Gedichten

Willy

Hij schrijft “zandt en cement 9,50 €”
en vervoegt de daguren daaronder
alsof ook zand werkt
of tegenwerkt.
Want vloeken om de onwil
strijkt hij met de regel glad
en legt met haast de klinkers
als het geld voor zaterdagse hoeren.

Ik verzand met boek op dit terras
in stevige verbetenheid
en effen binnenin de dag
die wringt en oprispt
en voel de ergernissen
onder de stenen vloeren.

Mol – Oude Bleken

In dit stille landschap
zijn de honden
zoals de man
vlak
als gemaaid gras.

De zon krult daar
een vrouw middenin
en de vrouw krult zich dan
heupwiegend
en rakelings langs de man.

Zo redt ze hem
van valkuilen water
met gedachten vol exotische vissen
en krult hem in het water
en het maanlicht van haar bed.

De telefoon haalt af en toe
de wereld overhoop
en zij strijkt dan
bedachtzaam glad
wat zoal
-vooral de tijd-
in het huis vliegt en rimpelt.

Buiten staan de eiken
al bij voorbaat
breed te wuiven.

Patricia De Martelaere

In een warm bad liggen van woorden
om daar dan niet meer uit te raken
tot zelfs klanken koud blijven voelen
en dof – Leuven galmt boven het water –
Je stem van Chinese lak, geduldig
aangebracht rond je gedachten,
richtte ons naar de overbodigheid:
er zijn, zodat het niet-zijn zichtbaar wordt

als jij nu plots.

Met potlood aangestreepte regels
waarin je schreef over mij – zo leek het
dat je ook mijn ziel had gelezen, bezocht
in het verlangen en missenverscheurend samen –
en ik je durfde beminnen, schaamteloos.
Je boeken openlijk als brieven op mijn werktafel,
mijn antwoorden even ongeschreven als
jouw opgezochte rust.

Ik wou je nog vragen


16 april 1957 – 4 maart 2009