Gedichten

DE TWEE SCHALEN

Ik hoorde een wijs man
eens zeggen (het was
de dichter Leo Vroman)
dat het geen zin heeft
je om je lot te beklagen
omdat de natuur geen
rechtvaardigheid kent.

Ik zou dit graag
preciezer willen. In het
eerste heeft hij gelijk.
Maar de natuur kent
wel degelijk een rechtvaardig
in de zin van dat zij streeft
naar balans. De weegschaal
van Vrouwe Justitia

draagt bij haar geen
morele waarden, maar
de zwaartekracht
van de aarde en de zuivere
snelheid van het licht.
Zij is het wegen zelf
als het ware: zij trekt recht
maar zij spreekt het niet.

CLAIR/OBSCUR

Mijn hart is een raam
in een donkere kamer
gevuld met het blinkend
bewegen van een zee

Met stemmen waaruit
het water bestaat: die van
vallen en opstaan en hechten
en scheuren – alleen deze twee

*
Hier zijn de winters die ik terug wil halen
een volle pagina gevuld met sneeuw
een lange dunne regel in inkt geschreven
de horizon, een enkele verre vogel
stippelt de punten op de i’s er in

Daar laat ik mijn hoofd met berenvel stofferen
ik ga er wonen in die knusse hut
en kijk hoe tussen de stammen van de schrale bomen
een rest van licht zich over het poolijs buigt  
de nacht invalt – een die elk uitzicht in zich opzuigt

O dan verschaft de met het duister
samenvloeiende inkt een zee van licht!

Foto: Gabriele Viertel

Verliefd zijn is scheppen,
zien naar ons wensen, zien
zich toe te wensen, te
eigenen bovendien.
Verliefdheid is verbeelding.

Zo verbeeldde het water
zich eens, toen het verhit
was geweest en bevroren
en weer afkoelde en zich
goed voelde en als goddelijk

bewoog in zijn bekken,
dat het verliefd was geworden
op stof omdat het licht
er zo mooi op viel en het
streelde dat het levend

was en het werd want zelfs
verbeelding heeft nakroost
hoezeer microscopisch
ook in den beginne –
het wordt vanzelf groot.

Gedichten

door Daan Janssens (1994)

Foto: Lumen Lineas

Daan Janssens (1994) is een jonge schrijver en performer met een hart voor het ongewone en is sinds januari 2017 de eerste stadsdichter van Hoogstraten. Zijn literatuuropleiding heeft hem opgezadeld met een schrijfmicrobe en sindsdien tracht hij zijn versies van de werkelijkheid via zijn pen en op het podium met de wereld te delen.

 

achromie

alles herleidt tot vormeloos wit

in het zand
de schaduw van gesloten ogen en de vraag wat nu net diepgang is

er nestelt iets onbehaaglijks tussen ons
een in het nauw gedreven nervositeit die verdwijnt
weer opdoemt

de nuances laten we
langzaam los
verbannen hen naar waar
of wanneer dan ook

onderhuids vervagen we tot vormeloos

film italien

als kruimels raapt ze haar tranen bij elkaar
verder spreekt de kamer onvoorzichtig voor zich

door de antieke gordijnen zijn zelfs geen silhouetten zichtbaar
ze besluit dan maar de nachtvlinders zelf een stem te geven
acherontia atropos beweert ze

gehuld in negatieve frequentie
hopeloos aangetrokken tot hun noodlot

de Goldberg variaties – Zimmerman

(Glenn Gould deed het beter)
 

ze knipt vergane foto’s tot een collage in sepia
haar messen breken landschappen open
de zon gaat er onvermijdelijk in onder

ik loop de kamer uit en besluit dat een enkel laken volstaat vannacht

haar been wrijft langzaam langs het mijne
het voelt onafwendbaar – tijd heeft enkel een eindbestemming

lasciate ogne speranza, voi ch’intrate
ik sta op en drink een glas water

plastiek

ik wil uw lichaam
beeldhouwen tot wat u u maakt

of ontkalking meer vraagt dan enkel tijd
er ook zoiets bestaat als plaatsvervangend sterven

ik wil zien
ik wil weten
ik wil voelen
ik wil verder gaan dan alle redelijkheid toelaat

of ik een mens tot mens kan maken door enkel mens te zijn

dat ik huid kan villen van een brief
als perkament om uw kale spieren te bedekken

of het mogelijk is om ogen, oren en tast te scheppen uit enkel woorden
als een geheugen zonder herinneringen

ik wil weten of ik u kan zijn zonder dat ik u ooit heb gezien

Gedichten

door Heidi Koren (1975)
Heidi Koren (1975) schrijft naast poëzie ook korte en lange verhalen. Haar debuutbundel Gedachten over een mogelijk einde verscheen in 2015 bij Uitgeverij Voetnoot (Antwerpen). Een nieuwe bundel is in de maak, evenals een debuutroman. Heidi zoekt daarvoor een nieuwe uitgever. Naast schrijven, praat ze vooral graag over schrijven. Dit doet ze in de vorm van boekverkoper en schrijfdocent. ‘s Avonds leest ze een boek.
 

