zijn;
mierenneuken met emoties. Maar het tegenovergestelde is even erg. Er zijn ook
strontvervelende teksten geschreven door mensen die de rationele onderbouwing
van een tekst zo belangrijk achtten, dat zij vergaten dat de lezer ook uitgedaagd
moet worden om verder te lezen.
SCHEUREN IN EEN SLECHT VERHAAL
Ik weet nog dat een meisje ooit
een jongen
zonder pik was en wij jongetjes
manieren zochten om iets meer te
zijn
dan klein. Als spiderman
klommen we dromend in bomen, we rookten
hoe
hoestten jij at tandpasta. En ik keek toe
hoe jij borsten en
een vriend kreeg
met een scooter en alleen dit verhaal werd
je
lachte nog wel zo van ja
scheurde weg en daar bleef het toen bij
IK IK MIJ
Ik huurde (onder het motto: alleen word ik tenminste
begrepen) eens
een kamer van een enge man, een naaivertrek met sixties meubilair
en telkens als ik nadacht repeteerde een speakertje de zin: 'dames en
heren er bevindt zich één egoïst in ons midden'. Voordat ik tot het
inzicht was gekomen dat ik ook had kunnen verhuizen, negeerde ik de
stem en tekende ik Boschiaanse wezens met mijn vingers, in mijn
adem, in het raam. Een walrg, een rat met zes ogen en grijnsde 'als ik
niet meer adem implodeert uw universum'.
Een schrijver moet inspireren, het blikveld van de mensheid verbreden, op zoek gaan naar waarheid.
Waarheid?
Te Bokkel: Ja hier is een probleem, er zijn twee mogelijke interpretaties van waarheid.
1 Dat wat een individu voor waar aanneemt; waarneemt, zijn persoonlijke belevingswereld,
ofwel referentiekader. 2 Dat wat in een sociaal verband verklaard kan worden door middel
van communicatie. Een schrijver kan inspiratie uit zijn eigen ervaringen en inzichten,
opgraven, maar als hij het wil vertalen naar een maatschappelijke waarheid, wordt het taal. Dit is van
analoog (1) naar digitaal (2). Een mens kan nu eenmaal niet op elk gewenst moment in het
hoofd van zijn medemens kruipen, om er achter te komen wat die persoon beweegt. Niet voor
niets schreef Rainer Maria Rilke in zijn brieven aan een jonge dichter ooit de woorden:
"In het diepst van onze ziel zijn wij onnoemelijk alleen."
Ervaring vertalen naar taal, wat 'communicatie' wil zeggen. Goede schrijvers
weten dingen te zeggen die mensen wel ervaren, maar nog niet verstandelijk begrijpen.
Bedoel je dat de schrijver die ervaringen wel begrijpt? Of begrijpt hij/zij ze
evenmin, maar signaleert hij/zij alleen het bestaan ervan eerder?
Te Bokkel:De schrijver neemt het probleem waar. Dat is de eerste, belangrijkste
stap. Daarna zou je het nog kunnen analyseren of een oplossing verzinnen.
Taal is een definitief blok beton, waaromheen de wereld, waar de taal naar
verwijst, voortdurend verandert. Het is de taak van de schrijver flexibel gebruik te
maken van zijn bouwmateriaal, de taal.
Dit snap ik niet helemaal. Taal is een definitief stuk beton, maar toch moet de
schrijver er flexibel gebruik van maken?
...
Hier
wordt de tekst van Te Bokkel nog verder doorgenomen.
Ondertussen vast deze vraag: wie moet volgende maand op dit podium staan, Pim?
Te Bokkel: Ik ken veel mensen die hun teksten op een podium voorlezen, maar van
weinig mensen heb ik het idee dat zij ook iets toevoegen aan wat er nu al literair op
papier staat. Bij mensen als bijvoorbeeld Maarten Das en Tom Zinger kreeg ik dit idee
echter wel. Ik ken deze mensen goed, dus het zou voor de hand liggen één van deze
mensen aan te wijzen. Toch kies ik voor Olaf Risee, omdat deze man zichzelf met weinig
taal in de huid van zijn lezer weet te nestelen.
