Gedichten

Zoveel weten we al

Waar het daalt en stroomt en bruist,
waar het paadjes vindt vol ongerijmd
van stotteren en treuzelen.

Waar het kolkt in grindverschuiving
sidderend neerkomt, opspringt.
Hoe dit plaatsvindt.

Zo ongeveer.

Waar de komma de tijd omklemt
en de uren loslaat op de wereld.
Hoe het drupt.

Daar.

Zomaar, ligt het verborgen op het mos
te sluimeren tot we komen.
Aandachtig kijken.

Naar dit, dit vreemde.

Mono

Ik zou zo willen raken aan je slaap,
aan dat wat overgave is. Ik zou zo.

Zoals jij snurkt, vol afgestemd, ingenieus
van diepe weerklank. Ik meet het af
met streepjes op het bed.

Elke nacht bedenk ik mogelijkheden,
routes om te volgen, in je pas te blijven,
mee te glijden.

Jouw vlucht vertraagt geen ogenblik.
Jij droomt je elke nacht een vrouw.


Gedicht

Interview met Jan Moeyaert

Tijd is niet relevant in Watou

Jan Moeyaert zit al aan de koffie op een van de vele terrassen die Watou telt. We ontmoeten elkaar tijdens het kunstenfestival verzamelde verhalen # 02, dat hij in zijn rol van intendant organiseert. Moeyaert is volop bezig met kunstprojecten. Denk daarbij aan het driejaarlijks kustproject Beaufort en het aan de Eerste Wereldoorlog gerelateerde project 2014-2018 in de Westhoek.

Voor het kunstenfestival in Watou kiest Moeyaert voor diversiteit in kunstdisciplines. Hij is bijzonder enthousiast over een festival zoals in Avignon waar gedanst, gemusiceerd, gelezen en gespeeld wordt. De doelgroep voor Watou is breed. Iedereen is welkom. Voor kinderen zijn er speciale koffertjes om mee te nemen voor onderweg en op woensdag en zaterdag is er een kinderatelier met activiteiten. Vorige week is er een poetryslam georganiseerd met Vlaamse en Nederlandse dichters. En binnenkort wordt er in de buitenlucht geschilderd bij de locatie Grensland.

Natuurlijk kan Moeyaert niet alles zelf doen. De gedichtenkeuze is verzorgd door Willy Tibergien van Poëziecentrum Gent. Voor de beeldende kunst is aan vijf curatoren gevraagd om op diverse locaties hun eigen verhaal te vertellen. Oscar van den Boogaard heeft dit opgevat als een oproep om de kunst te bespieden. Daardoor ontstaat een heel andere visie op de ruimtes die gebruikt worden. Op roze trapjes staan bezoekers te gluren in de stallen van het Blauwhuys. Ondertussen hoort de bezoeker de stem van Van den Boogaard die vertelt over zijn liefdes. Ook een rokende Sylvia Kristel is aanwezig op videoband. Haar voormalige partner Hugo Claus is te beluisteren op een bank onder een gigantische boom. Elders in deze locatie zijn vertaalde gedichten te vinden van bekende dichters als Pessoa en Bachman.

Ook Josse de Pauw heeft een bijdrage als curator geleverd. Zijn idee om Luceberts werk op een andere manier te tonen kreeg gestalte in het Grensland. Daar hangen onder meer tekeningen en gedichten. Op deze locatie zijn ook andere dichters te horen en er zijn video’s te zien.

Opmerkelijk vind ik Rebecca Stephany’s klankinstallatie Die Gedanken sind frei , die bij de ingang van vier locaties te horen is. Dit lied is een van de oudste Duitse protestliederen tegen censuur en onderdrukking. Het is ook te horen bij De rode hoed, een voormalige kroeg die al jaren leegstaat. Op verzoek van de kunstenaar Sarah Westphal werd de locatie niet schoongemaakt. Het gebloemde behang dat er hangt, wordt beschenen door een dia van ditzelfde behang en er zijn stukjes uit het behang (bloemblaadjes) uitgeknipt en er weer opgeplakt. Dit geeft een fascinerend driedimensionaal effect, dat perfect past in deze verstilde locatie. Tijd is niet meer relevant.

Heel tevreden is Moeyaert over het project dat de kunstenaar Rinus van de Velde toont in de kelder van de brouwerij. Het levensverhaal van de Russische futuristische dichter Vladimir Majakovski (1893-1930) vormt de achtergrond van een verzinsel dat steeds wordt uitgebreid. Feiten en fictie worden vermengd en fragmentarisch uitgebeeld. In striptekeningen en teksten op de muur komt de hoofdpersoon tot leven. Dit kunstwerk oogst veel lof van Watou bezoekers.

Er is echter ook kritiek. ‘De rode lijn ontbreekt’, hebben veel critici gezegd en geschreven, maar dit is bewust gedaan. Moeyaert: ‘Ik wil de bezoeker niet aan de hand nemen, maar hem de vrijheid geven om zijn eigen weg te vinden op de locaties. Hij kan kiezen wat hij wil gaan zien of horen. In een museum kun je ook niet alles zien. Je kiest voor wat je interessant vindt.’

Moeyaert luistert echter goed naar alle feedback en neemt deze mee bij de voorbereiding van de volgende editie. Tevens realiseert de intendant zich dat een traditie van 28 jaar Watou onder regie van Gwy Mandelinck niet zomaar vergeten is. Dat hoeft ook niet, want er zijn veel trouwe bezoekers en die zou Moeyaert graag willen behouden. Zelf heeft hij immers ook diverse jaren met genoegen rondgewandeld op het festival. Ter ere van het vele werk dat Gwy en zijn vrouw Agnes verzet hebben, zijn eerder dit jaar een plaquette en een gedicht van Mandelinck op de muur van Watou aangebracht.

In Watou heerst opluchting bij de horeca dat na het vertrek van Mandelinck iemand het stokje heeft overgenomen, want er zijn veel gezinnen afhankelijk van de inkomsten. Zoals Erna en Guy van hotel Tussen dag en morgen. Zij ontvangen in hun familiehotel al jaren bezoekers voor het festival. Het profiel van Hugo Claus siert hun voordeur, want de naam van hun hotel is ontleend aan een bundel van Claus. Beeldend kunstenaar Raveel ontwierp jaren terug het silhouet van Claus op het marktplein. Raveel was content dat Erna het profiel overnam in de voordeur. ‘Ik kom zeker eens kijken’, liet hij weten.

Kortom, kunst en Watou horen bij elkaar. Dat de intendanten andere opvattingen hebben over hoe de kunst gepresenteerd moet worden en wie aandacht verdient, is vanzelfsprekend. De bezoekers zullen in deze rustige omgeving de tijd moeten nemen om zich de nieuwe invalshoek eigen te maken.

Nadere info over het verhalenfestival Watou op http://www.watou2010.be.
Bezoeken is elke dag mogelijk tot en met 5 september 2009.