zie colofon


ISSN 1871-1820 * aflevering 380 * 10 januari 2009
http://meandermagazine.net * http://ezine.meandermagazine.net
Inhoud:   Dichtersprijs      Peter M. van der Linden      Nieuws      

(advertentie)

 
Stem voor de Meander Dichtersprijs 2010
Meander organiseert weer de Dichtersprijs. Deze prijs gaat naar een van de dichters die in 2009 centraal stonden in een aflevering van Dichters. De beste krijgt de Meander Dichtersprijs 2010, die dit jaar bestaat uit een geldbedrag van 350 euro.
Als lezer van Meander mag u meestemmen en kiezen uit zes genomineerden. Een jury heeft deze beste zes gekozen uit de Dichters van dit jaar. Voor nominatie kwam iedereen in aanmerking aan wie in 2009 een aflevering is gewijd, behalve medewerkers en oud-medewerkers van Meander.


De jury bestond deze keer uit: Joost Baars, Eva Cox, Ellen Deckwitz, Alain Delmotte en Jos Versteegen.

De genomineerden zijn:
* Frouke Arns
* Jurre van den Berg
* Steven Mortier
* Frank Sijbenga
* Carl de Strycker
* An Vandesompele


De lezers van Meander mogen nu gaan bepalen wie de prijs wint.
Dat gaat op de volgende manier:
* Ga naar de volgende pagina:http://meanderwedstrijd.info/p/index.php?p=9.
* Vul daar uw e-mailadres in. (Gebruik het adres waarop u Meander Magazine ontvangt!)
* U ontvangt een e-mail. Volg de instructies in die mail op.

Stemmen kan tot en met
woensdag 27 januari 2010
op dit adres

Alleen degenen die op 9 januari 2010  op de abonneelijst stonden kunnen stemmen en u kunt alleen stemmen met het adres waarmee u op deze lijst staat.
U kunt maar één keer stemmen. Stemmen kan tot en met 27 januari 2010.

Zie voor verdere informatie over de Dichtersprijs: meanderwedstrijd.info/dichtersprijs2010. Vragen en opmerkingen over de prijs kunt u kwijt op dit formulier.

Hieronder volgen de zes afleveringen van Dichters met de gedichten van de
genomineerden.
Wij wensen u veel plezier met het maken van uw keuze.
overzicht genomineerden

Frouke Arns
Genomineerd voor de Meander Dichtersprijs 2010
lees verder


vis zwemt, vogel vliegt, mens loopt

bij de bakker vandaag dacht ik aan Zátopek,
kleine schildpad uit mijn jeugd met wie ik sprak
over parfum van 58 rozenblaadjes
geraapt op het pad achter de Nu Nog
de eerste borsten in de klas,
weer niet gekozen bij gym.
veel zei hij niet, knipperde traag
met leren leden, knikte wijs
tegen het stille huis en mij.

was het de tijgerbol, of de eeuwenoude blik
in de ogen van het kind in de rij
waardoor ik dacht aan de minuscule halfronde hapjes
die hij met zijn mummelmondje uit het blaadje nam
van het klavertje vier, geluk dat ik wilde delen.




Kamperfoelie

weet je nog hoe ze je Nolens voorlas, gehurkt
tussen de rommel in de kamer en een stapel
vuile was- de geilste gedichten bleven komen;
dat taal dat kon: zó schokkend duren.

en dat ze zei: ‘wat een heerlijk uitzicht ben jij-
vanaf hier zie ik alle wegen, ze leiden naar
Rome, straks neem ik je afslag’,
dat ze wees met haar lach waar dat was

haar handen op meer dan het leer
van je zolen, met een hand op het hart
leidde ze je jankende honden met een boog
om haar tuin -de kamperfoelie geurde




De camembertmethode


Wakker. In een bed vol slaap.
Waarin ik gedachten wegwoel, zoals ik vroeger
in zee een gat wilde scheppen. Met meisjeshanden
en vrouwendenken: misschien weer niet genoeg
mijn best gedaan.

Of vermoeden dat ik camembert ben. Zachtrond
en melkwit op temperatuur lig te komen tussen de
lakens van klamme gedachten. Langzaam uitlopen.
Honger krijgen van de metafoor en dan
de koelkast leegroven.

