Snakken naar liefde in een vreemd land
door Peter Wullen

De Iraaks-Nederlandse schrijver Al Galidi is tegelijkertijd een sluwe vos en een vreemde eend in de bijt. In 1998 belandde hij in Nederland als asielzoeker. In 2005 werd zijn asielaanvraag afgewezen. Intussen had hij op eigen houtje Nederlands geleerd. Hij zette zich aan het schrijven en begon boeken en poëziebundels samen te stellen. Het succes was boven verwachting: de critici waren unaniem lovend. Al Galidi zet de Nederlandse taal immers op zijn kop. Briljante eenvoud, filosofische diepgang en fijne maar soms ook grove humor wisselen elkaar af. U bent meteen gewaarschuwd: zijn nieuwe bundel 'De herfst van Zorro' belandt hoog in mijn top tien van 2006, ver verheven boven wat zijn Nederlandse en Vlaamse collega's dit jaar presteerden.

De biografie van Al Galidi bevat tal van onduidelijkheden. Feit en fictie lijken door elkaar te lopen. Net als de schimmige held Zorro weten we nauwelijks wie hij is. Speelt hij een spel of is hij echt? Naar hij zelf vertelt, werd hij in 1971 geboren in Zuid-Irak. De exacte datum kent hij niet. In zijn levensbeschrijving staat dat hij aanvankelijk vioolspeler wilde worden maar dat er geen leraar voorhanden was in de woestijn. Toen hij zes of acht was, begon hij gedichten te schrijven. Hij studeerde af als bouwkundig ingenieur in Arbil. In februari 1998 vroeg hij asiel aan in Nederland. Na het negatieve antwoord - het ministerie van Justitie noemde hem een leugenaar - belandde hij op de lijst van de uitgeprocedeerden. Daardoor mocht hij zelfs niet naar school. Hij leerde zichzelf de Nederlandse taal. Al Galidi heeft al plannen om naar een ander land te vertrekken maar verblijft tot nader order nog in Nederland. Voor hoe lang nog?

Dankzij zijn literaire activiteiten bouwde hij een aardige reputatie op en werd een stem voor de asielzoekers in Nederland. In 2000 kwam zijn eerste gedichtenbundel Voor de nachtegaal in het ei uit. Hij schrijft columns voor de Leeuwarder Courant, de Gelderlander en Migranten Informatief. Hij won de literatuurwedstrijd van El Hizrja, het Centrum voor Arabische kunst en cultuur, en kreeg in december 2001 de Phenix-essayprijs van de NRC en De Standaard. In september 2002 kwamen zijn tweede gedichtenbundel De fiets, de vrouw en de liefde en zijn gebundelde columns Dagboek van een ezel bijna gelijktijdig uit bij de Arbeiderspers. De fiets, de vrouw en de liefde werd in 2003 genomineerd voor de J.C.Bloemprijs. We pikten dit citaat op van de dichter Al Galidi: "Je hebt geluk als je dichter in Nederland bent. Niemand leest je. Mijn eerste gedichtenbundel is alleen door een meisje van zeventien jaar oud van kaft tot kaft gelezen. Ze kon me precies vertellen wat ze wel en niet leuk vond. Anderen kochten het boek maar lazen het niet."

Zijn nieuwe dichtbundel, De herfst van Zorro, verscheen zopas bij Meulenhoff/Manteau. Zorro verwijst natuurlijk naar het fictieve personage, gecreëerd door de Amerikaanse pulpauteur Johnston McCulley. Zorro is de gemaskerde en bijzonder populaire antiheld, die orde op zaken stelt en strijdt tegen het onrecht en de corruptie in het Californië van het Oude Westen. In tegenstelling tot de arme en meermaals uitgeprocedeerde Al Galidi is de echte Zorro de rijke jongeling Don Diego de la Vega. Het woord Zorro is tevens Spaans voor vos, een dier dat bekendstaat om zijn intelligentie en de jagers telkens te slim af is. De vos of 'zorro', die achterdochtig omkijkt, staat afgebeeld op de omslag van de dichtbundel. In deze bundel is hij oud geworden. Zorro gooit zijn zwarte cape en zijn zwarte masker weg en begint gedichten te schrijven. Een oude vos verliest zijn streken niet, dus werden het schavuitengedichten. De bundel valt uiteen in drie delen. De gedichten van de hoogste verdieping werden geschreven voor 'het hoofd van Zorro', de gedichten van de middelste verdieping richten zich tot het hart. Tenslotte zijn er de gedichten van de laagste verdieping, die de penis van Zorro als onderwerp hebben. De etages zijn niet strikt gescheiden qua onderwerp, maar lopen in elkaar over. Het gedicht 'Het drama van het koninkrijk van Zorro' komt zelfs op twee verdiepingen voor. Enkel de eerste regel verschilt. Op de middelste verdieping wordt dat:

Mijn hart is een kloppende penis, mijn penis een staand hart en ik ben heimwee.


