Meander
http://meander.italics.net
literair magazine
aflevering 261 * 27 februari 2005 * verschijnt om de twee weken op zondag
meander is gratis, maar vrijwillige financiële bijdragen zijn nodig * kopij is welkom
reageren, abonneren, opzeggen, adres wijzigen, zie: meandermagazine.net/service


gedichten * anderstalig * site * recensies * podium * proza * nieuws * colofon 
Inhoud


Anderstalig
Patty Scholten vertaalde de surrealistische gedichten van Velibor Vidakovic.

Recensies
Rutger H. Cornets de Groot over Lucebert: levensverhaal wint het van de prozaïst.
Annette van den Bosch verlustigt zich aan nieuwe bundel van Nachoem Wijnberg.

Podium
Bernhard Christiansen en de mompeltaal in Podium.

Proza
"Joep wist dat een verovering van Eloë aanstaande was. En eigenlijk had hij dat aan zijn hond te danken." Een wankelmoedige ascese van Niels Landstra.

Verder
gedichten, site en nieuws


(advertentie)
Een boek publiceren begint met een plan ...
Uitgeverij Boekenplan
Publiceer professioneel


inhoud * anderstalig * site * recensies * podium * proza * nieuws * colofon 
Gedichten


Breuklijn

We waren jong en weefden
van leem en klei een bed en dekens.
En in het zonlicht kamden we

elkanders blonde haren. We hadden grootse
plannen: woelden in weidse akkers en
schoren hoge toppen tot stoppelvelden.

We braken brood, maar het werd droog.
Ik zag het barsten van de dorre aarde.
Er liep een stroom van zwijgen

over het verlaten land. We zeulden nog
met emmers water: komma’s kabbelden als
kleine beekjes tussen jouw stilte

en mijn verstorven woorden. Zwijgwater waste
de kluiten uit het versteende riet.

Ik poogde nog de leegte van de muur
te schrapen. Hijgdruppels parelden
over de gesloten ramen.

Maar het werd niets.

Ik liep naar buiten, nam een zware spade
en groef heel diep: terra, terra, terra !!!

Donker bloedt mijn aarde.


Rita Van Hauwermeiren

auteurspagina Rita Van Hauwermeiren
reageer op dit gedicht



Meander is gratis voor de lezers, maar het maken van Meander kost wel geld.
Als iedereen die Meander met plezier leest nu eens vijf euro zou overmaken. Dan kunnen wij, als makers, weer een tijd doorgaan met ons werk.
Hier leest u hoe u uw bijdrage kunt overmaken aan Meander.



zintuig me

zorgvuldig balsemt zij
haar onderlip
alsof een wijsvinger
enkel
daarvoor bedoeld

tussen haar lippen
speelt een tong
echter
al met de gedachte
aan meer


Anke Leenders

auteurspagina Anke Leenders
reageer op dit gedicht




oma

Augurken zijn soms net krokodillen zegt ze
en zal ik dan nu maar verklappen
waar moeder het zilver heeft verstopt
want daar is de tijd nu wel rijp voor dacht ik en
met een kleine verbouwing
moet het lukken met een rolstoel
dat betaal ik zelf wel we hebben tenslotte het servies
ook nog niet helemaal aan diggelen gegooid en
waar is ome karel toch die zie je anders ook nooit meer
en tante miep zouden ze ons adres dan kwijt zijn soms
de laatste tijd wordt alles minder nu is Juultje ook al dood
gelukkig hebben we willemientje nog
grijze duiven allemaal grijze duiven
maar straks straks dan is het kermis
dan schiet je vader een foto voor me want dat kan ‘ie
en dan eten we makreel met z’n allen en
je lijkt echt heel erg op ome Karel trouwens
makreel met verse pudding toe maar
dan moeten we wel zo op huis aan
het begint al aardig te schemeren


sander meij

auteurspagina Sander Meij
reageer op dit gedicht




Spui
  luister naar dit gedicht  
Simon loopt richting Rokin
in regenjas met plastic tas
zeker nog steeds op weg
naar kroeg of kring om
kunstbroeders te spreken.

Geen vijf minuten later keert
hij al terug en keurt
opnieuw het uitgestalde boek
geen enkele blik waardig maar
de zwerver die daar ook zo-even stond
drukt hij de hand, ik schat
minstens een euro.

Parijs, kabaal en feestgedruis
het hoogseizoen is lang voorbij
geen grote bek of overmoed
het vrouwtje op het nest
de dichter lijkt milder dan ooit
de spotvogel gekooid.


Koos Hagen

auteurspagina Koos Hagen
reageer op dit gedicht




over het geloof

wie liever aan een touw trekt
dan er langzaam over heen te lopen
breekt bijna nooit zijn nek

en wie vooralsnog eerst
het speeksel in zijn handen spuwt

en wie onder kleine tegels
de juiste kuil voor zijn hakken vindt

en daarnaast ook nog eens
de wind in de rug voelt
en het minste last heeft van de zon

overwint nooit graag
maar laat mettertijd wel merken
dat het de sterkste schouders waren

die de mooiste wind moesten dragen


Daniel Bras

auteurspagina Daniel Bras
reageer op dit gedicht




Martelaar
  luister naar dit gedicht  
Hij omhelst zijn vader
Zijn moeder, een masker
Van vreugde

(Stilzwijgend staan
De leiders
Wat achteraf)

Stenen tegen kogels
Een kamp in plaats van school
Maar vandaag wint hij

Want dit is zijn keuze
Volkomen rustig
Stapt hij in


Jan Buidels

auteurspagina Jan Buidels
reageer op dit gedicht




(advertentie)

Club Schrijven Magazine

Een tijdschrift voor alle actieve schrijvers

bestellen en informatie:
www.clubschrijven.nl



inhoud * gedichten * site * recensies * podium * proza * nieuws * colofon 
Anderstalig


Velibor Vidakovic

Velibor Vidakovic, geboren in Belgrado in een schrijversnest, schreef al jong verhalen voor het satirische tijdschrift Egel. Dit deed hij vijftien jaar lang wekelijks. In de jaren zeventig verhuisde hij naar Nederland als wetenschapper.
Op latere leeftijd pakte hij de satirische verhalen weer op. In zijn eerste boek Holandicka muckalica legde hij onze vreemde Hollandse gewoontes uit aan zijn landgenoten. Ook schreef hij o.a. oorlogssprookjes en gedichten. Bij een uitgever in Belgrado zijn tien boeken met verhalen uitgekomen (en uitverkocht) en zes dichtbundels. Onlangs verscheen, naar aanleiding van een prijs van de International Society of Poetry, een bundel gedichten van Velibor Vidakovic in de USA: Silence lifts her dress. Zijn gedichten zijn surrealistisch, romantisch, humoristisch of filosofisch - en dit soms allemaal tegelijk.

De Nederlandse vertaling is van Patty Scholten.