Het zó graag willen grijpen, woorden voor wat
niet wil gaan slapen. Woorden voor het oude gat
in het water waarin ik nooit kon verdwijnen.
Naast mij een gedicht in diepe rust,
begint zachtjes te snurken.




Film Noir


Je had een ouderwetse haarinplant met van die golfjes
ik dacht aan water, aan zeeziek en spray. Je moeder
bleek een statige U en op je partijtje dipten we peen en
radijsjes rauw in de saus (we kauwden als paarden)
terwijl U je vader beoogde die in de keuken druk doende
glas na glas vulde van sappigste jeugd; dacht nog aan oesters.

Je rug, recht van ’t formele, een heer van manieren en open
deuren, geen kaas van versieren of waar je je kijken moest
laten, dus liet je het maar. Je was een zwart-wit film zonder
Humphrey, hoed en violen. Je droeg spekzolen die nacht
waarop je me thuisbracht met je velo; dacht nog aan lopen.

Met bungelbenen achterop hield ik je adem
in en je middel vast; ook de maan scheen
te weten dat het beter was
dat wij ons met dit afscheid verzoenden.



overzicht genomineerden

Jurre van den Berg
Genomineerd voor de Meander Dichtersprijs 2010
lees verder


VOOR HET VERTREK

Er is een lijst gemaakt met plaatsen
en tijden van aankomst.

Als we de kinderen een lepel
jenever hebben gegeven
kan er gesproken worden

over wat in diepe zakken
te bewaren, wat we achterlaten
waar onze pijngrenzen liggen.

We wegen de bagage
vijlen onze nagels
poetsen tanden zacht

vragen de cartograaf de kaart
nog één maal uit te leggen

terwijl we onze vingers vlijen
aan het voeteneinde
van hoogtelijnen.




DIT WETEN

Voor alles buiten ons
zijn er wetten die het zeker weten.

Waarom de regen valt, dat alles valt
behalve warmte. Een stilte, iets
uit te leggen: wij weten dit
omdat het viel.

Kinderen blijven blokken
naar beneden gooien maar het hout
plant zich voort, ergens
komt de zon op en wij weten dit
voor even zeker.

Dit weten is een herinnering
al het andere is overgave.

Een dichter vertelde me eens
hoe de zee is. ‘Zo is de zee,’ zei hij.
Ik heb nooit meer getwijfeld.




OPNIEUW BEGINNEN

Er is veel wat blijft
maar niet omdat het wacht.

Je kunt opnieuw leren lachen
door te lachen om het lachen
van anderen

in een zachte winter je huid
langzaam laten ontdooien.

Wij reconstrueren alleen
wat we al wisten, wat erna komt

is opnieuw de eerste blik
uit het raam in de morgen

oude muziek, nieuwe muziek
en het teruggevonden boek.

overzicht genomineerden

Steven Mortier
Genomineerd voor de Meander Dichtersprijs 2010


lees verder


ademtocht

stapvoets drijf ik
asfaltopwaarts – altijd asfaltopwaarts

ik ben een watergeest.
iets dat vloeit althans.
(haperend, maar toch)

wist u dat licht kan stollen?
we noemen het schaduw maar eigenlijk
is dat dus gestold licht.

het is een uitstekend bouwmateriaal,
het beste. overdag hangt Sint-Anna
met haar oksels in krukken. ze staat -
maar niet erg vast. ’s nachts draagt ze
een harnas. is ze een oorlogsbodem.
steeds paraat – nimmer uitvarend.

aan haar voeten langs mij heen
buitelen bultruggen. u moet weten
dat bultruggen zich uitsluitend
bij regen in de stad vertonen.
snel, geruisloos en altijd per fiets.
zeldzaam zijn ze niet, maar
je moet ze opmerken.

mij zien ze niet. ik ben immers
een watergeest – gehuld in
gestold licht. al zwemmen ze door
me heen – recht door me heen –
dan nog merken ze niets van mij.

heeft u dat wel eens meegemaakt?
dat iemand door u heen zwemt?
recht door u heen?