Proza
Puppy Romance
Ronald Meeus
Een nietig zwikje Spaanse absinthe
en een halfvol glas château migraine kosten belachelijk veel geld omdat
ze buiten zitten. Dat is wat er stinkt aan deze stad, denkt Rubens
Cox, dat getarifeer: alles is hier koopwaar, ook een streep labberig
zonlicht laat in september.
'Vijftien jaar', zegt Ava haastig, om
hem voor te zijn, omdat ze iemand geworden is die koeien bij de horens
vat. Rubens strompelt verdwaasd terug het moment in, het terras, de
stilte, de grauwe straat en de lauwe dag. Inderdaad, denkt hij, we
zijn al één en een half decennium verder. Zelfs nu ze
in levenden lijve naast hem zit, was hij mijlen en tijden ver van hier
gedwaald: toen ze het sproetige blondje was dat tegen het einde van
de zomervakantie naast zijn pleeggezin kwam wonen en waarvan hij al
bij de eerste aanblik, veertien jaar oud toen, wist dat het ondraaglijk
zou worden om haar door zijn zinken slaapkamerraam te moeten bespieden.
Hij voelde voor het eerst wat het was: storm en drang, de archaïsche
stuwende kracht van zaad, een vonk van lendenvuur. Zijn favoriete chemische
proces.
'Half ons leven', antwoordt hij bedeesd, waarna hij woest
aan zijn vocht slokt om de zoete mijmering van zich af te schudden.
De teug waart door zijn keel als een lichtkogel door een sterrenloze
nacht. Als je goed kijkt, zie je de Tour Montparnasse in de verte,
een sombere monoliet. Goddomme, denkt Rubens, zo'n leven, dat gáát
verdorie ergens over, daarboven zit een goddelijke scenarist met een
hovaardig sinister plezier spanningsbogen te trekken door ons schijnbaar
eenduidige bestaan.
Hij herinnert zich hun noodlottige laatste namiddag
samen, als kleine verstekelingen weggedoken in een donker hoekje van
het hellekrocht Sailor's Pub in Leopoldsburg, in de pap verzinkend
die het leven van de grote mensen was en een pover gerolde joint delend,
luisterend naar een plaat van The Damned die grijs werd gedraaid waar
ze bij zaten, kijkend naar horden brallende, lachende, dronken mensen
zonder iets beters omhanden.
Hij denkt aan hoe hij toen nooit had
durven voorspellen dat zij vijftien jaar later woonachtig en tewerkgesteld
zou zijn in deze lichtekooienstad en dat hij door één
of ander wild toeval óók hier zou belanden. Molenzele,
een comateus Vlaams-Brabants provinciestadje waarnaar hij door andermans
beslissing verhuizen moest en dat hij twaalf jaar na datum weer zou
moeten ontvluchten alsof hij het had uitgemoord met een bijl, leek
voor hun sponzige geest al aan het eind van de beschaafde wereld te
liggen.
Ze is het kwadraat van haar potentieel geworden, denkt hij,
Tippi Hedren in blauwe jeans met opgerolde pijpen en een appelblauwzeegroene
camisole. Hij wil weten wat ze doet, waarmee ze de dagen doodslaat,
wat haar plaats is in deze nieuwe wereld, maar wil niet dat dezelfde
vraag aan hem wordt gesteld. (Hij, die haar destijds een telg uit een
ras van Uitverkorenen leek, voorbestemd om de wereld op zijn schouders
te torsen en een daad van briljantie te plegen waar de hele aardkloot
niet goed van zou worden: een genetische sequentie ontdekken die kan
worden ingezet om alle kankers - waarom niet: alle ziektes? - van de
planeet te borstelen, of een economisch oermodel uitvogelen dat zowel
Adam Smith als Karl Marx over het hoofd hadden gezien. Net wat we nodig
hadden, professor Cox, dankuwel, zegt het Nobelprijscomité.)