Smrt grada

Nocas je umro jedan grad
umro je necujno
sklopivši sebi na grudi
još tople ulice
ujutru su ga našli
potpuno hladnog
sa jednim gorkim smeškom
na predgradju


    De dood van een stad (Smrt grada)

Vannacht stierf een stad
ze stierf onopgemerkt
de straten nog warm
over haar borst gekruist
’s morgens vonden ze haar
steenkoud
met een bittere glimlach
op haar buitenwijken




Gde su one ptice

S visokim potpeticama
i nabujalim grudima
ušla si u moju pesmu
te pesma krene drugim tokom
gledam je sad jednim okom
vidim grudi i potpetice
al' gde su one ptice


Waar zijn de vogels (Gde su one ptice)

Op hoge hakken
met zwellende borsten
kwam je mijn lied binnen.
en het lied veranderde van loop
ik zie het nu met één oog
ik zie borsten en hakken
maar die vogels dan




Ženski topot

Uz ogradu ženski topot
provirim kroz zavesu
žena divlja neosedlana
rep stegla oko struka
a bedra blistava
iz nozdrva mlecna para
kod kapije stala
požurim da
otvorim
ja do kapije
a nje nema
vazduh gust
kapija još drhti
a ja stao i ne micem se


Vrouwelijke hoefslag (Ženski topot)

Bij de poort een vrouwelijke hoefslag
ik kijk door de gordijnen
een wilde ongezadelde vrouw
haar staart om haar middel gesnoerd
en een soepele achterhand
uit haar neusgaten melkdamp
ze stopt bij de poort
ik haast me
naar de poort
ik open de poort
er is niemand
de lucht is dik
de deur beweegt nog
en ik sta roerloos




(advertentie)
Echt alles te weten komen over het schrijven van verhalen en/of gedichten? http://www.writersathome.nl/Workshopcat.htm
www.writersathome.nl/Workshopcat.htm




inhoud * gedichten * anderstalig * recensies * podium * proza * nieuws * colofon 
Site


Op de site van Meander werden de afgelopen weken weer een aantal interessante bijdragen geplaatst:
Annette van den Bosch interviewde Nachoem Wijnberg.
Klarijn sprak met Jetteke van Wijk over poëzie en het Midden-Oosten.
David Troch hing aan de lippen van Kristien Hemmerechts.
Kees Godefrooij maakte een dichtersminiatuur over Marina Tsvetajeva.



(advertentie)
Afstand
al 178 inzendingen in meander's poëziewedstrijd voor jongeren
meedoen kan nog t/m 10 maart: meanderwedstrijd.info



inhoud * gedichten * anderstalig * site * podium * proza * nieuws * colofon 
Recensies


Alles behalve de dichter
Luceberts leven en Luceberts proza
door Rutger H. Cornets de Groot


bodem ben ik tot de boezem het bakbeest
maar de rest hersent breint en dreint
om de diepte van het ding achter het ding
de deur achter de deur in de hersenschim
genageld aan het blootgelegde bastion
waar op schijngrond het schijngevecht begon

Met deze vermaning nam Lucebert in een van zijn allerlaatste gedichten (de pathos van de zwaarte II) afscheid van ons. Maar juist aan zijn trouwste adepten is ze niet besteed, want niets is te gering voor onze belangstelling voor het grootste fenomeen uit de naoorlogse poëzie. Behalve het gefilmde portret Zoeken naar Lucebert dat in november werd uitgezonden, verschenen er vorig jaar twee nieuwe Lucebert-uitgaven: Jan Oegema verzamelde zijn prozateksten, Peter Hofman presenteerde het beschikbare materiaal van de dichter.
In de pers heeft Hofman tot dusverre voor zijn arbeid maar weinig lof geoogst. In de Volkskrant verweet Piet Gerbrandy hem onder meer geen visie te hebben en kleurloos te schrijven. Wie het boek doorbladert ziet in een oogopslag dat dit een wat zure reactie is, en wie het daadwerkelijk leest kan niet anders concluderen dan dat het verwijt misplaatst is. Niet omdat Hofman over zo'n vaardige pen beschikt, of een visie op Lucebert uitspreekt, want van beide is inderdaad geen sprake, maar omdat het boek helemaal de door Gerbrandy veronderstelde pretentie niet heeft. Hofman, 'bestuurslid van de Stichting Lucebertiana', is een fan in de meest letterlijke zin van het woord: iemand met een obsessie. Dan maakt het niet zoveel uit wie het voorwerp van de obsessie is, als je maar alles van en over hem weet te achterhalen. Natuurlijk moet van zo iemand geen visie worden verwacht, want daarvoor is een kritische instelling nodig. In plaats daarvan heeft Hofman zich een paar jaar in de kooien van Luceberts poëzie opgesloten en is er, anders dan de profeet zelf, niet met het gedierte van miro uitgekropen, maar wel met een ontstellende hoeveelheid materiaal. Van foto's, brieven, tekeningen, schilderijen, unica in facsimile tot getuigenissen uit de eerste hand, het is allemaal onbekend, en allemaal even verrassend. Bovendien is het boek goed verzorgd, uitgebreid verantwoord en fraai uitgegeven. Mocht Gerbrandy ooit besluiten om zelf de kritische studie te schrijven waartoe hij oproept, dan kan hij onmogelijk om dit boek heen.
Hofman presenteert zijn boek trouwens ook in alle bescheidenheid: 'Met dit boek wil ik een bijdrage leveren aan de verdere bestudering van Luceberts leven en werk. Voor een integrale biografie is de tijd nog niet rijp', zegt hij in zijn voorwoord. Hij heeft zich tot de eerste dertig jaar van Luceberts leven beperkt, dus van 1924-1954, een periode waarvan het einde wordt gemarkeerd door de toekenning van de Poëzieprijs Amsterdam en erkenning van zijn beeldend kunstenaarschap door het Kunstenaarscentrum en de gemeente Bergen. Dat lijkt wat arbitrair, maar voor die periodisering bestaan twee beroemde precedenten: Hermans' Fotobiografie en Mulisch' Mijn getijdeboek, waarin de auteurs hun eigen leven eveneens volgden tot het moment dat zij hun naam vestigden.
Veel nieuws komen we weliswaar niet te weten uit het boek, want het bevat geen 'ontdekkingen'. Maar de overweldigende presentatie van het beeldmateriaal maakt eigenlijk alles nieuw in dit boek, want niet eerder gezien: schoolrapporten en klassenfoto's natuurlijk, maar ook kindertekeningen, zoals die van een tienjarige Bertus Swaanswijk, afgestaan met de mededeling: 'Bewaar die maar, voor als ik later beroemd ben'. En niet in de laatste plaats natuurlijk: een aantal zeer vroege gedichten, met idealistische regels als 'Kom! hef en leg nu vederlicht/ Uw hand op mijne vleug'len zacht/ Zo weegt zij wit en wonderlacht/ In blanke voegen vedervacht', uit 1943.
Ten slotte is er nog een andere factor die dit boek aantrekkelijk maakt, en dat is de nogal mythische voorgeschiedenis van Luceberts kunstenaarschap, dat in dit boek nu voor het eerst goed gedocumenteerd tot ons komt. Luceberts komst werd door zijn mede-Vijftigers vaak met die van een komeet vergeleken, en ook de dichter zelf droeg flink aan die mythevorming bij (bijvoorbeeld in de beroemde regels: 'ware ik geen mens geweest/ gelijk aan menigte mensen/ maar ware ik die was/ de stenen of vloeibare engel', uit ik tracht op poëtische wijze, of ook: 'want mijnheer ik ben een engel/ die zich in deze eeuw in de hemel verveeld heeft/ die naar de aarde afdaalde', enz., uit de amsterdamse school). Van de aardse werkelijkheid van die eerste naoorlogse jaren gaf Lucebert in interviews veelal de indruk van een zwerversbestaan, 's nachts slapend in het Vondelpark of op de verwarmde buizen bij de pont over het IJ, overdag voortdurend tekenend en werkend aan gedichten die hem door 'stemmen' werden ingefluisterd. Volgens het getuigenis van vrienden uit die tijd, onder wie Gerrit Kouwenaar, moeten dit uitzonderingen zijn geweest en kon Lucebert altijd wel bij een van zijn kennissen terecht, waardoor de werkelijkheid een stuk prozaïscher blijkt dan Lucebert wel voorgaf. Maar dat vergeven we de dichter graag.

