Recensie van Het heelal van jouw hart - Sjoerd Kuyper

Innemend en zachtaardig

Sjoerd Kuyper
Het heelal van jouw hart
Uitgever: Nieuw Amsterdam ,Nieuw Amsterdam ,Nieuw Amsterdam
2012
ISBN 9789046812204
€ 19,95
112 blz.

In Sjoerd Kuypers Het heelal van jouw hart – ondertitel ‘de mooiste gedichten’ – werd volgens het achterplat ‘Het beste uit 40 jaar dichterschap’ verzameld. Kuyper deed dat niet zelf, maar liet dat over aan zijn vrouw Margje (aan wie de bundel ook werd opgedragen) en goede vriend Thomas Verbogt, die voor het werk van zijn ‘innig dierbare’ vriend ook de inleiding mocht schrijven.
In zijn vriendelijke tekstje, dat wel érg in de privésfeer blijft hangen, karakteriseert Verbogt Kuyper als de dichter van het geluk: ‘Ik ken geen schrijver in Nederland die zo mooi over geluk kan schrijven. Over de eenvoud van geluk, over de dynamiek van geluk, en ook over het breekbare van geluk, want natuurlijk gaat het soms ook over verdriet, is zijn werk soms ook diep melancholiek.’ Van Kuypers gedichten word je gelukkig stelt hij, ‘ze veroorzaken opluchting’. En al is hij huiverig voor de typering ‘een goed gevoel’, hij durft haar hier wel te gebruiken: ‘je krijgt er een ontzettend goed gevoel van.’
Kuyper zal vervolgens van die woorden van vriend Verbogt op zijn beurt óók weer een fijn gevoel gekregen hebben, want de uitspraken vullen natuurlijk niet voor niets het achterplat van de bundel.

Het mooie is, het is allemaal nog waar ook, want Kuyper heeft het benijdenswaardige vermogen zijn gedichten steeds iets onbevangens en ontwapenends mee te geven. Ze hebben in al hun eenvoud vaak iets naïefs, lijken geschreven vanuit een haast kinderlijke openheid, al is dat natuurlijk een vaststelling die in zijn geval wel erg voor de hand ligt. ‘Innemend’ en ‘zachtaardig’ zijn misschien betere kwalificaties.

Keerzijde is wel dat het allemaal erg braaf is. Nooit stuit je op onverwachte dwarsheid, er zijn geen rafelige, schrijnende onderlagen, zoals die bij bijvoorbeeld Willem Wilmink, die ook het schrijven voor kinderen en voor volwassenen met succes combineerde, wel regelmatig zijn aan te treffen. Intrigerend, écht interessant, zijn zijn gedichten dan ook nauwelijks. Zijn levensfilosofietjes zijn in het algemeen simpel, en aan de taal is niet veel extra’s te beleven. Neem een gedichtje als ‘Tijd’:

Tijd

Ik heb een oude klok vol tijd,
vol tijd die is geweest.

De tijd, die ben ik kwijt,
die is voorgoed voorbij.

O nee! Die is voorgoed van mij.
Want die heb ik beleefd.

Kuyper schrijft over huwelijk, (groot)ouderschap, de vader-zoonrelatie, de natuur en hij laat regelmatig zien hoe sterk hij geworteld is in de Kop van Noord-Holland. Twee gedichten springen er duidelijk voor mij uit. Dat is in de eerste plaats ‘Naar Texel’, dat heel precies beschrijft welke de enig goede manier is om wérkelijk op Texel aan te komen. Lees het gedicht, volg de route. Het andere is het gedicht dat precies op de dag waarop de bundel uitkwam op Meulenhoffs Dagkalender van de poëzie (de laatste!) stond. Dit:

De merels

         … mijn vader waarvan ik pas
         ontdekt heb dat hij een merel was.

         Frank Koenegracht

Twee oude mannen praten wat,
het is vroeg in het jaar,
de eerste warme lentenacht.

Jij staat in je tuin in Leiden,
ik sta in mijn tuin in Bergen,
we praten door de telefoon.

Een zwaluw strijkt de hemel glad,
de merel zingt op het dak
van het huis waarin ik woon.

Ik zeg: Hoor je de merel?
Jij zegt: Hoor je de mijne?
We houden onze telefoons omhoog.

Zo staan we in de lentenacht,
de eerste van het jaar,
en onze merels zingen voor elkaar.

Hier heeft de dichter de werkelijkheid naar zijn hand gezet en doet de taal wél zijn werk, en in metataal nog wel.

(Vandaag werd bekend dat Sjoerd Kuyper de zestiende winnaar is van de driejaarlijkse Theo Thijssenprijs voor kinder- en jeugdliteratuur. Goede kans dat de merels daar even niet tegenop zingen.)

***
Sjoerd Kuyper (1952) debuteerde begin jaren zeventig als dichter en schreef in totaal vijftien bundels voor volwassenen. Bekendheid kreeg hij daarnaast vooral als schrijver van kinderboeken (meer dan veertig) en kinderfilms. Ook schreef hij scripts en liedteksten voor musicals als Turks fruit en Dromen zijn bedrog; voor beide kreeg hij de John Kraaijkamp Musical Award.
Het heelal van jouw hart telt 47 gedichten en liedteksten. Ze werden gekozen uit de bundels Dagen uit het leven (1977), Een reisgenoot (1985), Nachtkind (1992), Zeepziederij De Adelaar (1994), Het lied dat mijn moeder zong (2003), Ik blijf altijd bij je (2008) en September (2009).