| Meander * Dichters * Maarten Inghels | ||
|
Maarten Inghels
DIT KON
kijk ik vond gisteren mijn zuster te vondeling, dat dit kon, zei zij, in een tunnel onder de rivier, je als broer en zuster vinden, dat dit kon. laveer wijn langs je darm, kurksmaak in je mond, vergeten dat iets leeft, dat dit kon. drinken met praten ertussen, een deur die kleppert en flarden van oplossing waaien aan, dat dit kon. een bank in een haag die meedenkt onder onze vorm, dat dit kon. Marokkaanse volksmadam kla kla klaagt hand in hand met hoofddoek, dat dit kon, wij klinker a in haar praten zijn, ze hem stuitert over de rivier naar haar man die steeds wacht, dat dit kon. zonder blozen je voedsel verteren; pijlen in wonden schieten. dat dit kon; hoorn vlies brandt, elkaar zien als kijken in de zon. ONDER DIT RAAM
ik lig op mijn slaapzij in het bed, het zit verkeerd, achterstevoren, ik hoor voorbijganger 48 knipogen het raam laat de neon door de kamer walsen maar de stoel blijft stoel tafel tafel, gordijn te weinig nu besef ik dat wij speelden; een hond, een vis, twee geliefden die van elkaar hielden onder dit raam door het raam wil ik weer naar ieder van jou uitkijken maar zie! de stad in pixels ik schaam mij voor de buren misschien is dit raam te ver om door te kijken of staat het bed te haaks op de straat DIT GEDICHT IS DOOD
dit gedicht is dood / zegt niet waarop de woorden slaan zolang jij of iemand niet luidop leest wat hier staat; deze woorden zijn dood tot jij verstaat / jij leest dat tot niemand deze bevroren letters leest weet geen hond / geen kat / zou geen mens ooit weten / misschien is dit geen goede manier; moest ik je in steen schrijven / alles in graniet vertellen zodat een hond in 2837 ook nog weet wat in dit archief geschreven staat want met graniet gaat niets verloren, dan gaat mijn vel zelfs vluchten van de woorden; ga niet |
||
| < ^ | deze tekst printen |