'Je
bent geen haar veranderd', zegt ze.Het antwoord nestelt zich op zijn
tong als kwijl op die van Pavlovs hond: 'Jij wel. Maar niet in je nadeel.'
Ze moet weinig zorgen hebben gekend, denkt hij in stilte, de
korrelige bast van de jaren heeft zich zachtjes rond haar lijf gedrapeerd
maar ze lijkt nog steeds op het buurmeisje met de tuitemond waarmee
hij 's ochtends op de fiets naar school reed. 'Ga ik te ver?'
'Nee',
zegt ze overweldigd. (Jawel. En hij is wél veranderd. Hij heeft
zijn volledige persoonlijkheid overboord gegooid en een nieuwe geboetseerd,
een zielepotige schaduw van wie hij vroeger was, zo goedkoop en zo
ongemeend grijnzend en brabbelend. Waar is dat gekke mannetje in het
donkere flanellen hemd en de trenchcoat naartoe, dat wijze maar onbegrijpelijke
dingen citeerde uit boeken die je niet hoefde te lezen voor school?
Zit hij daar nog ergens verborgen onder dat wellicht door honderden
vrouwenhanden beroerde lijf? Want daarover hoeft hij niet te liegen:
vrouwen hebben een oog voor zulke dingen, een neus, een zintuig.)
'Zeg
je me waar de grens ligt?' Terwijl hij het zegt, schuift hij zijn vingers
over het weke vlees van haar onderarm. Ava spreidt haar ribben als
een bang reptiel. Ze wil zo snel mogelijk onder hem uit, het feit dat
hij hier voor haar hangt ongedaan maken, hem vergeten, de hele Rubens
Cox, hem en die stomme belofte waaraan hij nu zo openlijk zit te refereren.
'Rubens,
ben jij kinds of wat? Ik ben getrouwd.'
Als hun paden elkaar ooit
weer kruisten zouden ze, ondanks eender wat, ongeacht wat er was gebeurd
of hoe lang het was geleden, overdoen wat ze net hadden ontdekt. Het
gelijk staat aan mijn kant, denkt Rubens, hij zou ondanks het volle
terras tegen haar willen uitvaren, als een bullebak, als een klein
pruilend kind, als een rauwgeslagen puppy: 'Afspraak is afspraak.'
En de omstanders in het schouwspel zouden hem toejuichen en aanmoedigen
als ze wisten waarover het ging, als ze beseften wat er hier op het
spel staat.Ze speelt met haar glas, met de gedachte, met hun pact,
met... hem, met de onbewaakte ogenblikken waarop ze had durven fantaseren
over de genaamde Rubens Cox. Ze had niet verwacht hem ooit in deze
staat te zien, zo verlept als hij op deze dwaze namiddag tegenover
haar hangt, hij die waarschijnlijk niet eens de hotelkamer zou kunnen
bekostigen om het plan ten uitvoer te brengen. Nee, vergeet het, denkt
ze: dat moegereisde lijf moet nù vertrekken, nu meteen, en laat
hem ineens ook maar die lemuur meenemen die hij destijds in haar heeft
achtergelaten en sindsdien nooit van wijken heeft geweten, haar geheime,
onzichtbare vriendje, dat vijftien jaar lang stilletjes in de catacomben
van haar hoofd heeft rondgeslopen. Er wordt voor haar gezorgd, en naar
behoren ook; ze kan dit missen.
'Al lang?'
'Wàt?'
'Hoe lang
ben je al getrouwd?'
'Het is goed, Rubens Cox. Hou ermee op', blaft
Ava. Zie je wel, denkt ze, ik heb alles nog in de hand, ik hoef nu
maar recht te veren en beleefd vaarwel te zeggen en het feest gaat
niet door.