Meer proza van Lucebert verscheen bij De Prom onder de verwachtingsvolle titel Kalm aan kinderen, er komt nog wat bij. Tot nu toe was van Luceberts proza alleen het hilarische voorwoord bij de bundel val voor vliegengod bekend, en de voor specialisten onschatbare Open brief aan Bertus Aafjes. In Kalm aan kinderen is dat tweetal nu vermeerderd tot 36 teksten, waaronder manifesten, essays, inleidingen, brieven, ingezonden stukken en een enkele recensie. Ook dit boek is door samensteller en bezorger Jan Oegema uitgebreid verantwoord en geannoteerd, maar onze waardering voor Luceberts literair talent wordt er niet door vergroot. Het is duidelijk dat Lucebert te veel dédain voor de ongebonden vorm ervan had om proza serieus te kunnen beoefenen. Zonder humor gaat het in deze stukken dan ook vrijwel nergens, maar die is wel veel flauwer dan de smalende en vaak zo effectieve humor uit zijn gedichten. Lucebert bediende zich vooral van proza wanneer hij zich uit wilde spreken over actuele maatschappelijke kwesties, maar ook hier is het duidelijk dat hij zich daarbij niet toelegde op het schrijven van literatuur, zoals bijvoorbeeld W.F. Hermans dat deed, wiens stukken over vergeten kwesties als Weinreb of King Kong ook nu nog goed leesbaar zijn. Neemt niet weg dat het natuurlijk allemaal wel moet worden gepubliceerd, want iedere letter van Lucebert blijft een letter van Lucebert. Maar veel bijzonders is het niet.

Wie de kunstenaar na deze twee boeken wat dichter wil naderen, kan nog tot 6 maart terecht in het Cobramuseum in Amstelveen, waar Luceberts tekeningen uit de Van Lanschotcollectie ten toon worden gesteld.

Lucebert - Kalm aan kinderen, er komt nog wat bij
De Prom, Amsterdam, Antwerpen, 2004; 143 blz., €15,95
ISBN 90 6821 806 X

Peter Hofman - Lichtschikkend en zingend, de jonge Lucebert
De Bezige Bij, Amsterdam, 2004; 304 blz., €39,95
ISBN 90 234 1427 6


Rutger H. Cornets de Groot


Eerst dit dan dat
Nachoem Wijnberg spant een netwerk van betekenissen
een recensie door Annette van den Bosch

Sommige dichters kunnen het. Ze krijgen voor elkaar dat je steeds weer terug grijpt naar hun bundel en steeds weer nieuwe betekenissen vindt. Ik doel op Nachoem Wijnberg (1961), genomineerd voor de VSB Poëzieprijs met zijn bundel Eerst dit, dan dat. Wat meteen opvalt is de lay-out van zijn 8e dichtbundel. Prachtig blauw omslag, iets groter formaat dan de standaarddichtbundel. Een lust voor het oog en bovendien nieuwsgierig makend naar de inhoud.

De 72 (!) gedichten in deze bundel zijn eveneens bijzonder. Er zijn enkele gedichten die dezelfde titel hebben; dat is aanvankelijk enigszins verwarrend, maar het blijkt functioneel, want het koppelt de gedichten door de bundel heen aan elkaar. Er komen onder andere Japanse spirituele leiders, Chinese dichters en Christelijke heiligen aan bod. Door al deze persoonlijkheden naast elkaar te plaatsen, ze te laten praten binnen hun context, ontstaat er een samenhang tussen de verschillende culturen, gebruiken en opvattingen. Het gaat om ervaringen in het alledaagse leven die in eenvoudig taalgebruik worden weergegeven. Vaak worden schijnbaar niet-samenhangende beweringen onder of naast elkaar geplaatst. Door deze beweringen in samenhang te lezen, ontstaat er een diepere betekenis. Zowel de ene als de andere bewering krijgt een nieuwe lading. In de bundel staat bijvoorbeeld een aantal gedichten over verlangen. In 'Shotetsu over Shunzei en Teika' wordt een gedicht van de Chinese dichter Shotetsu onder de loep genomen. Teika gaat na het overlijden van zijn moeder op bezoek bij zijn vader Shunzei:

Het is herfst geworden en er waait een harde koude wind.
    Shunzei ziet er bedroefd en verloren uit.

Als hij in zijn eigen huis terug is schrijft Teika dat de wind
    verlangt naar wie er niet meer is.

Wijnberg legt in de slotregels van dit gedicht uit:

Omdat Shunzei oud is en aan zijn zoon schrijft wil hij niet zeggen
    dat hij niet meer verder kan;

daarom zegt hij dat het herfst is en dat de wind koud is.
    Een moeilijk en goed gedicht.

Vervolgens kruipt Wijnberg in het gedicht op de tegenoverliggende pagina in de huid van Shotetsu 'Als iemand Shotetsu dit zou vragen zou hij zo antwoorden'. Ook in dit gedicht is het verlangen naar de verlorene en daarover schrijven leidraad.

In welke provincie ligt de berg Yoshino,
in welke provincie ligt de berg Tatsuta?

Als ik over kersenbloesems schrijf: Yoshino,
    als ik over herfstbladeren schrijf: Tatsuta.

Dan vervolgt het gedicht dat het niet helpt om je te herinneren in welke provincie het ligt, maar dat sommige dingen bewaard blijven zonder dat ze bewust uit het hoofd geleerd zijn.
In de slotregels wordt deze wetenschap toegepast op het bewaren van dichtregels:

Als mijn huis verbrandt met al mijn gedichten
    kan ik er een paar terugkrijgen van wie ze uit het hoofd geleerd heeft.

Ik durf niet te vragen om de gedichten over naar wie ik verlangde.
    Daarom schrijf ik ze opnieuw als ik mij herinner naar wie ik verlangde.

Door de hele bundel lopen dergelijke dwarsverbanden. De thema's lopen zowel lineair als kruislings in elkaar over. Ik kreeg de neiging om tijdens het lezen steeds te bladeren naar eerder gelezen gedichten en naar latere gedichten. Eigenlijk zou ik de bundel liefst ook digitaal willen hebben, zodat ik steeds over en weer kon springen. Maar de papieren versie is me nu al bijzonder dierbaar. Door de thema's die heel divers zijn en de teksten die soms een bijzondere, filosofische diepgang krijgen. Zo blijven regels als 'Kan iemand zien bij elkaar sparen?' en 'De berg als het lichaam van wie weggegaan is.' mij boeien. Of de zin 'Je hoeft niet te wachten, je gaat weg en mag zeggen/wanneer afscheid genoeg is' en de strofe 'Zo lang ik hier ben/ mag ik terugdenken, vooruitdenken,/ om mij heen kijken, als iemand die in het rond neukt.' Of de schitterende dialoog met Jezus in het gedicht 'Verder is het hier leeg en stil':

Maar ik hang aan een kruis? Je hangt aan een kruis.
Wat kan ik eraan doen? Vraag het aan de man die zonder te kijken de vloer veegt.

Enerzijds is er de verwondering, anderzijds het alledaagse. Bovendien verbindt de laatste regel het christendom en het Zenboeddhisme met elkaar. De man die de vloer veegt als het beeld van de monnik die met meditatieve intensiteit met zijn werk bezig is en niet in de gaten heeft dat boven zijn hoofd een Christus aan het kruis hangt. Dat is niet relevant voor hem, slechts dat waar hij concreet mee bezig is, beweegt hem.