Op de hoogste verdieping schrijft hij:

Mijn penis is een staand hart, mijn hart een kloppende penis en ik ben heimwee.

De onderwerpen van de gedichten van Al Galidi zijn: zijn situatie als vluchteling in Nederland, beantwoorde en onbeantwoorde liefde en natuurlijk vooral de gespletenheid tussen hart, hoofd en instincten. De gedichten zijn niet allemaal even sterk neergezet. Met een taalbagage van nauwelijks 3000 woorden kan dat ook moeilijk. Sommige sentimentele liefdesgedichten uit de 'middelste verdieping' vind ik bijvoorbeeld vrij clichématig. Maar dat wordt ruimschoots goedgemaakt door enkele ijzersterke gedichten, die tot het beste behoren van wat ik dit jaar al las. De combinatie van ernst, humor en weemoed werkt bijvoorbeeld perfect in het gedicht 'Een beschaafd volk veegt Zorro uit zijn land op een beleefde manier':

De Nederlanders vroegen mij
wie ik ben
en wat ik zou doen als ik terug moet
naar mijn vaderland
en ik denk: Ja, wie ben ik nu eigenlijk?
En wat doe ik als ik niet terug moet
naar mijn vaderland?
De Nederlanders vroegen mij:
'Hoe kun je slapen
zonder paspoort?'
En ik vraag me af:
Hoe kunnen deze slaapwandelaars
wakker worden
zonder zon?
De Nederlanders vroegen mij:
'Je hebt geen verzekering.
Wat als je been breekt?'
En ik antwoord:
'Ik hak het af,
kook het,
eet het op.'

Ach,
volgens mij
heb ik een vaderland nodig.


Een andere toon tref ik aan in 'Vredesbespreking van het hart van Zorro met de schoonheid'. Dit is een geweldige schreeuw om liefde en affectie. Het is een gedicht vol 'eenzaamheid, heimwee en weemoed', zoals Al Galidi het zelf treffend verwoordt.

De schoonheid raakte mijn hand aan.
Ik knielde voor haar voeten.
‘Schoonheid,
als slaaf smeek ik je,
geef mij niet op.
Wees een haven.
Alsjeblieft,
ik verdien het ook
om in winter
met iemand te zitten
bij brandend hout
en te praten over mezelf,
te huilen,
te spartelen,
te schreeuwen tegen de sneeuw
om te kunnen slapen.
Ik verdien het ook
dat jij bij mij bent.

Al Galidi is intussen al een tijdje uitgeprocedeerd. Hij weigert een Nederlands paspoort en is op zoek naar een nieuw land om te verblijven. Waarschijnlijk wordt dat zelfs België. Niet als asielzoeker, maar als schrijver, wil hij naar België komen, verklaarde hij in een recent interview met de VPRO. In datzelfde interview drukte Al Galidi ook zijn afschuw uit voor de Nederlandse ambtenaren met op kop minister Verdonk, die volgens hem erger en wreder zijn dan de bewakers in de gevangenissen van zijn thuisland Irak in de tijd van Saddam Hoessein. Gelukkig heeft hij voldoende humor en een grote mond als verweermiddel tegen al het onrecht dat hem aangedaan wordt. Die humor balanceert soms op het randje van het cynisme. Bijzonder zwartgallig en sarcastisch maar tegelijk ook grappig is het gedicht 'Zorro krijgt werk in Nederland':

Tegen de medewerker van het uitzendbureau
zei ik dat ik geen cent had
en werk zocht.
'Wat is jouw sterke punt?' vroeg ze.
'Mijn penis', zei ik.
'Wat is jouw zwakke punt?'
'Mijn penis.'
Ze legde een condoom op de tafel.
'Gefeliciteerd', zei ze.
'Je bent aangenomen
en kunt gelijk beginnen.'

De hilarische tien artikelen van het gedicht 'Universele Verklaring van de Rechten van de Penis van Zorro', geënt op de 'Universele Verklaring van de Rechten van de Mens', geven de bundel De Herfst van Zorro nu al een bijna legendarisch statuut. Naar het schijnt, zijn de 2500 exemplaren van de eerste druk op basis van dit gedicht uitverkocht. Al Galidi geeft een stem aan een generatie uitgeprocedeerden van Nederland en Vlaanderen. De herfst van Zorro is misschien geen perfecte gedichtenbundel, maar wel een statement van jewelste. Voor mij in elk geval mijn favoriete bundel van het jaar 2006.

Al Galidi – De herfst van Zorro
Meulenhoff/Manteau, Antwerpen/Amsterdam 2006; 80 blz.; € 19,95
ISBN 90 8542 57 1

Peter Wullen

Gepubliceerd in Meander, http://meandermagazine.net, op 2 november 2006.
Deze tekst is te vinden op het adres: http://meandermagazine.net/t.php?txt=3091.
Overname van teksten is alleen toegestaan met toestemming van de auteur: Peter Wullen.