Er passeert een Fransoos op een fiets, met een brede,
donkere snor en een zwarte baret en een stokbrood onder de arm. Dit
is te onwerkelijk, denkt Cox, ik zit in een prentenboek of een droom.
Zijn
kwikzilveren Renault Mégane, waarmee hij Molenzele was ontvlucht,
had hij drie jaar geleden samen met al zijn bezittingen te koop gezet
op de rommelmarkt Glories in Barcelona. Hij posteerde er zich een dag
in kleermakerszit met een kartonnen doos waarin hij zijn boeken, strips,
cd's en prullerij had gepropt, samen met een uitvergrote foto van het
voertuig en een bordje waarop in het Spaans, het Frans en het Engels
stond: 'Mijn oude leven. Nemen of laten. Prijs overeen te komen.' Hij
kreeg er een half miljoen peseta's voor van een Bulgaarse autoverkoper.
Over het lot van zijn overige bezittingen maakte hij zich geen illusies.
Toen
hij naar de zuidkust van Spanje trok, waren de centen in geen tijd
op. Maar hij ontdekte snel dat hij nog iets anders in de uitverkoop
kon gooien: zijn jeugd. Hij had, zoals de andere lowlives waarmee hij
op trok, kunnen proppen of garçonnen om in zijn levensonderhoud te
voorzien, maar die laatste taak besteedde hij liever uit. Hij hoefde
zich maar, uitgedost in dat éne min of meer nette pak dat hij
nog bezat, in de foyer of de bar van een hotel naar keuze neer te planten,
om zich enkele uren later, na de rustgevende lectuur van El Pais en
oude nummers van Vanity Fair, op zijn prooi te storten. Na de jacht
kon hij dagen of soms zelfs weken leven op de rug van zijn financieel
onafhankelijke mesdames, die door hun echtgenoot werden verwaarloosd
of waren verlaten voor iets jongers, en naar het zuiden waren afgezakt
voor een verzetje. Met velen ondernam hij uitstapjes, samen met hen
levend in bekoorlijke luxury, het steeds zo lang mogelijk gezellig
houdend omdat het besef bleef hangen dat hij prèsque dakloos
was.
Voor hen was er geen bittere noodzaak aan: het was iets om een
paar weken lang hun tijd mee te doden, iets voor onderweg, hij was
een kreukbaar speelkameraadje met een luisterend oor, waarop ze zichzelf
trakteerden voordat ze op zoek moesten naar iets anders. Geen sprake
van misbruik, verstandhouding, kille lichamelijkheid: het geheim van
zijn onstuitbare succes was dat hij minder reserves had dan zij, ze
kregen hem als een man uit één stuk, een hitsige klomp
bronst waarmee nog te converseren viel ook.
Zijn laatste bliksemidylle,
met een Portugese modefotografe die net haar huid duur had verkocht
in een echtscheidingsprocedure en voorlopig niks te gecompliceerds
wou, had hem tijdens een twaalf dagen durende zottenrit van hotelkamer
naar hotelkamer in haar Grand Cherokee door Coimbra, Malaga, Alicante,
Barcelona, Montpellier, Marseille en ten slotte Lyon gebracht, waar
ze hem daags voor een nieuwe shoot verliet met het bedrag van 2.500
euro te zijner beschikking, niet onaanzienlijk als fooi voor bewezen
diensten.
'Doe iets, Rubens', liet ze zich nog beloven. 'Verzin wat.
Ooit ontdek je dat je allang niet meer op kop rijdt.'
Toen was ze
weg. En Rubens Cox, die nooit veel belang had gehecht aan de maakbaarheid
van het leven, nam na een paar dagen rondslenteren in Lyon de trein
naar Parijs, en braste al het geld op in een korte maar stevige aaneenschakeling
van gintonisch gedol. Rubens denkt: ik heb geleefd als een middeleeuwer,
ik ben dertig en oud van dagen. This is where the fat lady sings. Bij
de gratie van het kleingeld dat in de zakken van zijn verweerde broek
rinkelt kan hij, als hij op straat slaapt, nog net een paar dagen overleven
en dan is het afgelopen. Maar zoiets heeft op dit moment niet het minste
belang: niet wanneer de cirkel van zijn miserabele bestaan op zulk
een verheven manier wordt afgerond. Hij heeft háár weer
ontmoet, dansend in het sjofele stof van Montmartre. Vrouw nul.