Korte citaten doen geen volledig recht aan deze gedichten, het geeft slechts een impressie van waar ik geraakt werd tijdens het lezen. Ik zal nog tijd nodig hebben om de diverse betekenissen te laten bezinken en herwaarderen. Eerst dit, dan dat is in elk geval een bijzondere bundel die de VSB Poëzieprijs zeker waard is!

Zie voor meer over Nachoem Wijnberg eveneens het interview op de meandersite (meander.italics.net) en de website van de Koninklijke Bibliotheek (www0.kb.nl/dichters/wijnberg/wijnberg-01.html)

Nachoem Wijnberg - Eerst dit dan dat
Contact, Amsterdam 2004; 78 blz.; € 17,50
ISBN 90 254 1919 4
www.schrijversnet.nl/uitgevers/contact.htm


Annette van den Bosch


inhoud * gedichten * anderstalig * site * recensies * proza * nieuws * colofon 
Podium


Bernhard Christiansen

Handleiding voor het slopen van fietsen

Willen wij een fiets gaan slopen
dan moeten wij dat voorbereiden
dan hebben wij een fiets nodig
en energie

en die twee
moeten we laten botsen
totdat allebei uitgeput zijn

Dan kunnen wij
met de resten van onze energie
de resten van de fiets
in een gracht werpen


Arnoud Rigter zei in de vorige aflevering van deze rubriek op de vraag wie de volgende keer aan bod moest komen: Bernard Christiansen, o.a. omdat hij als Duitser zo'n beetje Nederlands is gaan studeren omdat hij het zo'n mooie mompelende taal vindt. Nu woont hij hier en is postbode. Ik doe mijn best in mompelende enveloppen te geloven.

Zeg Bernhard, klopt het zo'n beetje wat Arnoud over je zei?
Het klopt dat ik eerst in Berlijn en dan in Utrecht wat Nederlands ben gaan studeren onder meer omdat ik Nederlands toen wel een erg aantrekkelijke en mooie taal vond. Duits is scherper en helderder, Nederlands is eerder een mompelende taal, meer een taal om in te wonen. Tja, en nu woon ik hier en ben ik postbode. Maar mijn bestaan als postbode eindigt deze lente.

Het Nederlands bevalt je. Wat vind je van Nederland? Aan je 'Handleiding voor het slopen van fietsen' te zien ben je goed ingeburgerd.
Ik kan natuurlijk enkele dingen noemen die ik in Nederland beter of sympathieker vind dan in Duitsland maar altijd als ik door Nederlanders gevraagd wordt wat ik van Nederland of van Nederlanders vind dan voel ik ineens lichte weerzin om positieve dingen te noemen. Misschien dan maar dat Nederlanders volgens mij te veel zonder te bewegen willen bewegen, te veel auto's om me heen. En te veel door agressieve automobilisten en andere criminele gesloopte fietsen natuurlijk.



Cultuur

Ik zou haar neus kunnen pakken
zachtjes knijpen
achter haar oren kunnen spugen
met Afghaanse geduld het spuug zorgvuldig
met mijn vingertop verdelen
Ik zou wat haartjes kunnen frappen
het gezicht gaan lemelen
de voet insmeren met Bulgaarse yoghurt
en dan de voet weer droog blazen
trommelen op de rug
om dat zoete lijf een Russisch boertje te ontlokken
haar met Slowaakse danspasjes
aan de lepelaar doen denken
mijn elleboog tegen haar wang aanschurken
haar mijn knieholte tonen
een kleine Tsjetsjeense strijd met haar voeren
tatatatatata - tatatatatata

Ik zou haar neus kunnen pakken
zachtjes knijpen
maar doe het niet
mijn integratie in dit land
vereist een Nederlandse paspoort
en een zekere beperking
van het liefdesspel tot
zoenen, strelen, slaan en neuken.


Je doet ook aan cabaret. (zie hier) Bestaat er voor jou een duidelijke scheiding tussen cabaret en het voordragen van je poëzie? Hoe beïnvloeden die twee activiteiten elkaar?
Het voornaamste verschil voor mij ligt in de vorm. Cabaret te doen is moeilijker en uitdagender, muziek en het vrije vertellen en improviseren spelen een grotere rol. Literaire voordrachten zijn soberder en geconcentreerder. Van een literair publiek kan ik gemiddeld meer verwachten dan van cabaretpubliek, zij zijn eraan gewend om goed te luisteren terwijl ik bij het cabaretpubliek meer rekening moet houden met gemakzucht en behoefte aan een zekere voorspelbaarheid. Literaire optredens zijn bijna altijd succesvol, als cabaretier kan ik tegenvallen. Als ik heel veel het ene heb gedaan kan ik de behoefte voelen om weer eens wat meer het andere te gaan doen.
Maar inhoudelijk zijn de verschillen voor mij niet zo groot, ik probeer op beide terreinen om door het middel van vervreemding en humor dingen helderder te maken. En de humor kan dominant of heel subtiel en terloops aanwezig zijn, om teksten geheel zonder elke vorm van humor te schrijven ben ik denk ik nauwelijks nog in staat, de relativeringskrachten van van alles liggen altijd op de loer.



Verschillende maatschappelijke vraagstukken, samengevoegd in 1 gedicht

Vandaag heerst weer zuidoosterstorm
bomen liggen kriskras op de weg
daken worden van de huizen geblazen
fietsen vliegen door de lucht
auto’s worden de zee ingesleurd
en lijken dobberen door straten.

Duizenden katoenen zakken
en honderden sterke hengels
uit de hele wereld
zullen weer eens binnenstromen
in ons land
om de lijken
tijdig bij elkaar te kunnen rapen.

De Aziatische toeristen
-soms nog met klompen aan hun voeten-
worden weer eens door specialisten
eruit gevist
'deze zou best kunnen, nee, die niet,
laat maar liggen, die is veel te lang'
ingelegd in speciaal azijn
in hele grote en gekoelde glazen potten.

De stormen zijn vervelend maar dat went wel
maar steeds weer wekenlang De Arena en De Kuip
geblokkeerd door Japanse reuzenjampotten
daar zouden wij eens in opstand tegen moeten komen
dat is niet Nederlands.



Bespeur ik in sommige van je gedichten enige maatschappijkritiek?
Als puber schreef ik moralistische sciencefiction en daarna heb ik lange tijd afkeer gevoeld tegenover de mogelijkheid om commentaar te leveren op politieke en maatschappelijke ontwikkelingen. Ik moet bekennen dat de afgelopen tijd de neiging weer sterker is geworden om soms op de actualiteit te reageren. Maar de kritiek om de kritiek is niets, is doodsaai, ik moet steeds een vorm zien te vinden waarin ik door spiegeling en vervreemding de essentie van iets bloot kan leggen of tenminste kan laten zien dat je ook heel anders dan gebruikelijk naar dingen kunt kijken. "In memoriam Ad Melkert" (lees hier) is voor mij toen een erg belangrijke tekst geweest, ik voelde sterk de behoefte om te reageren op de sentimentele zwakzinnigheid die toen ineens wekenlang dit land ging beheersen.

Samen met Meandermedewerkster Milla van der Have schreef je de musical 'Haubold von Einsiedel'. Hoe kwam je daar zo toe?
Het begin van het stuk schreef ik toen ik nog in Berlijn woonde, de naamgever van en inspiratiebron voor het stuk was het vijftigjarige zoontje van mijn verhuurster in Oostberlijn. De eerste tien minuten waren leuk maar het lukte mij niet om een overtuigend vervolg van het verhaal te schrijven. In Utrecht leerde ik Milla tijdens de poëzieavonden van Awater (studievereniging Nederlands) als dichteres kennen en waarderen en ik durfde het om haar te vragen of zij misschien zin had om samen met mij een vervolg te verzinnen. En het gezamenlijke schrijven bleek dus daadwerkelijk mogelijk en vruchtbaar. In 2003 was een eerste groots opgezette en nog wat rommelige versie van het stuk als amateur-theaterproductie in Utrecht te zien, eind van dit jaar zal als het goed is een nieuwe professionelere bewerking van het stuk af zijn, kleiner, eenvoudiger, absurder, minder overvloed voor de ogen en meer prikkels voor het verbeeldingsvermogen van het publiek.


