Gedichten

Als ik veldsla eet
denk ik aan onweer
en een warme dag
aan de hand van vader

En dan denk ik
wolken van glas
versierde stoelen
en pas veel later
appels op zolder

Als ik jarig ben
en veldsla eet
is hij er ook.

Hels vroeg uit bed
maar eenmaal buiten
een maan
net als jij op je best
scherp en helder
en met een stukje blauw
voor hemel
waar je koud van wordt

Santiago

Wat ze eigelijk wil
nadat ze de zoete kant
van de zegel heeft gelikt
is nog even hinkelen
op de zwartwitte blokvloer
van het postkantoor

Ze kan natuurlijk ook linea recta
naar Santiago
met een krekel in een kooitje
Spanje is vol van
poëten en heiligen

Daarbij gelooft ze steevast
in terugkomst –
maar dan als planeet
met zeven manen
en een haan
voor als het nodig is