ik ook niet. het voelt – vermoed ik –
als stappen op een trede
die er niet is.

de kortste weg in de stad is een hoekige
vogelvlucht van kerk naar kerk.
vuurtorens zijn het. niet zoals in melige
preken van gerestaureerde pastoors.
meer in de betekenis van oriëntatiepunt
voor duiven. ergens moet er een verband zijn
tussen belijden en beschijten. afdwalen, dolen,
nog zo van die woorden waar ze graag
confituur van maken.
 
in de stad kan je enkel in jezelf verdwalen.
het is als de tafel zetten. je gaat iets halen
in de keuken maar je bent vergeten wat
dus keer je terug om te zien wat ontbreekt.

dat is de kern van het dwalen:
inventariseren wat ontbreekt.
daar leent de stad zich uitstekend voor.

volg de weg asfaltopwaarts – altijd
asfaltopwaarts. bel aan bij het huis
waarin de stad schemert. schuif bij.
de tafel is maar half gedekt
maar laat dat geen bezwaar zijn.





plotsklaps

hoe plots een onopvallende vrouw, niet lelijk
maar op het eerste zicht ook niet speciaal
mooi, of in het slechtste geval – ergens
ligt natuurlijk wel een grens – gecamoufleerd
lelijk, een schoonheid wordt.

door het blote begin van een borst bijvoorbeeld,
vlak voor de nylonpoort van de tepelhof, of
minder banaal, een knie, sleutelgat tussen twee
dimensies, een reis voor tastende handen
van één wereld naar een andere.

door een kleurschakering in haar haar,
die je daarnet met een wolk voor de zon
niet zag, of toch liever minder
impliciet, een onverwacht hoog openvallende
split van een ambitieus mantelpakje.

of hoe ze plots aan mijn ogen hapert
en mijn gezicht aan diggelen slaat.




 
dwalingen aan de voordeur

i

de ring ronkt rustig van wagens,
gevels sluiten hun ogen voor je sluipende
binnendringen, de zakkende zon
dompelt stad en land in een schijn
van onsterfelijkheid. je vult je longen
met rook en je denkt: is langzaam
verdwijnen werkelijk zo vredig?

het licht is onwaarschijnlijk: je staat aan
een boom bij een huis langs een straat
van een stad op de wereld via een baan
rond de zon door het heelal in het oneindige.
met het uitblazen van 21 gram adem
word je groter dan dat?

ii

(zelfs dromend)

op een dorpel slaat een pompende doodsklok
jou in seconden uiteen.

(haa)

het ijken van de oneindige tijd stelt
ons in staat onze levensduur te meten.
in te schatten wanneer we zonder
accidenten zullen transformeren van
pulserende wezens naar imperformante
lijken.

iii

je was een dorstige australopithecus
die ging drinken en verdronk. je partner
maakte zich geen zorgen. zonder horloge
wijst niets op gemis. de volgende ochtend
ving hij termieten met een twijg voor ontbijt
en besprong een ander wijfje zoals jou
de dag ervoor en voldeed daarmee
aan de hofmakerij van zijn tijd

(tenzij hij je eerst moest vlooien, hoer).

pas toen je ontdekt werd, in het gesteente
dat het meer als tombe schonk aan je gebeente,
werd je 25 à 30 jaar oud, en iets minder
dan drie komma achttien miljoen jaar vermist

(aan tijd werd niet zo zwaar getild
toen hij nog niet werd geteld).

je was de allereerste rockster maar pas beroemd
na je dood. ook daarin zou je navolging krijgen.
welke roem was je beschoren als men je had gevonden
aan de voet van de Kwaremont, zonder diamanten
en een schlager op de achtergrond?
enkel wereldschokkend in vakgebieden

(vermoedelijk).

iv

het eerste wat je telde waren je vingers,
vandaar het decimale stelsel.
misschien had de geschiedenis er anders
uitgezien indien de eerste die ooit telde
aan kreeftsklauw leed

(misschien)

is het leven een rekenkundig letsel?