Klein ongeluk

Ik heb mij gesneden, mij pijn gedaan. In mijn rechterwang gesneden. Ik heb op een troostend woord gewacht. Gewacht. Ik heb moeten vaststellen dat niemand het meer nodig acht om liefdevol mijn toch-al-groot-zijn te beklemtonen - slechts wanneer men klein is, wordt het groot-zijn beklemtoont.

Ik ben niet klein, ik ben een monster, een groot monster.

Ik heb twee handen, een groot aantal vingers, meerdere ogen en oren, ben een monster.

Wat doen monsters? Monsters sluipen door de straten, likken aan hun vele akelige vingers, kijken met al hun ogen. En wanneer ze springen, dan ratelt het in hun kop. Bij mij ratelt het in de kop, wanneer ik spring.

En ik land dan meestal ongelukkig. Ik ben gelukkig, spring, land ongelukkig. En dan verder, door de nacht, op mijn akelige gespleten achterpoten, nog steeds ongelukkig.

Soms kom ik iets tegen, dan duik ik ineen, zie een heldere schaduw, een of ander lichtwezen. Wat moet ik ermee?

Andere zouden wuiven. Ik duik ineen. Ik ben een monster. En ik heb mij pijn gedaan. In mijn rechterwang gesneden. Wat pijn doet. Monster met geschonden gezicht.

Ik klim op een gedenksteen ter herinnering van de herverkaveling en voel me oud, ongelukkig en oud. Ik lig op de gedenksteen en wil nooit weer springen, wil een andere kleur aannemen.



Wat ga je de komende tijd ondernemen?
Laatste vermoeide pogingen om misschien toch nog mensen te vinden die het literaire podium van 'Poëzie-entiteit Blauw' (www.averechts.nl) mee willen organiseren (grote kans dat "Vlinders en vliegtuigen" op 13 maart anders de laatste aflevering zal zijn). Ik vorm een onderdeel van het nieuwe "Haubold von Einsiedel"- project. Ik ga samen met Maurits Cornelis het door mij geschreven absurdistische toneelstuk "Krantenkoorts" (www.koorts.ervaring.nl) zo vaak mogelijk spelen, wij hebben onder meer plannen om op Oerol en in Berlijn te spelen en de VPRO gaat het stuk binnenkort als hoorspel uitzenden. Ik werk samen met Sylvia Hubers aan een gezamenlijke bundel, "Platonia". En ik sta open voor wat er verder op mij af mag komen aan schrijfopdrachten of ideeën of optreedmogelijkheden of rare samenwerkingsprojecten of wat dan ook. Ach ja, en ik ga mij oriënteren.

Wie moet in de volgende aflevering van 'Podium' centraal staan en waarom?
Caroline Kramer, een schrijfster met wie ik mij erg verwant voel. Ook eentje die niet heel veel en makkelijk schrijft. Die vervreemding nodig heeft voor haar bestaan en melancholie en humor maar niet van zich af weet te schudden. En die ruis van essentie weet te scheiden. Zij heeft al tientallen heel bijzondere korte prozateksten en meerdere lange toneelteksten geschreven. Ik zag een paar dagen geleden haar laatste toneelstuk, "Ik blijf de maan" in Groningen. Werd helemaal meegesleurd en blij en ontroerd en dat overkomt mij niet vaak. En Caroline Kramer is zo eentje die ondanks alles makkelijk in de schaduw wordt vergeten, het wordt tijd om haar de zon in te sleuren.

Op 5 april a.s. wordt "Krantenkoorts" integraal en live uitgezonden in het VPRO-programma "Music-Hall" (radio 747, 21 uur).
Bernhard Christiansen zelf is nu al te beluisteren bij de VPRO.

'Podium' wordt samengesteld door Rob de Vos
Zie voor de vorige afleveringen dit overzicht


inhoud * gedichten * anderstalig * site * recensies * podium * nieuws * colofon 
Proza


Een wankelmoedige ascese
Niels Landstra

Vergezeld van een schapedoes met lange, witte manen, liep zij daar, peinzend, net als hij. Slenterend.
'Kom, Sofietje, kom!', riep ze met schelle stem. Streng en gebiedend. Zonder enige aarzeling bewoog zij zich in zijn richting. Nu stak ze het bospad over, resoluut. Op haar gelaat ontstond het voorzichtige begin van een glimlach.
'Hi', zei ze. 'Mooie hond heb je. Een jaar of twee?'
Joep knikte ongemakkelijk. Hij was van zijn à propos.
Ondertussen kwam ze dichter bij hem staan. Haar dunne wenkbrauwen had ze met potlood de schijn van een natuurlijke dikte willen geven. Grove acneputjes had ze zorgvuldig dichtgepleisterd; de littekens van waterpokken op haar kaaklijn, kregen hierdoor een afwijkende, wat vlekkerige tint. Zijn aandacht ging uit naar het craquelé dat zich in het stucwerk op haar voorhoofd aftekende. Het kenmerk van de denker. Zelf had hij daar ook talloze rimpels. Miniscule geulen van ingesleten gedachten.
'Ik kom net terug van een begrafenis', zei ze.
'Wat erg...'
'En toen moest ik Sofietje voor het eerst alleen thuis achterlaten.'
'Vreselijke dingen zijn dat', vond hij.
'Zeg dat wel.'
Zwijgend gingen ze allebei naar hun honden staan kijken hoe zij, na gedreven baltsgedrag, in een copulatie verstrikt raakten.

