Gedichten

Gedichten die opvielen tussen de inzendingen in de derde ronde van de Meander Dichtersprijs 2017

Els Driessen (1963)

Als haar schoenen huilen

De wind waait niet langer binnen
De verlaten tafel smacht naar bezeten stoelen
Een hooggehakt paar schoenen huilt om damesvoeten
De oude hond klauwt naar een gebroken snaar

Wijn uit een omgevallen glas druppelt
in rood spijkerschrift een roman op de vloer
Gevallen zaad van de gekooide parkiet komt niet tot groei
Het rozig marmer laat geen water toe

In een gestreepte jurk de gekantelde blik
van een vrouw, kater Kismo schuurt met z’n tong
haar gelaat uit de vouw, geleden jaren weggeboend

Om vijf uur thuis, de oude hond staat langzaam op
Met dronken handen aangelijnd uitgelaten
Vanmorgen deden ze dat nog samen.

 

Jan De Bruyn (1959)

brains & branie

Onder hazelaars droomt mijn vader van liefde
die niet van deze aarde is

ik ben zijn erfgenaam maar hij wuift naar me
met een zakdoekje van niets omdat ik me vergis
en al dat zoeken jongen weinig zoden zet
hij wist hoeveel hout je moest klieven

om zomers lang te laten duren
om te overwinteren met je geliefde

en dat lekkages juist geen hinder zijn
maar iets om gemoedelijk mee om te gaan
een pleistermes een roestige spijker en een screwdriver
will do nicely

je moet het met je handen doen je brains en branie
niets om je over te schamen

Dorien De Vylder (1988)

OASE

Je laat de olijfboom
een boom. Een lichtblauwe vrouw
zit in zijn koelte gehurkt, ze lijkt naar je

te willen luisteren. Maar jij hebt niets
te vertellen, nog niets van belang.
Ze leert je de schaduw schikken.

Je vraagt je af hoe groot
een schaduw moet zijn
om er rust in te vinden.

Paul van der Laan (1968)

hulp

uit een scheur in de stad
kruipt ze omhoog
gaat op muren staan
die ze zelf ooit bouwde

door de lucht
ziet ze mannen vallen
die even boven de aarde
hun doeken openvouwen
opeens hangt hun vlucht
aan dunne draden

nog nooit is ze zo blij geweest
met witte lakens
samen zoeken ze haar naasten
onder te zware stenen

nadat de hulp verdwenen is
begint ze met nabestaan
bouwt met wat ze dragen kan
een huis om weer te schuilen
voor wie terug gaat slaan