v

je was een boer die grassen vlooide
op zoek naar geschikte zaden
en na dat vingerwerk telde je de oogst.
je begon de dagen te tellen, de maanden
en de seizoenen en je zag de dagen
minderen, de maanden en de seizoenen.
het tellen gaf geen grond aan de diepte
van je angst, dus openbaarden goden
zich voor jou en je noden.

vi

meten en wegen: het gewicht van de aarde
is exact nul triljard kilogram

(niet te verwarren met haar massa die al
met al verwaarloosbaar is).

dat is oneindig veel minder dan een zeepbel
met de hete adem van mijn kinderen.
wat had Atlas eigenlijk te klagen?

is er dan geen god die de adem
van mijn kinderen kan dragen?

vii

wetenschappers ontleden ergens in een zin
het leven. iedereen heeft nu zijn eigen barcode,
met vervaldatum en al: zesenzeventig komma drie

(precies het aantal jaren dat je nodig hebt
om voor je begrafenis te sparen).

religieuze types dragen een kaars die schaars
verlicht waar zij gedragen wordt. gloria

(in excelsis deo).

dichters denken in onsterfelijke taal maar zijn alles
welbeschouwd geen haar beter.

(desondanks)

als het leven zin heeft, laat het dan a.u.b.
een poëtische zijn.

 

overzicht genomineerden

Frank Sijbenga
Genomineerd voor de Meander Dichtersprijs 2010
lees verder


Laat hij trots het lichaam zien

hij bewaart zijn lichaam in een zak
van kleren - zodat het niet vlekt in de zon
of nat wordt als het regent

's avonds legt hij het voorzichtig in bed
het is z'n beste herinnering aan vroeger

als er vrienden komen of familie laat hij
trots het lichaam zien -
rechtop op een mooie stoel

jonge neven gapen en wijzen op defecten
maar oude vrienden glimlachen

zij hebben er thuis ook één




De laatste week van het jaar

1

je bent opgestaan en hebt ontbeten
je hebt gedoucht en je tanden gepoetst
met tandpasta die smaakt naar klei en pepermunt

je kleedt je aan drinkt nog één slok lauwe koffie
en fietst naar je werk (het regent niet)
je bent er niet vroeger dan je hoeft te zijn

je leest je emails beantwoordt sommige
je rookt met collega's praat drinkt koffie
tot je om zes uur weer naar huis toegaat

je weekenden spoelen als walvissen aan
ademloos te zwaar voor hun ribben



2

soms denk je op de vloedlijn tussen waak en slaap
als het oorlog was geweest of jij een zeeman
was je zonder excuses op een hoer gedoken

soms droom je van zwellende mensenzeeën
die zich door nauwe straten dwingen
wel praten met elkaar maar nooit met anderen

waarin je iemand zoekt maar haar gezicht niet kent
haar stem niet kent haar geur niet kent van wie
je niet kan dromen maar wie je in je slaap kan

voelen als zout in de wind op het strand
en je zakken vol stukjes hout en schelpen steekt



3

wakker worden heeft maar weinig pijn gedaan
er is weinig verloren vannacht
je betast de striemen van je spiegelbeeld

in een andere stad had je gewond kunnen raken
bedenk je als je koffie zet en verdacht en naamloos
had je kinderen verloren en toekomst en land

en je dood en leven dwarrelen door de straat
van de laatste week van het jaar al het licht
flakkert rusteloos voor boeddha op het altaar

je ademt en je adem bevriest je zit
en de kou krult om je benen als een kat


overzicht genomineerden

Carl de Strycker
Genomineerd voor de Meander Dichtersprijs 2010
lees verder


wij schrijven maar
blijven vreemden
van elkaar

elk woord mist
het gevaar van
een warme hand

en geen letter is
een gebaar waar-
mee je omarmt

wij schrijven elkaar
dichterbij maar
blijven alleen

en alleen in taal
naast mekaar
op bruggen staan






je ligt naast haar
het licht gedimd
de haren in elkaar

je kijkt en vergelijkt
zo wit kan het niet
zijn zo warm is
geen enkele arm

je vingers zoeken
lippen je slaat de
deken terug drukt

kussen op een kussen
en weet dat je liegt -

je ligt alleen
en wiegt jezelf
in slaap




een winterdag

wij praten elkaar
dichterbij maar
nooit naderen wij
genoeg altijd snijdt
wind jou van mij

en leg ik een hand
in je zij scheidt stof
of huid ons alsof
wij verdomd eeuwig
eenzaam zullen zijn

wij moeten warm gaan
leven lief als sneeuw-
poppen liefst en
smelten: liefhebben
als zelfverlies


overzicht genomineerden

An Vandesompele
Genomineerd voor de Meander Dichtersprijs 2010
lees verder


Nachtwake

Vannacht word ik
een stil wit huis.
Geen bloed woedt
onder vingers hier,
mijn traag
groeiende handen.