Ze heette Eloë en haar huis rook naar hond. Een alom aanwezige natte vachtenstank drong zich aan hem op. Op de vensterbank, voor een breed, langwerpig raam, had een ondoordringbare hoeveelheid vingerplanten zich aaneengeklit. Die hulde de kamer in een schaduw die hier en daar in stukken werd geknipt door schaarse fragmenten daglicht. Uit lukraak neergezette potten, op de grond, op een dressoir, woekerden klimops de hoogte in, samenkluwend in een visnet dat in een verstilde deining onder het plafond hing.
'Thee of koffie?' riep ze vanuit de keuken.
'Doe maar koffie', liet hij weten, terwijl hij keek naar zijn hond die met geestdrift de teef van Eloë aan het bestijgen was. Na de daad gingen de beesten lui liggen in de gang bij de voordeur, uit het zicht van de bazen. Ze zijn hun rituelen al gewoon, dacht Joep. Dichtbij de ranzige geuren van zichzelf en het bos, kleurenblind verliefd, rennend op wolken.
'Waar moet ik nou over beginnen?', vroeg hij zich af. 'Of ze van lekker eten houdt... Een lat is dikker dan zij, dus zal ze wel vegetarisch zijn. Een moeilijk onderwerp voor een vleeseter. Ik moet een originele vraag stellen. Een die ze van mij niet verwacht. Wat als... of ze van zeilen houdt... Nee, dat is te link. Ik kan niet zeilen. Wil ze toch op een boot mee, bij wijze van vertier en gebrek aan beter, en dan valt ze op de een of andere stuurman met een gebronsde huid en armen als kabels, hoogmoedig turend over een vlakke zee alsof hij maatjes met Poseidon is. Beter iets anders verzinnen.'
'Heb jij iets... met de jungle...', stamelde hij.
'Hoezo?', reageerde ze verbaasd, terwijl ze met rammelende kopjes op bemorste schoteltjes de huiskamer binnenkwam.
'Je planten en zo...'
Ze keek om zich heen alsof ze de entourage voor het eerst aanschouwde. Haalde dan haar schouders op.
'Niet specifiek. Jij wel?'
'Ook niet echt.'
Joep zakte diep door zijn knieën om plaats te kunnen nemen op de zitkussens op de vloer. Hij probeerde zich voor te stellen hoe ze naast hem zou ontwaken, geeuwend, en zich uitrekkend, en met de geur nog aan zich van een uitputtende nacht. Zou ze dan ruiken naar Parmezaanse kaas of naar verschraald deodorant?
Met een scheve grimas stak Eloë wierook aan, trager dan ze bedoelde, waardoor er iets dramatisch in haar bewegingen kwam; dit liet ze volgen door een steelse blik, fladderend in de richting van Joep. Onwennig lachte hij; ogenblikkelijk werd hij zich ervan bewust dat het geforceerd had geklonken, gemaakt. Breekbare schijn. Dun als de witte wierookkringeltjes die opstegen naar niets en in het luchtledige opgingen.
En wat als ze hem later zou vragen hoeveel vriendinnen hij in het verleden had verslonden, nadat hij haar had genomen, wild, en met een kundigheid, voorbij de grenzen van seksuele perfectie? Honderd? Vijftig? Of naar alle eerlijkheid: twee? Dat hij bijna veertig was en sinds zijn vroege volwassenheid leefde in afzondering?
Hij dacht terug aan zijn eerste kalverliefde. Een punkmeisje met een kleurig, stekelig kapsel als van verlijmde zeeanemonen. Haar make-up was even fel en wanordelijk, maar haar oceaanblauwe, melancholieke ogen, zette ze altijd aan met teerzwarte lijnen, breed uitlopend naar haar slapen. Alsof ze haar innerlijk wilde uitvergroten in het pastel van haar uiterlijke schijn. Herlevende beelden van haar. Naast hem, op een groot bed, in een maagdelijk witte slaapkamer, dan verstrengeld. Vitrages als een bruidssluier trillend in de warme tocht van de zomer, binnenstromend door de open ramen. Hij wenste dat het zo kon blijven, wilde weg van school, niet werken, geen verantwoording, alleen voortdurend onafgebroken zijn bij haar.
Onaangekondigd vertrok ze uit zijn leven. De een of andere punker op een Puch, haalde haar op van school. Zij kroop bij hem achterop, klampte haar armen om zijn taille en scheerde het trottoir af, kleiner wordend in wolkenflarden uitlaatgas.
De stem van Eloë, schallend uit de keuken.
'Nog een lekker kopje koffie, Joep?'
'Graag!'
Joep wist dat een verovering van Eloë aanstaande was. En eigenlijk had hij dat aan zijn hond te danken. Want zijn viervoeter had een einde gemaakt aan Joeps isolement. Met het lopen door het bos, een hand in zijn zak, en rond de ander, nonchalant slingerend de hondenriem, was Joep stilaan begonnen met het oefenen op gesprekken met gedroomde voorbijgangsters.
'Welkomstgroet. Diepzinnig overkomen. Sensitief zijn. Een aureool van vertedering van je af laten stralen. Anders: wanhoopspoging. Pathos. Gevoelens van empathie uitlokken.'
In een spiegel had hij erop geoefend. Boven zijn troosteloze donkerbruine ogen met de grauwe wallen, trok hij zijn wenkbrauwen samen in een schuin omhoogstaande plooi. Het larmoyante dat zo van hem afdroop als een waterval van hevig lijden, deed hem tevreden grijnzen. Een aantal pogingen had hij inmiddels in de praktijk gebracht. Ondanks de verstarring van de luisteraarster die kon optreden, als Joep wat lijzig begon te praten, deed hij kennelijk iets verkeerd en verloor hij zijn greep op de aandacht. Want als hij vertelde dat hij was ontslagen, er een dierbare op sterven lag, of zijn hond weer vitaal door het bos kon rennen na half op apegapen te hebben gelegen, werd dat meestal afgedaan met een afwezig 'ik moet nog werken', en 'ik ga maar weer eens'.
Toch maar volhouden, dacht Joep. Er zijn op het juiste tijdstip en de juiste plaats. Om haar zo te kunnen treffen. En hoewel hij daardoor zijn favoriete bosnimfen veelvuldig tegen het lijf liep en er van toeval geen sprake meer kon zijn, had hij zich geen enkele maal betrapt gevoeld - al raakten er wel nimfen 'zoek' na verloop van tijd en hielp ook dagenlang heen en weer wandelen op de voor hem bekende routes geen zier. Dan ging hij er maar vanuit dat ze verhuisd waren -
Eloë. Hij kon aanstalten maken zijn gastvrouwe te verleiden. Maar hoe? De jarenlange zelfbevlekking... Was die hem, de denker, niet aan te zien? Zijn weke fallus waarmee hij zich verlustigde aan Bretonse hammetjes met zelfgemaakte vulva's, sprak blanco boekdelen over zijn gebrek aan ervaring. Als hij met haar zou gaan vrijen, dan zou hij het visachtige gelaat met de wijd uiteenstaande ogen en de vlezige pruilmond vlak voor zich moeten houden en haar strak aankijken, want vertrouwen op andere schrikbeelden om een vroegtijdig hoogtepunt te voorkomen, kon hij niet.
Zijn angst nam toe in crescendo. De kaki zomerbroek met de flinterdunne stof waaronder hij niets droeg, begon bol te staan. De hand van Eloë sloop via een dijbeen naar zijn kruis en frommelde wat onhandig aan zijn gulp.
'Zullen we gaan samenwonen?', vroeg Joep zakelijk. 'Dan hoeven we niet eerst te gaan seksen en vervolgens tijd te verspillen met heen en weer te rijden van jou naar mij en vice versa en geen ingewikkelde gesprekken met elkaar te gaan voeren en uiteraard is een gezamenlijke huur goedkoper.'
Gebiologeerd keek ze naar zijn broek, waar om de geopende rits, een oliedonkere vochtplek, zich schoksgewijs uitbreidde.

Het herfstblad liet de zomer los. In een warrelend dwalen. Rakend de grond. Een ritselend samenkomen dat laagje voor laagje de aarde met verrotting bevruchtte. Het zonlicht drong door de nog dikke, roodkoperen huiven van de bomen, spatte uiteen. Het schreeuwen van verre vogels, werd overstemd door het krachtige, aanzwellende ruisen van de bladeren, alsof een schelp aan zijn oor werd gezet, zijn bloed kolkend begon te stromen. Een naderende bosnimf.
Hij riep zijn oude hond met een bassende stem en zwaaide ongedurig met de hondenriem.
'Ik ben een leider,' dacht Joep heldhaftig, 'een meedogenloos heerser.'
Hij maakte rechtsomkeert en verdween in het halfdonker van een hecht bomenkordon dat hem anoniem opnam. Deze route, waarbij hij zich een weg moest banen door doornige struiken, en de zompige grond hem deed strompelen, was de kortste naar de parkeerplaats waar zijn auto stond. Moeizaam kroop zijn halfblinde herder op de achterbank, gekweld door de pijn in zijn doorgezakte heupen.
'Eloë en Sofietje zullen echt wel verhuisd zijn', zei hij, licht verontwaardigd en half achterom kijkend. 'Anders waren we ze nadien vast ergens tegengekomen.'
Maar hoe leg je dat een hond uit?
Bij het starten van de wagen, kwam er berusting over Joep.
Ze hadden het goed zo, samen.