Eerst
dit nog, voordat hij de rest van zijn leven in ledigheid slijten zal,
terend op de armensteun, op een armetierig éénpersoonskamertje
in het vaderland. En fuck die belofte, denkt hij, dat is vijftien jaar
na dato inderdaad van geen tel meer - hij wil haar bloot zien, nu of
zo snel mogelijk, overdoen wat ze gevoelloos, geurloos, onbeholpen
hadden uitgevoerd op zolder. Zijn blik roept vaaglijk malse herinneringen
op, aan regen in een mossige dakgoot en bloot vlees in het halfduister,
aan tijden waarin het leven stukken verser en eenvoudiger en intenser
was dan het heden, en zo diep als hij wil kauwen op de duistere pit
in haar ogen, zo diep is haar zucht.
Nieuws
Literaire Boeken Top 10
- In Europa - G. Mak
- Zolang er leven is - R. Dorrestein
- De asielzoeker - A. Grunberg
- Bedwelmd - L. Wang
- Emoticon - J. Durlacher
- Vogels zonder vleugels - L. de Bernières
- JA Deelder - J. Deelder
- Zoon uit Spanje - T. de Loo
- Hartjeuk & zieleczeem - Y. 't Hek
- De Joodse bruid - J. Beer
|
De Boeken Top 10 is gebaseerd op de verkopen van boekhandel 'Het Verboden Rijk' te Roosendaal in de periode 18 november t/m 1 december 2004.
|
The Open Stanza
Sinds drie jaar organiseert Megan Garr samen met andere leden van de schrijversgroep Wordsinhere de maandelijkse performance-avond The Open Stanza. De groep publiceert tevens het internationale literaire tijdschrift Versal, faciliteert workshops en ondersteunt de artistieke gemeenschap in Nederland.
De afsluiting van het derde seizoen is op donderdag 9 december om 20.00 uur in Volta aan de Houtmankade 336 te Amsterdam. Er staan die avond zes performers op het podium, waaronder Kate Foley (GB), Wehwalt Koslovsky (Duitsland), Mile Martin (VS) en Yohannes Sharif (VS). De toegang bedraagt vijf euro. E-mail:
Xtheopenstanza@wordsinhere.comX (de letters X uit dit adres verwijderen!). Informatie:
www.wordsinhere.com
Wedstrijd kOrt verhaal 2004/2005. Thema: Onbekommerd kort
De redactie van tijdschrift
kOrt literair is er uit: het thema voor de komende verhalenwedstrijd zou lichte, luchtige literatuur – satire, boutade, persiflage, karikatuur, sketch? – mogen opleveren, dit misschien wel in tegenstelling tot... Nee! Nu even niet zo diep graven, maar het kort houden en onbekommerd!
Lees de spelregels op
www.kortliterair.nl of vraag het wedstrijdreglement aan bij:
Xredactie@kortliterair.nlX (de letters X uit dit adres verwijderen!)
Het winnende verhaal wordt (inclusief juryrapport) gepubliceerd in tijdschrift kOrt. Nieuw dit jaar is de extra hoofdprijs, die naast een gratis jaarabonnement op kOrt, zal bestaan uit 'iets met boeken'. Inzenden voor 1 maart 2005.
