Gedichten

door Jan Kleefstra (1964)

Jan Kleefstra (1964) is een tweetalig dichter: Nederlands en Fries. Hij combineert zijn Friestalige poëzie liefst met muziek. Samen met zijn broer Romke Kleefstra maakt hij diverse bewerkingen, o.a. verschenen op hun album Piiptsjilling, die tot ver in het buitenland te horen zijn. Altijd vergezeld van een
boekje met daarin de Friestalige verzen en Engelse vertaling.
Daarnaast publiceert Jan Kleefstra zijn poëzie ook op de traditionele wijze:  twee Friestalige en een Nederlandstalige duobundel met de Zuidafrikaan Floris Brown (Friese Pers Boekerij). Bij uitgeverij Aspekt verschijnt de derde Nederlandstalige bundel Een mistval om het rumoer  (met tekeningen van Lucien Tinga).
Poëzie van Jan Kleefstra verscheen inmiddels in nationale en internationale tijdschriften en is in meerdere talen vertaald.

 

Het water aan mijn lippen
vorst verbeten in het wang

als een begin zo kwaad nog niet

mijn keel kokhalzend wijze lessen

in mijn hoofd de onschuld

hield ik er van

*

Het deel van de dag waarin wolken uiteendrijven

de gelijkmatigheid die
het leven van de winterkoning redt

soms strijkt wind zacht een vuile kerf

je manier van denken bepaalt uiteindelijk
de dikte van de berk
die je op de rand van het ravijn omarmt

*

Weemoedig kleed ik mij een afgedragen
eerder nog een mensenleven

sluit mijn ogen waar de moed zwijgt

dronken aan de voet van de stille berk
krom ik mijn rug over windmoe water

ik zou naar het geluid van licht moeten zoeken
de meeuwen aan het woord moeten laten

hoe komt een kust zo verscheurd

Uit: Jan Kleefstra. Een mistval om het rumoer
Uitgeverij Aspekt. ISBN 9789463381673
(nog niet verschenen)