Ik ga ze verstommen,
verslijten in het naadloos
discours van tegels
en wanden.
Hun sporen witwassen,
te drogen hangen in de
vrieskou en binnen een
nachtwals inzetten.
Adagio, pianissimo.

Vannacht wil ik traag zijn
en wakkeren. Het vuur
in de oude kachel bewaken,
elke moordpoging in de kiem
smoren. Tot ik mij te rusten
kan leggen, het huis krimpt
en eindelijk rond me past.




Implosie

Ik schrijf steeds kleiner, het
rijmt niet meer.
Deze hand voelt lomp, morst
letters over andere als een
synchroonzwemster met scheve
benen. Mijn mini-implosie met
zachte suïcide was altijd al
wat stroef.
Er is te veel, ik zou een kamer
nodig hebben, grond vol wit
blad waar ik mijn gewicht op
mag drukken, waar een stem
zegt van het is oké, weeg nu
maar.




Stuiterballenruis

Soms wegen de dagen hier zo zwaar dat
van praten niets meer komt, dan worden
vader en moeder angstige dieren met
blikkerende ogen in de koplampen van
de ander, klaar om vermorzeld te worden
onder een stel banden.

Ze zijn lang geleden vergeten hoe het heet
te ruiken naar de ander, fopkussen te stelen
of ademloos de haakjes te sluiten.
Ze zijn ver en lang verlangen, de vaalheid
van oude foto's en woorden, het ruis op een
zestien millimeterfilm, de aanslag op een
ruit die van binnen warm is en van buiten
koud.

Tot het avond wordt. Dan sluiten ze elkaar
weer binnen als vanouds, wordt zuur
zoet en vuur gloed. Zo verwonden we elkaar
altijd maar, zijn we roof- en prooidieren in
een zelf bedachte nacht, en kunnen we
nooit alleen
het bloeden stelpen.


Stemmen kan tot en met
woensdag 27 januari 2010
op dit adres






(advertentie)

 
Ongehoord op 10 januari

In de Centrale Bibliotheek van Rotterdam wordt op zondag 10 januari 2010 weer poëziepodium Ongehoord gehouden.
De dichters Baban, Umeu Bartelds, Wouter van Heiningen en Jelou dragen voor. Er is muziek van Hartog en Marian Wieringa vertelt een verhaal.
Het podum begint om twee uur 's middags in de glazen zaal op de eerste verdieping van de Centrale Bibliotheek in Rotterdam.
Zie ook www.ongehoordrotterdam.nl, voor onder meer de routebeschrijving.
 

De Dichter

Peter M. van der Linden over het aanmaken van stofjes
Boerenlol om een alliteratiemitrailleur
Peter M. van der Linden is kunstschilder, zanger, performer, kok en dichter. In 2003 werd hij verkozen tot poezië-performer van het jaar van België. Een jaar later stond hij in de finale NK Poetry Slam. In 2005 debuteerde hij bij uitgeverij Vassallucci met de bundel Ich bin ein star baby. Onlangs verscheen zijn tweede bundel Zendag bij uitgeverij De Contrabas en behaalde hij de tweede plaats op het NK Poetry Slam.
lees het interview