Uitreiking Nieuwegeinse Literatuurprijs 2004
De jury van de Nieuwegeinse Literatuurprijs heeft aan Rita van Hauwermeiren uit Wichelen in België voor haar gedicht
Breuklijn de prijs voor poëzie toegekend. De Literatuurprijs voor proza is uitgereikt aan Margreet Feenstra uit Zeist met haar verhaal
Koude douche. De complete tekst van het juryrapport is te vinden op de website
www.opspraak.net
Literair jaaroverzicht SLAU
Het literaire jaaroverzicht van de Stichting Literaire Activiteiten Utrecht vindt op vrijdag 17 december om 20.15 uur plaats in de Stadsschouwburg aan het Lucas Bolwerk 24 te Utrecht. De avond bestaat uit vaste onderdelen als de literaire eindejaarsconfrerence en het poëziejaaroverzicht. Geert Mak spreekt over
In Europa en Kees 't Hart en Marja Brouwers gaan met elkaar in debat over 'een nieuw engagement in de literatuur'. Poëziedebutanten als Tjitske Jansen en Maria Barnas komen ook aan bod en het publiek zal worden getest op literaire kennis middels een literaire quiz. De toegang is 12,50 euro (inclusief welkomstdrank... absint!) Het volledige programma is te vinden op
www.slau.nl
Poetry Slam in Leuven
Op zondag 5 december wordt de tweede Poetry Slam in de Bar del Sol aan de Schapenstraat 105 te Leuven georganiseerd. De eerste Slam was een groot succes. Vier podiumdichters uit België en Nederland zijn uitgenodigd om hieraan mee te doen. Er is ook een open podium. Aanvang 21.45 uur. Mail voor informatie of deelname naar J_
Xfunk@artlover.comX (de letters X uit dit adres verwijderen!)
Gevelpoëzie in Monnickendam
Op de gevels van tenminste vijftig huizen en gebouwen in Monnickendam worden volgend jaar gedichten geschilderd. Monnickendam viert in dat jaar het 650-jarig bestaan. Een werkgroep van cultureel centrum Areopagus realiseert tien poëziegevels. Later komen daar nog veertig bij. Het project gaat in totaal vijf jaar lopen.
Debutantenprijs uitgereikt
Op zondag 21 november is aan schrijfster Esther J. Ending de Debutantenprijs 2004 uitgereikt voor haar roman
Na Valentijn. De prijs is een initiatief van Stichting Perspektief en vormt een onderscheiding voor het beste oorspronkelijk Nederlandstalige fictiedebuut. Een jury onder leiding van Elsbeth Etty maakte een eerste selectie, waarna een panel van lezers de genomineerden beoordeelde. Aan de prijs is een bedrag van 4.500 euro verbonden.
Thema kinderboekenweek 2005 is Magie
Het thema van de kinderboekenweek, die in 2005 van woensdag 5 tot en met zaterdag 15 oktober wordt gehouden, is
Magie. De Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek heeft ook bekendgemaakt dat het kinderboekenweekgeschenk wordt geschreven door Edward van de Vendel.
Poëzieslag in Festina Lente
Sinds 1998 wordt op elke eerste dinsdag van de maand een poetryslam gehouden in eetcafé Festina Lente aan de Looiersgracht 40 te Amsterdam. Twaalf aanstormende dichttalenten strijden om zowel een jury- als een publieksprijs. De eerstvolgende slamavond is dinsdag 7 december. Kijk voor meer informatie op de site
www.hotel-boekenlust.nl/poëziekamer.
OpStaan 5 december in Café Momfer de Mol
OpStaan organiseert elke eerste zondag van de maand open podium in Café Momfer de Mol aan de Oude Molstraat 26a te Den Haag. Zondag 5 december is er vanaf 15.00 uur weer een open podium. De toegang en deelname is gratis. Meer informatie over Opstaan is te vinden op de website
www.OpStaan.org en zie het interview met Alex Franken en Pim Karhof op de website van Meander
meander.italics.net/l/index.php?item=97
Studiedag creatief schrijven
Leraren uit het basisonderwijs en secundair onderwijs, geïnteresseerden uit het vormingswerk en auteurs kunnen op zaterdag 11 december een studiedag creatief schrijven volgen:
'Van anders schrijven naar anders lezen'. Je kiest een van de vier workshops (verhalen, non-fictie, poëzie of toneel) en kunt een dag lang schrijven, feedback geven en krijgen... Want wie het zelf heeft uitgeprobeerd, kan misschien een klas aan het schrijven en lezen zetten. Deze studiedag is een organisatie van Villa Kakelbont/NCJ en groeide uit 'Vingeroefeningen', een schrijfcursus voor jongeren.