In het missen zit is en ik ben nog steeds onderweg

In het missen zit is en ik ben nog steeds onderweg
Beweeg voortdurend van jou af en buig weer terug
Buig af en beweeg weer terug
Alleen intern houd ik

Koers zetten de woorden als opstijgend luchtverkeer en
ik sla handen voor mijn oren en prop oordoppen zo
diep mogelijk in mijn gehoorgangen en hoor door alle
geruis heen slechts het kloppen van mijn

Hard gaan we van nul naar honderd op de snelweg
Ik groei zo snel dat ik rekening houd met het feit dat
mijn botten eerdaags uit mijn vel zullen steken en ik houd
doekjes bij de hand voor het bloeden

Op het oor van mijn kopje landt een woord met vier vleugels
Voorzichtige lijnen geven aan dat alles breekbaar is

Ik probeer te lezen, probeer het leven te lezen en raak woordblind de weg kwijt in
recensies en besprekingen van mensen die zijn vergeten hoe oud wij zijn

In het missen zit is en ik ben nog steeds onderweg.

 

Vaker gaat het goed

De stad ademt nog zeik van de nacht. Mannen houden zich met één hand vast aan het paaltje waaraan het bord bevestigd (wildplassen verboden) en pissen om het verst. Ik geef een duwtje in het voorbijgaan en gok op mijn theorie. Oogcontact en schaterlachen.

Het land is de verkiezingen al vergeten. Demissionair blijkt het verenigd of dan toch tenminste aardig relaxed. Het is de tijd niet je druk te maken. Een hogedrukgebied ligt op de loer, altijd. We kunnen de griep wel krijgen of de takketering.

De lucht is zo precies blauw dat het het vliegverkeer stagneert. Alleen de ballonvaarder durft te doorkruisen. In het park propt hij net iets te veel toeristen in zijn mandje. Hij spaart voor een huisje in Zuid Frankrijk.

Ik ben er. Afscheidsbrieven zijn verscheurd of nooit geschreven. In mijn tuin komt gewoon de pompoen weer op. Vaker gaat het goed.

Gedichten

door Anneke Wasscher (1946)

onze herfsttuin

er spookt een herfstwind in de kruin
van onze boom, daar zucht het blad

de schutting is wat scheefgezakt door
klimop die vaak net als ik veel ruimte
nam en verder ging, te ver misschien
toch heb jij nooit een tak gesnoeid

er is niets jong gebleven op ons erf
de verf laat los en bladdert af en ik
ben niet in staat iets vast te houden

jouw armen blijven naar me reiken

bevolkingsonderzoek

de bus is dichtbevolkt met vrouwen uit het dorp
hun leeftijd is al aan de meldingsplicht gewend

ze zoeken in de zakken van hun regenjas weer
naar die ene gladde pas die geldt als plaatsbewijs

de wachtstand is gewoon net als hun prietpraat
die de kou van dagelijkse zorg op afstand houdt

ze zitten naast elkaar als zusters in hun bange dagen
de handen vast aan tassen met een vage kleur

een enkeling wordt door de folderglans verleid
ze weet niet dat het om een dreigbrief gaat

het rode lampje speelt het spel van aan en uit en
achter elke witte deur wordt uit- en aangekleed

de borsten laten zelden meer hun zachtheid zien
ze zoeken de geborgenheid in vest of nette bloes

het sprak vanzelf

geluid was altijd zo gewoon
een krant die omgeslagen werd
de achterdeur die openging

hoe zij zich telkens weer vergist
en denkt dat ze zijn voetstap hoort
de klemtoon van aanwezigheid

soms zet ze toch twee borden neer
of legt zijn leesbril naast een boek
het sprak vanzelf dat hij er was

Gedichten

door Barney Agerbeek (1948)

Verticaal horizontaal

Elke vroege ochtend stond ik op
vol vette plannen voor de top
van stropdas tot schoenen retestrak
met de kop op. Leve de verticaliteit

Nu groeit afstand tot materie met de dag
en laten sterren een voor een los
Elementaire gedachten vragen om antwoord
Ik verwelkom de naakte veertjes van horizontaliteit

Stap voor stap komen lijnen samen
Het laatste kruis ontstaat

Vertrouwde woorden

Van tijd tot tijd verschijn je
plotseling. Dan sta je naast me
Dan leef ik op
We praten zonder de woorden te wegen

Op zo’n moment komt
alles in één tel samen
De gesprekken gaan over
verleden, heden, toekomst
van een parallelle wereld

Soms is een treffen zo helder
dat ik je aan kan raken
dat ik je handen voor de duur
stevig vast kan houden

Buiten het gezichtsveld van het heden
deinen flarden om me heen
Vertrouwde woorden wil ik horen
Niet als echo van het verleden
maar als het begin
van wat ik me voor zal nemen

Vingerafdruk

Elke reactie op

wat hij voordeed:
Aylan Kurdi

of

wat hij nadeed:
Ai Weiwei

is een vingerafdruk