Peter M. van der Linden


dordrecht


vroeger vond ik dat een geheimzinnige stad
met het r.k ziekenhuis en poorten eromheen
waar ik met moeder en de pont aankwam
vanuit zwijndrecht als ik ziek was aan mijn oren

ik fietste in die tijd ook wel eens naar r.c.d
met mijn voetbalvriendjes van vv. zwijndrecht d3
en meerdere malen naar dfc waar we tot de c1
kansloos van de mat werden getikt

als puber leerde ik flipperen als tommy
in de muizenval drinken in het dolhuys
en geniepig klaverjassen in vissers
zaken die ik nog steeds goed beheers

later ging ik er ook maar wonen en leerde
de muzikanten en de geveltjes kennen
en hoe mooi die geveltjes ook zijn
je hebt er 's nachts niks aan

maar het is al snel boeiender dan zwijndrecht
waar nu alleen nog mijn vergeetachtige moeder
rondloopt tussen de vergetenen en verder
de school staat daar niet meer, niet het huis
niet meer de ruimte achter de perenbomen
de tuinderijen langs de rotterdamseweg

ik heb er weinig meer van zwijndrecht te vinden
in dordt ligt altijd nog te wachten
in van alles ben ik inmiddels opgenomen
als een fragment in haar legpuzzel
van monumenten, water en sfeer

het is de sfeer die bij mijn lopen past
en het licht dat hier schijnt blijkt anders
maar dat zag ik ook pas na vele schoenen
goed kijken is lang stilstaan

hoe dordt je ook stilzet in de tijd
het blijft wiebelen tussen stad en dorp
net iets te iel voor rock-'n-roll

dit eiland is tokkeltje blues door klassiek
met een gezicht veel knapper dan zijn volk
het volk dat verknocht is aan het hof
waar holland werd geboren, aan scheffer
en de grote kerk met zijn scheve nek

en zo werd ik ook dordts volk
een beetje verkneukeld kan ik er thuiskomen
wetend dat het er weer hetzelfde werd
na een stedentrip of een wereldreis
is het de kunst de voorstraat-kitsch te mijden
een lichtvoetig laveren te verkiezen

vanaf de grote kerk de nieuwe haven
van de hondjes en de jachten volgen
de kuipershaven door
de damiatenbrug voorbij
een bankje pikken om twee uur 's nachts,
op de gevoelige plek
waar dordt de blues herbergt

in slome duwbak op rood kadelicht
witte plukken nachtmeeuw
bij wonderwolken op drie rauwe rivier
is er altijd wel een solo bij bankje vier
over soms gelukkig in het grote niets
als sterren in het groothoofd wateren

meer gedichten van deze dichter
inhoud
Nieuws

Gedichtendag
Op donderdag 28 januari 2010 staat voor de elfde keer de poëzie centraal tijdens Gedichtendag, hét poëziefeest in Nederland en Vlaanderen. Het thema van Gedichtendag is Over de Grens. Kijk voor een overzicht van nieuws en activiteiten op de site www.gedichtendag.com.

Presentatie bundel Nog een lente
Uitgeverij P en 30CC houden op Gedichtendag een avondvullende voorstelling in de schouwburg in Leuven. Aanleiding is de bloemlezing Nog een lente van het e-zine Meander, die dan aan het publiek wordt voorgesteld. Enkele dichters lezen voor uit de bundel. Op de site van Meander en in het volgende e-zine leest u daarover meer. Zie www.30cc.be.

Gedichtendagnieuws
Op woensdag 13 januari organiseert Stichting Lezen Vlaanderen in samenwerking met het Poëziecentrum in Antwerpen een studiedag over Gedichtendag 2010. De studiedag is bedoeld voor poëzieliefhebbers die hun enthousiasme aan jongeren en kinderen willen doorgeven: poëziedocenten, leraren, bibliotheekmedewerkers. Er worden lezingen en workshops gegeven. Medewerking wordt verleend door onder meer Ted van Lieshout en Joke van Leeuwen. Op een informatiemarkt presenteren organisaties en verenigingen hun poëzie-aanbod. Meer informatie: www.gedichtendag.com/studiedag.

