Gedichten

HET GEHEIM

achteraf
had de wandelaar in de heuvels
niet kunnen zeggen wanneer precies
hij besefte dat hij kwam bij de plek
die iedereen al zo lang had gezocht
verbeeld had in zeegezichten en ook
als appels peren kruisafnames
bezongen in cantates
in fuga’s en stiltes

de wandelaar liep in de heuvels
de wind de geur van de hei
de leegte hij hoorde het zingen
van raven die als enigen kennelijk wisten
wat er achter de laatste heuvel lag
wat niemand had kunnen vinden
en wat ze wanhopig in raadsels
hadden verhuld

de wandelaar liep en begreep
zonder schrik dat hij er dichtbij was
en zien zou als hij maar doorliep
dus hij liep en beklom de laatste heuvel
en zag dat er niets was

leegte
heuvels en hei
het lied
van de raven

THUISKOMST

het grijze land van herkomst
heeft nooit echt bestaan
terugkeer is dus uitgesloten
naar het land van water
stilte riet waar je ooit
vandaan gekomen bent

de rivier die doelloos
door de vlakte kronkelt
brengt je er regelrecht terug
sterntjes ganzen ooievaars
overdaad van zilverreigers
roerdomp bevers en de wind
die in het riet ruist maar
het grijze land van herkomst
heeft nooit echt bestaan
manische karekieten
norse reigers zijn aangesteld
om te waken voor je thuiskomst
terugkeer zal niet gaan

JAMES BOND

wij waren de vier James Bonds
zei een jongen tegen zijn broertje
(en hij richtte zorgvuldig zijn vingers)
nee vijf zei die (zijn dodelijke vingers
ook ergens naar wijzend) dus de oudste
moet zich hebben verteld of anders
vond hij de allerjongste te klein
om al een echte James Bond
of Bondgirl te zijn