Niels Landstra


inhoud * gedichten * anderstalig * site * recensies * podium * proza * colofon 
Nieuws



Literaire Boeken Top 10
  1. In Europa - G. Mak
  2. Het vooroudergevoel - J. Blokker
  3. Knielen op een bed violen - J. Siebelink
  4. Verborgen gebreken - R. Dorrestein
  5. Zolang er leven is - R. Dorrestein
  6. De asielzoeker - A. Grunberg
  7. Wolkenatlas - D. Mitchell
  8. Eline Vere - L. Couperus
  9. De mysterieuze vlam van Koningin Loana - U. Eco
  10. Schaduw van de wind - C. Ruiz Zafon
De Boeken Top 10 is gebaseerd op de verkopen van boekhandel
'Het Verboden Rijk' te Roosendaal in de periode 10 t/m 24 februari 2005.

LuilekkerMand
In samenwerking met kOrt Literair organiseert LuilekkerMand een zomeravondworkshop Verhalen maken op 10 en 11 september 2005. In het weekend worden er workshops en optredens gehouden. In het arrangement zijn ontbijt- en avondpicknicks inbegrepen. De locaties zijn het kampeerterrein Hollandse Heide in het bos bij Stokkum, Gld. En het openluchttheater Engbergen in het bos bij Gendringen, Gld. Intekenen kan via de website www.luilekkermand.nl/workshopweekend.htm . Daar is ook meer informatie te vinden.


OpStaan
De volgende OpStaan in Momfer (open podium voor iedereen) vindt plaats op zondag 6 maart vanaf 15.00 uur in Café Momfer de Mol, Oude Molstraat 26a, Den Haag. Deelname en entree is gratis. Meer informatie over onder andere data, artiesten en deelname is te vinden op www.OpStaan.org


Literaire Avond Zuidwolde
De Literaire Avond Zuidwolde 2005 wordt op zaterdag 19 maart geopend door de nieuwe Dichter des Vaderlands Driek van Wissen. Er treden zeven dichters op waaronder Karin Beumkes, Gerry van der Linden en Jan-Jaap Reinders (publieksprijswinnaar 2004). De avond vindt plaats in het antieke eetcafé Moeke Vaatstra. De dichter die de harten van het publiek kan winnen ontvangt de publieksprijs. De avond wordt gepresenteerd door Pieter Kleinjan. De zaal gaat om 19.15 uur open en de entree is gratis.


”Oud” nieuws
De Winter in drie zangen is een 18e eeuws gedicht van de dichter Van Boelens. Op de website www.zwartijs.nl, tijdens het surfen zeker de moeite van een bezoekje waard, wordt dit gedicht geheel verklaard en toegelicht en is informatie te vinden over de dichter.


DVD Droom in Blauwe Regenjas
Er is een DVD uitgekomen van de tweetalige Friese bloemlezing Droom in Blauwe Regenjas. Op deze DVD staan de voordrachten van de 23 Friese dichters uit de bundel. De Friestalige voordrachten zijn Nederlands ondertiteld. De DVD is in Leeuwarden verkrijgbaar bij boekhandels Van der Velde en de Tille en kan in Groningen aangeschaft worden bij Athena's Boekhandel. Bestellen of een recensie-exemplaar aanvragen kan bij Xelmarkuiper@hotmail.comX (de letters X uit dit adres verwijderen!) Meer informatie over de bloemlezing www.droominblauweregenjas.info/


Poëzieavonden in het Kunsthuis
Op woensdag 16 februari vond in het Kunsthuis aan de Dr. H.G. Scholtenstraat 5c te Zaandam de eerste van een reeks poëzieavonden plaats. De avonden vinden plaats op initiatief van Frenk van Heeswijk en de Amsterdamse dichter Merik van der Torren. Hij publiceerde verschillende dichtbundels waaronder in april 2004 de bundel 'Grondvest'. Van der Torren organiseert ook al negen jaar literaire avonden in Cultureel Centrum de Badcuyp in Amsterdam. Tijdens de eerste avond in het Kunsthuis traden Van der Torren zelf, Mirjam Al, Loek Razoux Schultz en Anne van Amstel op. De eerstvolgende avond in het Kunsthuis is op woensdag 16 maart. Aanvang 20.30 uur. Contact: Xkunsthuisvanheeswijk@hotmail.comX (de letters X uit dit adres verwijderen!)


ANV-Visser-Neerlandia Prijsvraag
Het Algemeen-Nederlands Verbond organiseert ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de ANV-Visser-Neerlandiaprijzen een prijsvraag voor het ontwerp van een eigentijdse Nederlandstalige musical over het geactualiseerde gedachtegoed van Herman Visser (1872-1943). De prijs bedraagt 10.000,- Euro. Manuscripten in drievoud getypt met vermelding van de titel en een schuilnaam. Het ontwerp voor de musical moet een uitgewerkte synopsis, twee taferelen en twee uitgeschreven liedjes en een ingezonden demo op CD bevatten. Opgave van de titel, naam en adres van de auteur en componist in een gesloten enveloppe, waarop de naam van de musical en de schuilnaam, meezenden. De sluitingsdatum is 30 september 2005. Het ingezonden materiaal blijft in het bezit van het ANV. Het correspondentieadres is Algemeen-Nederlands Verbond, Jan van Nassaustraat 109, 2596 BS Den Haag. Website: www.algemeennederlandsverbond.org


Plebs
Een kersvers literair tijdschrift is verschenen: Plebs! Dit is ontstaan uit de literaire kring het Genootschap De Gezanten van Ruysdael. Het eerste nummer verscheen reeds in september en het tweede nummer zal in de loop van de maand maart verschijnen. Plebs is een halfjaarlijks tijdschrift en wordt uitgegeven in Torhout (België). Afzonderlijke nummers zijn te verkrijgen voor € 6,50 (incl. verzendkosten). Een abonnement kost € 10 (incl. verzendkosten). Voor meer informatie raadpleeg de website www.freewebs.com/gdgr-plebs/


Ronald Jooris krijgt cultuurprijs
De dichter Roland Jooris kreeg deze week de driejaarlijkse cultuurprijs in de categorie poëzie. Dit voor zijn bundel 'Gekras' uit 2001. De jury zegt hierover: "Zijn dichterschap zoekt de zelfbeperking op in een dwarse, nukkige en krassende taal."


Burgemeester ‘Stad der Blinden’ bezoek Antwerpen
Op 4 maart komt José Saramago naar Antwerpen, voor een vertaalsymposium over zijn werk. De schrijver komt aan het woord, specialisten spreken over zijn werk, vertalers spreken over de specifieke vertaalproblemen ervan. Om rechtstreekse vergelijkingen tussen de verschillende vertalingen mogelijk te maken, wordt er gewerkt rond één boek: 'Todos os Nomes' ('Alle namen'). Twee dagen Saramago-studie aan het Instituut voor Vertalers en Tolken: een goede gelegenheid om dit prachtige oeuvre eens van een andere kant te benaderen.
De literaire avond start om 20.00 uur in het Provinciehuis van de stad Antwerpen. Een ticket kost 15 euro.
Meer info: www.abc2004.be


Geletterde mensen
Dat Cornelius Bracke een geletterde mens is, heeft hij al omstandig bewezen. Al twintig jaar lang tracht hij in HUMO de wereld te verbeteren in zijn column 't Wordt teveel voor Corneel. Om het gevarieerde aanbod van zijn columns nog feestelijker te maken, deed Corneel een beroep op het onuitgegeven allround-duo De Kroon, bestaand uit Jan De Smet en Arne Van Dongen. Vanaf 10 maart tot 15 april in verschillende culturele centra. De speellijst staat op www.begeerte.be.