Nieuwsflitsen
14/01/10: Start vijftiende editie van Winternachten in het Theater aan het Spui in Den Haag. Met medewerking van meer dan tachtig schrijvers en dichters, onder wie Ramsey Nasr, Alfred Schaffer en Antjie Krog, en kunstenaars en musici uit vijftien landen. Website: www.winternachten.nl.
21/01/10: Poetry Live met onder meer Herman Pleij, Ellen Deckwitz en Alexis de Roode in Theater Moira aan de Wolvenstraat 10 in Utrecht. Aanvang 20.00 uur. Informatie: www.poeziecircus.nl.
23/01/10: Adem en muziek met onder andere Ingmar Heytze in Vredenburg, Leeuwenbergh, Utrecht. Aanvang 20.00 uur. Informatie: www.vredenburg.nl.
06/02/10: Feestelijke bijeenkomst 25ste Salon voor Poëzie. Dichter Lans Stroeve leest uit eigen werk en interviewt Rijk van Kooij over zijn passie voor poëzie. Publicist Johan Reijmerink leidt een discussie over poëzie. Aanvang 14.00 uur. Locatie: In de Salon, Havendijk 32, Gorinchem. Website: www.salonvoorpoezie.nl.
07/02/10: Podium X Ė podium voor poëzie, kleinkunst, cabaret en muziek. Locatie: Café Momfer de Mol, Oude Molstraat 19, Den Haag. Aanvang 15.00 uur. Website: www.ErgSterk.nl.

Poëziepleingedicht van Ramsey Nasr
De poëziepleingedichten waren bijna vier jaar elke maand op verschillende plekken in Schiedam op posters te zien. Deze maand januari staat op de laatste poster het gedicht 'da capo' van de Dichter des Vaderlands Ramsey Nasr. Ter afsluiting van het project is er van 16 januari tot en met 13 februari in S-Town Labs, Hoogstraat 94-96 in Schiedam een tentoonstelling. Daar zijn alle posters te zien. Iedereen kan zelf een gedicht in de tentoonstelling hangen. Er zijn voordrachten van onder meer F. Starik en Anne Vegter. Meer informatie: www.poeziepleinschiedam.web-log.nl.

Nu U!
Zestien dichters, onder wie Eva Gerlach, Tsead Bruinja en Albertina Soepboer gingen aan de slag om klassieke poëzie tot hedendaagse te bewerken van dichters als Willem Kloos, Paul van Ostaijen en Albert Verwey. Hieruit is de bundel Nu U! ontstaan, het antwoord van het Literair Productiehuis Wintertuin op de canondiscussie. Meer informatie: www.wintertuin.nl.

Een overzicht van actueel literair nieuws uit Vlaanderen is te vinden op de websites www.poeziecentrum.be en www.creatiefschrijven.be.


Het nieuws werd samengesteld door Jan Boonstra.
Nieuwsberichten voor Meander 379 van zondag 24 januari dienen uiterlijk dinsdag 19 januari in ons bezit te zijn. Stuur geen attachments mee. Berichten kunnen worden gestuurd aan (de letters X uit dit adres verwijderen!)

Inhoud:   Dichtersprijs      Peter M. van der Linden      Nieuws      

naar begin
Colofon

http://meandermagazine.net * http://ezine.meandermagazine.net

E-mailadres: (de letters X uit dit adres verwijderen)

Meander wordt uitgegeven door http://meanderstichting.info

Abonneren, opzeggen en uw adres wijzigen gaat het eenvoudigst op het adres: http://meandermagazine.net/service

Reageren op of vragen over de inhoud van Meander? http://contact.meandermagazine.net

Medewerkers: zie het colofon op de site.
Wil je ook meewerken aan Meander? Klik dan hier en vul je gegevens in.

Centraal staan in de rubriek Dichters? Zie http://kopij.meandermagazine.net

FinanciŽn:
Meander is gratis, maar krijgt geen subsidie. Dus ook uw financiŽle bijdrage is nodig!
Voor maar 11 euro per jaar bent u donateur van Meander!
Zie http://meanderstichting.info/steun.html hoe u zich als donateur aan kunt melden.
Losse bijdragen vanuit Nederland kunnen worden overgemaakt op Postbank giro 4451410 ten name van Stichting Literatuursite Meander te Delft onder vermelding van 'donatie'.
Hier vindt u hoe u vanuit BelgiŽ geld kunt overmaken naar de stichting.

Verdere verspreiding van de in deze uitgave opgenomen teksten is alleen toegestaan met voorafgaande en uitdrukkelijke toestemming van de auteur(s)