Waar: Provinciehuis, Koningin Elisabethlei 22, 2018 Antwerpen; meer info:
Xinfo@villakakelbont.beX (de letters X uit dit adres verwijderen!) .
ABC2004:
Een pak initiatieven in het kader van ABC 2004. Een greep hieruit:
DAMES NODIGEN UIT: Op dinsdag 7 december om 20.30 uur in Zuiderpershuis literair café met onder anderen Kristien Hemmerechts & Christine Otten, Hilde Keteleer & Bernard Dewulf.
DEAD POETS SOCIETY: Toen vijf jaar na Herman De Coninck ook Eddy van Vliet stierf, ontstond
'Dead Poets Society' (een groep van dichters en acteurs die hun vrienden wilden blijven herdenken). Zij trokken rond in Antwerpen en Gent en haalden telkens volle zalen. Op 9 december is nog een optreden gepland, in het Zuiderpershuis in Antwerpen.
DE KAASKWESTIES: De laatste jaren zijn zowel in het Engels, Frans als Duits nieuwe vertalingen verschenen van Elsschots
'Kaas'. In Duitsland haalt
'Käse' zelfs de bestsellerslijsten. Het is echter niet evident om deze schijnbaar transparante, maar uiterst geraffineerde tekst voor een andere
cultuur te vertalen. Verschillende Elsschotvertalers komen dit avontuur op donderdag 16 december in Antwerpen toelichten.
Meer Info:
www.abc2004.be
Maand van de sprekende kunst
In Harelbeke organiseert de Culturele Centrale opnieuw de Maand van de Sprekende Kunst. Op vrijdag 10 december om 20.00 uur treedt Shany Goemaere op en op vrijdag 17 december Thierry Jonnaert. Dit in het Vrijzinnig Centrum "De Geus" - Koning Leopold III-plein 71 - 8530 Harelbeke.
Winterpoëzie in Kortrijk
Op vrijdag 17 december 2004 is vanaf 20.00 uur op drie verschillende locaties in Kortrijk gratis poëzie te zien en te horen. In 'De Duysent Peryckels' zijn de gasten Gie de Vos, Achilles Surinx en Alain Delmotte. 'Hotel Damier' opent de deuren voor Joris Denoo, Pol Vermeersch en het Zandbergs Microtheater. En tenslotte in 't Moriaanshooft' worden Philip Hoorne, Nele Vandenberghe en Lut de Block verwacht.
Winterwoordennacht 2004
Het derde jaar op rij schenkt het Waregems theatergezelschap Compagnie de Urn een poëtisch anti-vriesmiddel in. Deze editie op 18 december 2004 is grootser dan ooit. In de namiddag wordt een Poetry Slam georganiseerd. 's Avonds zijn optredens voorzien van onder anderen Luuk Gruwez, Eva Cox en Stijn Vranken. Meer info en reserveren kan via
www.compagniedeurn.be.
TEN MINSTE HOUDBAAR TOT:
15/12/04: CONCEPT POËZIEPRIJS 2005 meer info:
www.conceptcircuit.nl/index.php?partID=3&info=04091301
15/12/04: WEDSTRIJD FLITSVERHAAL - PROZAGEDICHT – ESSAY meer info:
uwel.allegro.be.
15/12/04: NATIONALE SPECTRAALWEDSTRIJD VOOR POEZIE
Kunstvereniging Spectraal organiseert een wedstrijd voor gedichten met als thema 'atmosfeer'. Het prijzenpakket is een waardevol pakket in natura. Meer informatie en inschrijven: Erik Goethals, Dellaertsdreef 2, 9940 Sleidinge, [t] 09 357 73 99.