Literatuurgeschiedenislessen
De Universiteit Vrije Tijd Davidsfonds organiseert 'Poëzie in Vlaanderen en Nederland '1945-2005'. Deze cursus vindt plaats in Kortrijk op de vrijdagen 4,11, 18 en 25 maart van 13.00 tot 16.00 uur. Dirk de Geest bespreekt het werk van een aantal vooraanstaande dichters en stromingen en plaatst ze in een literair-historisch kader. Deelnemen kost 45 euro (40 euro voor Davidsfondsleden). Meer info via het e-mailadres: Xuniversiteit.vrije.tijd@davidsfonds.beX (de letters X uit dit adres verwijderen!).


SNELNIEUWS
28/02/05 - MERKSEM: “Het leven zoals het is: dagboeken.” Dagboeken zijn er van Bridget Jones tot Anne Frank. Soms biedt het dagboek een persoonlijke en intieme kijk in de wereld van kunstenaars, zoals Anaïs Nin. Kortom, dagboeken zijn even veelzijdig als hun auteurs. Een boeiend genre, dat zeker de moeite waard is om beter te leren kennen. Lezing start om 19.30 uur - 10/8/7€ - CC Merksem, Kasteel Bouckenborgh, Bredabaan 561
04/03/05 - ANTWERPEN: “BEAT! Bookstore” Opening van BEAT! Bookstore met Simon Vinkenoog. Deze boekhandel wordt een evenementenboekhandel, waar de bezoeker een compleet beeld van de beat-cultuur krijgt en kan worden ondergedompeld in de dynamiek van het woord. Er zullen tentoonstellingen, lezingen en performances worden georganiseerd – 11.00 uur - gratis - Wolstraat 2 - meer BEAT!activiteiten op www.abc2004.be
05/03/05 - ANTWERPEN: I Hij was al aangekondigd voor november, maar op 3 maart is het eindelijk zover: wordt de I van Anne Provoost en Antoine van Loocke onthuld.
a: We kunnen zwijgen over het werk. Zwijgen is het onzichtbaar maken.
a: Wat is dan het onderscheid tussen zwijgen over het werk en het werk niet maken?
a: Wat je overhoudt is paniek.
Meer info: www.abc2004.be
05/03/05 - GENT: “Wie wind zaait zal aanstormende dichters oogsten” Groot Poëziefestival met twintig veelbelovende dichters (o.a. David Van Reybrouck, Jelle Meander, Andy Fierens, Eva Cox, Tjitske Jansen,...) op vijf verschillende locaties – 18.00 tot 22.00 uur - 8 euro - reserveren via PoëzieCentrum vzw www.poeziecentrum.be - meer info: www.eneris.be
06/03/05 - SINT-NIKLAAS: Poëzie op Zondagmorgen In de 30ste jaargang van de reeks 'Poëzie op Zondagmorgen' wordt Arjen Duinker verwacht – 10.30 tot 11.30 uur - gratis - Cultureelcentrum Sint-Niklaas, kasteel Walburg, Romain De Vidtspark
06/03/05 - BRUGGE: Woordenvloed Dichters voor 12-12 stellen samen met Kokobozo de bundel 'Woordenvloed' voor – 20.00 uur - Magdalenazaal, Magdalenastraat 27 - Meer info hierover: www.kokobozo.org
07/03/05 - MERKSEM: Detectives en Thrillers U gaat lekker zitten voor een aflevering van 'Inspector Morse'? U leest tot diep in de nacht omdat het boek té spannend is om al naar bed te gaan? Deze cursus test uw kennis van detective- en thrillerschrijvers aan de hand van fragmenten. U maakt kennis met nieuwe namen én natuurlijk moet de speurneus in u een raadsel oplossen – 19.30 uur - 10/8/7€ - CC Merksem, Kasteel Bouckenborgh, Bredabaan 561
11/03/05 - ANTWERPEN: X Als u in april naar de lucht kijkt, en de vogels ziet terugkeren uit het warme zuiden, dan is de kans groot dat die van Caroline Lamarche en Clotilde Olyff ertussen vliegen. Ze zijn te herkennen aan hun zilverige glans en welbespraaktheid. Ze zullen nesten in de Antwerpse Zoo, waar u ze kan gaan bekijken - Wintertuin van de Zoo, Koningin Astridplein, meer info: www.abc2004.be



Het nieuws werd samengesteld door Jan Boonstra en Tine Moniek.

Nieuwsberichten voor Meander 262 van zondag 13 maart dienen uiterlijk dinsdag 8 maart in ons bezit te zijn. Stuur geen attachments mee.
Berichten kunnen worden gestuurd aan Xnieuws@meandermagazine.netX (de letters X uit dit adres verwijderen!)


inhoud * gedichten * anderstalig * site * recensies * podium * proza * nieuws *
Colofon




Site: meander.italics.net

E-mailadres: Xinfo@Xmeander.italics.net (de letters X uit dit adres verwijderen!)

Redactie:
Adelheid Bekaert, Annette van den Bosch, Yves Joris, Gerard Kool, Joop Leibbrand, Margo Verbiest, Rob de Vos

Vaste medewerkers:
Jan Boonstra, Yvonne Broekmans, Hans Hamburger, Tine Moniek, Elly Woltjes.

Verder werken mee:
Chris Coolsma, Rutger H. Cornets de Groot, Edith de Gilde, Milla van der Have, Joris Lenstra, Bert van Weenen, Atze van Wieren.

De gedichten worden beoordeeld door: Yvonne Broekmans, Hans Hamburger, Yves Joris, Joop Leibbrand en Tine Moniek.
De verhalen worden beoordeeld door: David Troch, Herbert Mouwen, Margo Verbiest, Rob de Vos en Elly Woltjes.

Wil je meewerken aan Meander?
Kijk dan op http://meander.italics.net/meewerken en vul je gegevens in.


Financiën:
Meander is gratis, maar ook uw financiële bijdrage is nodig!
Bijdragen vanuit Nederland kunnen worden overgemaakt op Postbank giro 8941864 t.n.v. G.C. Kool te Delft.
Voor bijdragen vanuit België: Rekening 402.2004409.95 ten name van Meander.
Vermeld 'donatie Meander' en uw e-mailadres.

Abonneren, opzeggen en uw adres wijzigen gaat het eenvoudigst op het adres: http://meandermagazine.net/service
en omslachtiger door gebruik te maken van de volgende e-mailadressen:
Abonneren door een mail aan Xmeander-request@lists.nl met als onderwerp: subscribe (de letters X uit dit adres verwijderen!)
Opzeggen door een mail aan Xmeander-request@Xlists.nl met als onderwerp: unsubscribe (de letters X uit dit adres verwijderen!)
(U kunt ook de hele krant aan ons retour zenden met ergens bovenaan de uitroep 'Unsubscibe!' of iets dergelijks, maar dat is de meest onbehouwen manier ...)

Kopij is welkom bij Meander. Zie http://meandermagazine.net/kopij/

Verdere verspreiding van de in deze uitgave opgenomen teksten is alleen toegestaan met voorafgaande en uitdrukkelijke toestemming van de auteur(s)


Zie ook op onze site: gedichten * verhalen * artikelen * recensies * interviews * links * klassiekers * archief

naar begin van deze krant