Young Poets

Young Poets organiseert zo nu en dan wedstrijden voor jonge schrijvers tussen de 14 en 25 jaar zoals bijvoorbeeld afgelopen lente. De redactie van dit taalplatform (initiatief van het Letterkundig Centrum Limburg) vond het toen tijd voor een lentewedstrijd en gelijk hadden ze!
Het thema werd ‘vriendschap’ (en zoals een van de deelnemers zei ‘daar gaat het best vaak niet over’). Bij het thema horen termen als vertrouwen, veiligheid, onvoorwaardelijkheid maar ook kwetsbaarheid, verdriet en herinnering.
De deelnemers schreven een (niet eerder gepubliceerd) gedicht van maximaal 500 woorden.
De jury werd gevormd door dichter Jonathan Griffioen, docent Nederlands Jaap Linde (Vrije School Parkstad), Elly Woltjes (Meander) en Alja Spaan (dichter, Meander).  Zij kregen alleen de leeftijd van de auteur te zien.
Meander werkte al eerder met Young Poets samen, zie https://meandermagazine.net/wp/2015/01/wedstrijd-traditie-van-youngpoets/ hier de eerste keer.

Afgesproken werd met de winnaars en Merlijn Huntjens (consulent Literatuur, het Huis van Limburg) de eerste drie winnende gedichten op de Meandersite te plaatsen!


De eerste plaats

Vriendschap

Vriendschap is een ochtend die je zelf hebt aangebroken.
Zelf kiezen wanneer de zon opkomt.

Vriendschap is voornamelijk geel, met vlekken gesatureerd blauw.
Zeker geen rode stukken.

Vriendschap is schappelijke wind op een
warme zomerdag.
Zon op een koude winterdag

Een vroege lente, juist wanneer je het nodig had.

Een boom die juist in die hoek groeit,
een bloesem waar de woede van afspat,
gewelddadige kleuren. Overweldigd.

Vriendschap is ook plotseling vragen vergeten en in vloeibare vorm vallen,
wetend dat het opstaan erbij hoort.

Even blijven liggen op de grond,
naar de lucht kijken en je hebt net de
hemel gezien maar je zegt er toch maar beter niets over.

Verdwijnen en wegkwijnen,
goedkope wijnen en samen rijmen.

Vriendschap zijn aders, jij bent bloed.

Vriendschap is van jezelf houden.

(c) Nathan van der Borght (2001)

Nathan Van der Borght studeert Latijns in het 5de middelbaar te Antwerpen. “Ik ben 16 zomers oud. Voor mij is poëzie een manier om met alles om te gaan, een manier om mezelf uit te drukken. Ik ben al van jongs af aan absoluut geobsedeerd door literatuur. Emoties omvormen in woorden, emoties omvormen in een metrum en vorm is iets wat me ongelofelijk veel voldoening geeft. Mijn ambitie? Elke dag van de rest van mijn leven bezig zijn met poëzie. Woorden zijn mijn middel, en het doel heiligt de middelen. Bovendien is literatuur voor mij de mooiste manier om de realiteit te ontvluchten, en die tegelijk te capsuleren.  Mijn grote inspiraties zijn Tom Lanoye, de Amerikaanse dichteres Rupi Kaur en natuurlijk, natuurlijk Hugo Claus. Ook de stadsdichter Maud Vanhauwaert is een groot voorbeeld van mij. Maar ook alle andere Nederlandstalige dichters die mij nu al hebben gevormd als persoon en, daar ben ik zeker van, mij verder zullen boetseren voor de rest van mijn leven. Ik ben nog een dichter in ontwikkeling, elke dag leer ik bij en verander ik. Ik citeer u graag “Literatuur wordt door zieken gemaakt. Wie gezond is, schrijft geen boeken” van Hugo Claus.”

 

Tweede plaats

Buitenaards

Eerst waren jullie bang en opgewonden;
dat zwakte af maar het werd enkel beter.
Jullie zijn een bijzonder klonenkoppel:
de één een mannelijke vrouw,
de ander een vrouwelijke man,
of iets ertussen en andersom dan.
Jullie zijn planeten
en laten elkaar trots de ringen zien
die jullie hebben verzameld
op weg naar het volgende moment
waarop jullie banen kruisen.
Het staat niet in de sterren
– zelfs in je beste latijn onleesbaar –
maar jullie weten waar te zijn,
ondanks hetzelfde vertrekpunt,
via een anders gekozen route.
Jullie zien en zoenen elkaar op de mond
als vrienden die elk een fles wijn hebben
en hun liefde kwijt moeten.
Niet ‘jij vindt nog wel iemand’
maar ‘wij hebben elkaar gevonden’.

(c) Thijs Joores

Thijs Joores (1998) woont in Utrecht en is op dit moment bezig met het afronden van zijn studie Literatuurwetenschap. Geïnspireerd door alle teksten waarmee hij tijdens zijn studie in aanraking is gekomen, is er langzaam iets ontstaan wat ‘schrijfambitie’ heet. Hij heeft gepubliceerd in Op Ruwe Planken, won in 2017 de voorronde van Kunstbende Utrecht in de categorie Taal en gaat deze zomer mee op de Parijsresidentie van deBuren. Hij besloot mee te doen aan deze wedstrijd toen hij zag dat het thema ‘vriendschap’ was: een mooi onderwerp, dat vaak minder aandacht krijgt dan romantische relaties maar minstens even interessant is.

 

Derde plaats

Over de gebroken surfmast die op mijn kamer staat

Woeste luchten joegen storm aan
schuimkoppen likten aan het zand
heel Scheveningen beefde
onder het gebulder nabij de strandrand.

Twee zonderlinge zielen regen draden
van surftuig aaneen tot er
zich vaartuigen vormden die
de wispelturige waterbak moesten overtroeven.

Het mocht niet baten.

Niet
wilde de branding zwijgen hij
bleef maar bulderend van het lachen in
de nek hijgen van beide jongelieden die
drie drakenkammen over aanzagen
hoe twee onmachtige masten doormidden
braken.

Toch
voerde de zee die dag niet
het laatste woord want
toen de vrienden noodgedwongen naar
het droge afdropen
sprak er één de ware woorden:
‘Gebroken masten brengen geluk.’

(Deze tekst siert het voetstuk van de mast die op mijn kamer staat.)

(c) Casper Vliet

Casper Vliet (1997), studeert in het dagelijks leven rechten aan de universiteit van Utrecht. “Daarnaast ga ik graag het water op om te windsurfen, vind ik het leuk om te schaken met vrienden en schrijf ik sinds een jaar of drie gedichten. Veelal verhalen die van alledaagse associaties, flashbacks en hersenspinsels. Soms ook gaan ze over een gebeurtenis in mijn leven, zoals het avontuur in Scheveningen. Niet eerder heb ik een gedicht gepubliceerd. Maar toen een vriendin mij tipte over jullie wedstrijd heb ik voor de gein wat ingestuurd. Ik ben aangenaam verrast met een derde prijs!”