17/12/04: POEZIEPRIJZEN STAD HARELBEKE
meer info:
www.harelbeke.be.
Verkiezing nieuwe Dichter des Vaderlands
Op vrijdag 3 december is de erkiezing voor de nieuwe Dichter des Vaderlands gestart. De termijn van Gerrit Komrij en interim Dichter des Vaderlands Simon Vinkenoog is in januari 2005 verstreken. Via een oproep in een speciale bijlage in NRC Handelsblad kan iedereen
een stem uitbrengen op de kandidaat van zijn voorkeur. Stemmen is mogelijk tot en met 2 januari 2005. De bijlagen met stemformulier worden verspreid via een aantal boekhandels en bibliotheken in Nederland. Stemmen is ook mogelijk via de website
www.dichterdesvaderlands.nl
Meer informatie over de verkiezing is te vinden via de volgende websites:
www.gedichtendag.org,
www.tijdvoorlezen.nl,
www.kb.nl/dichters en
www.nrc.nl
Het nieuws werd samengesteld door Jan Boonstra en Tine Moniek.
Nieuwsberichten voor Meander 256 van zondag 19 december dienen uiterlijk dinsdag 14 december in ons bezit te zijn. Stuur geen attachments mee.
Berichten kunnen worden gestuurd aan
Xnieuws@meandermagazine.netX (de letters X uit dit adres verwijderen!)
Colofon
Site: meander.italics.net
E-mailadres: Xinfo@Xmeander.italics.net
(de letters X uit dit adres verwijderen!)
Redactie:
Adelheid Bekaert,
Annette van den Bosch,
Yves Joris,
Gerard Kool,
Joop Leibbrand,
Margo Verbiest,
Rob de Vos
Vaste medewerkers:
Jan Boonstra,
Yvonne Broekmans,
Hans Hamburger,
Tine Moniek,
Elly Woltjes.
Verder werken mee:
Chris Coolsma,
Rutger H. Cornets de Groot,
Edith de Gilde,
Milla van der Have,
Joris Lenstra,
Bert van Weenen,
Atze van Wieren.
De gedichten worden beoordeeld door:
Adelheid Bekaert, Yvonne Broekmans, Hans Hamburger, Yves Joris en Joop Leibbrand.
De verhalen worden beoordeeld door:
Tine Moniek, Margo Verbiest, Rob de Vos en Elly Woltjes.
Financiën:
Meander is gratis, maar ook uw financiële bijdrage is nodig!
Bijdragen vanuit
Nederland kunnen worden overgemaakt op Postbank giro
8941864 t.n.v. G.C. Kool te Delft.
Voor bijdragen vanuit
België: Rekening 402.2004409.95 ten name van
Meander.
Vermeld 'donatie Meander' en uw e-mailadres.
Abonneren, opzeggen en uw adres wijzigen gaat het eenvoudigst op het adres:
http://meandermagazine.net/service
en omslachtiger door gebruik te maken van de volgende e-mailadressen:
Abonneren door een mail aan
Xmeander-request@lists.nl met als onderwerp: subscribe (de letters X uit dit adres verwijderen!)
Opzeggen door een mail aan
Xmeander-request@Xlists.nl met als onderwerp: unsubscribe (de letters X uit dit adres verwijderen!)
(U kunt ook de hele krant aan ons retour zenden met ergens bovenaan de uitroep 'Unsubscibe!' of iets dergelijks, maar dat is de meest onbehouwen manier ...)
Kopij is welkom bij Meander. Zie
http://meandermagazine.net/kopij/
Verdere verspreiding van de in deze uitgave opgenomen
teksten is alleen toegestaan met voorafgaande en
uitdrukkelijke toestemming van de auteur(s)
Zie ook op onze site:
gedichten *
verhalen *
artikelen *
recensies *
interviews *
links *
klassiekers *
archief